Alles wordt alsmaar erger bij Nelissens eenzame schooljuf

Gerti is een alleenstaande onderwijzeres te Purmerend die net terug is van een verregende vakantie op de Veluwe. Ze teert op de bitterzoete herinnering aan een voorbije relatie met de schoolfotograaf en op de moederlijke liefde voor haar neefje André, die ook niet meer langskomt. Verder heeft ze haar platen van Bob Dylan, en haar twee katten. Het is niet veel en het is niet genoeg. De eenzaamheid maakt haar kwetsbaar, voor krenkingen van haar dominante zus en haar koude moeder. De eenzaamheid maakt haar ook boos en onredelijk: ,,Mannen vinden mij gewoon te moeilijk, punt.''

De monoloog Kom maar bij het vrouwtje, geschreven en gespeeld door Servaes Nelissen, is bijna ondraaglijk treurig én licht en subtiel. Subtiel is de wijze waarop Nelissen met minimale middelen tot vrouw transformeert: een onopvallende pruik met kort grijs haar, een klein beetje lippenstift en rouge, seksloze kleding. Hij houdt zijn eigen, slepende stem en houdt ook verder de rol dicht bij zichzelf.

Subtiel is zijn kleine spel. Met kleine hoofdbewegingen, korte blikken de zaal in, nauwelijks merkbaar rusteloos gedrentel toont hij de gekooidheid van zijn personage.

Met terloops gebabbel toont hij hoe het kleine leven van de vrouw steeds meer om dezelfde zaken draait: zus, neefje, voorbije liefde. Haar toon is berustend, relativerend, maar er is geen sprake van verwerking of vérder gaan. Er vallen alleen maar afleidende bezigheden af; school vindt ze ook al niet meer leuk. Het wordt alleen maar erger.

Gelukkig weet Nelissen alles licht te houden met zijn droogkomische toon. Want door de alledaagse huiselijkheid komt het leed angstig dichtbij. Je hoeft geen alleenstaande onderwijzeres te Purmerend te zijn om Gerti te herkennen.

Voorstelling: Kom maar bij het vrouwtje door Servaes Nelissen. Eindregie: Porgy Franssen. Gezien: 23/1 Fijnhout Theater Amsterdam. Aldaar t/m 25/1. Tournee t/m maart, op Oerol in juni, en volgend seizoen. Inl: 050-3024121.

    • Wilfred Takken