Schots platteland weer voor het volk

Het feodaal ingerichte platteland van Schotland ondergaat zijn grootste verandering sinds 300 jaar. Gisteren nam het Schotse parlement met grote meerderheid een wet aan die vrije toegang geeft tot particuliere terreinen en die lokale gemeenschappen het recht geeft om landgoederen te kopen, desnoods tegen de wil van de eigenaar.

De wet breidt een bestaand toegangsrecht voor landgoederen uit tot een `verantwoord right to roam', een `dwaalrecht', dat zelfs geldt voor Balmoral, het Schotse bezit van de Britse koningin. Lokale gemeenschappen krijgen het eerste kooprecht zodra een landgoed op de markt komt. Op een reeks eilanden, waaronder Assynt en Egg en het schiereiland Knoydart konden de plaatselijke bewoners dat met steun van overheid en natuurbeschermers de afgelopen jaren al doen, nadat buitenlandse eigenaars hun – vaak verwaarloosde – bezit te koop zetten.

De wet geeft in sommige gevallen crofters (pachtboeren) het recht een eigenaar tot verkoop van land plus lucratieve visrechten te dwingen. De schatkist zal daartoe bijspringen. Bijna negentiende van Schotland is particulier bezit, verdeeld over 1.500 landgoederen.

Alleen de leden van de (kleine) Conservatieve fractie van het Schotse parlement stemden tegen de wet. Een van hen, Bill Aitken, zei dat het parlement nu een vorm van ,,landjepik'' goedkeurt ,,waarop Mugabe trots zou zijn''. De linkse fracties in het parlement proberen de ,,klassenstrijd van 200 jaar geleden over te doen'', zei hij met een verwijzing naar de Highland clearances in de achttiende eeuw, toen grootgrondbezitters massaal boeren van hun land verwijderden om plaats te maken voor intensieve schapenhouderij.

Sommige grootgrondbezitters steunen de wet, omdat die zou afrekenen met Arabische sjeiks en investeringsbanken die Schotse landerijen bezitten, maar die zich daar zelden vertonen of hun land misbruiken.