Bank is kleine belegger liever kwijt dan rijk

Door administratieve rompslomp zien banken particuliere beleggers soms liever gaan dan komen.

Herinnert u zich deze nog, de campinghausse van 1997? Het waren drukke tijden op het Damrak. Particuliere beleggers plaatsten in de zomer van '97 massaal vanuit de caravan in Zuid-Frankrijk via hun mobiele telefoon kooporders op de beurs. Ze duwden daarmee de AEX-index naar ongekende hoogte. Banken omarmden enthousiast deze nieuwe toetreders tot de effectenmarkten. Hoge provisie-inkomsten lonkten.

Inmiddels is het tij gekeerd. De koersen zijn al drie jaar aan het dalen. Kleine beleggers mijden het Damrak. Teleurgesteld stappen ze naar rechter of klachtencommissie. Hun vermogens zijn verdampt en graag geven ze bank of beleggingsadviseur daarvan de schuld.

De banken denken intussen wel twee keer na of zij nog wel zo graag particuliere beleggers willen bedienen. Dat blijkt uit recent onderzoek naar zorgplicht dat Ernst & Young heeft gehouden onder zes banken (twee kleine, twee middelgrote en twee grote). Financiële instellingen kijken nadrukkelijker of zij particuliere beleggers nog wel in hun bestand willen hebben. Van der Hoop Effectenbank liet eind vorig jaar al weten dat de deur alleen nog open staat voor klanten met minimaal een vrij belegbaar vermogen van 100.000 euro.

Sinds 1 januari 2003 moeten financiële instellingen van hun beleggende klanten uitgebreide zogeheten risicoprofielen in huis hebben. Daarin moeten onder meer afspraken met de klant zijn vastgelegd over hoe er belegd gaat worden. Kiest de belegger een behoedzame aanpak (obligaties bijvoorbeeld), of gaat hij voor de meer risicovolle strategie (aandelen of opties)? ,,De deadline van 1 januari heeft de banken nogal onder druk gezet. Het vergt een grote krachtsinspanning om die gegevens te verzamelen en in te voeren. Vandaar dat er banken zijn die kleine beleggers liever even kwijt zijn'', zegt Tom Loonen, die promotieonderzoek doet naar zorgplicht. Loonen was ook betrokken bij het opstellen van het onderzoek, dat werd gedaan in opdracht van Ernst & Young Financial Services.

Ook zaken als inkomen en pensioenverplichtingen moeten in het risicodossier. Telefoontjes tussen bank en klant over beleggingsadviezen opnemen en vastleggen behoort eveneens tot de dossiervorming. Deze uitgebreide documentatie dient de bank ook te beschermen tegen mogelijke claims van ontevreden beleggers. ,,Ik kan mij voorstellen dat banken zich afvragen in hoeverre het bedienen van kleine beleggers vanuit het oogpunt van kosten, baten en risico's, nog wel verantwoord is'', zegt Hein Blocks, directeur van de Nederlandse Vereniging van Banken. ,,De vaste kosten voor de kleine belegger zijn relatief zwaarder.''

In het onderzoek werd ook de vraag aan de beleggingsadviseur gesteld over wat zijn belangrijkste verantwoordelijkheden zijn. ,,Het waren vooral zorgplichtstaken waar zij als eerste op wezen. Het zoeken naar winstgevende beleggingsmogelijkheden stond niet voorop'', constateert onderzoeker Loonen. De ondervraagden vonden vooral het zogenoemde ken-je-klant principe (know your customer), en in het verlengde daarvan `het accuraat vaststellen van het risicoprofiel en dat periodiek aanpassen' belangrijk. Het voorkomen van claims lijkt zo voor de aanbieders een belangrijkere rol te spelen dan het behalen van hoge rendementen voor hun cliënten.

,,Er is wel een zekere trend in de branche om kleine klanten naar standaardproducten te verwijzen'', zegt Kees Oosterholt, van het Dutch Securities Institute (DSI). Het DSI is het keurmerkinstituut van de effectenbranche waartoe beleggers zich wenden als zij een geschil hebben met de bank. Wie belegt in standaardproducten als beleggingsfondsen heeft natuurlijk ook een risicoprofiel, alleen is dat voor de bank makkelijker bij te houden. Oosterholt: ,,De conjunctuur zit tegen, hier en daar bouwen effectenhuizen hun bediening aan particuliere beleggers af.''

Het onderzoek concludeert dat financiële instellingen kleine beleggende klanten voorlopig de rug zullen toekeren. Ze leveren relatief weinig op, terwijl ze wel een hoger risico vormen op schadeclaims. Veel instellingen vinden bovendien dat de regulering met betrekking tot zorgplicht voor de kleine belegger niet duidelijk is. ,,De normen voor zorgplicht veranderen in de tijd. Je wordt als bank, als het slecht gaat met de beurs, met terugwerkende kracht aangesproken op basis van de normen die nu gelden'', zegt Blocks van de NVB.

    • Philip de Wit