Duitsland: de ervaring weegt zwaar

Wat Duitsland het meest stoort is dat de Verenigde Staten doen alsof de terughoudendheid om oorlog te voeren louter is ingegeven door koppigheid.

Het `oude Europa', nog niet zo lang geleden synoniem voor politiek gekibbel, staatsinterventie, lage economische groei en algehele traagheid, is op slag veranderd in een geuzennaam. Sinds gisteren staat Europa weer voor verlichting, humanisme en door oorlogsleed geschraagde wijsheid. Met dank aan Donald Rumsfeld, minister van Defensie in de nieuwe wereld.

Duitse intellectuelen en politici van alle partijen waren gisteren eensgezind in hun kritiek op Rumsfeld, die Duitsland, evenals Frankrijk, als ,,een probleem'' betitelde en de Duits-Franse kritiek op een oorlog tegen Irak als een dwaling van ,,het oude Europa'' terzijde schoof.

,,Ik vind het niet goed als nu wordt gedaan alsof wij het oude Europa zouden zijn'', zei Angela Merkel, fractieleider van de christen-democraten in de Bondsdag en één van de belangrijkste critici van Schröders rechtlijnige verzet tegen een aanval op Irak. Volker Rühe, buitenland-specialist van diezelfde CDU: ,,Rumsfeld is niet bepaald een diplomaat en het is ook niet slim om zoiets te zeggen.'' Europarlementariër Bernd Posselt van de CDU's zusterpartij CSU sprak zelfs van ,,neokolonialisme''.

Bondskanselier Gerhard Schröder en de Franse president Jacques Chirac, gisteren in Berlijn bijeen voor de tweede dag van de festiviteiten in het kader van de veertigste verjaardag van het zogenoemde Elysée Verdrag, onthielden zich van direct commentaar op Rumsfelds uitlatingen. Minister van Buitenlandse Zaken Joschka Fischer (Groenen) zei daarentegen: ,,Ik denk niet dat onze houding een probleem is. [...] Inderdaad is de cultuur en de staatsinrichting in Europa ouder dan in de Verenigde Staten.''

De conservatieve Frankfurter Allgemeine Zeitung (FAZ) liet onder de kop `Antwoord van het oude Europa aan de heer Rumsfeld' intellectuelen uit Frankrijk en Duitsland een repliek schrijven. Terwijl de Amerikanen in het Europese verzet tegen een oorlog alleen koppigheid zien, schrijft hoofdredacteur Frank Schirrmacher, is het de ervaring van verschillende generaties met oorlogsleed die het verzet voedt.

De krant schaart zich achter de uitspraak van Paul Valéry uit 1919: ,,De huidige dag stelt ons voor een kwestie van het grootste belang. Wordt Europa wat het werkelijk is: een klein voorgebergte van het Aziatische vaste land? Of zal Europa dat blijven wat het ogenschijnlijk is: het kostbaarste deel van onze aarde, de kroon op onze planeet, het geheugen van een omvangrijk lichaam?''

De Duitse filosoof Jürgen Habermas draait in zijn FAZ-bijdrage de kwestie om. Hij verwijt juist Rumsfeld, voorstander van een van buitenaf opgedrongen machtswisseling en theoreticus van de `pre-emtive strike', vormen van `oud' denken. Ook de Duitse filosoof Peter Sloterdijk onderstreept dat juist het kamp dat verzet aantekent tegen de oorlog, het meest vooruitstrevende is. ,,Het oude Europa, door Frankrijk en Duitsland eervol vertegenwoordigd, is de vooruitstrevende fractie in het Westen.''

Volgens Sloterdijk heeft Europa geleerd van de oorlogen en een `post-heroïsche' politiek omarmd, de VS daarentegen houden vast aan ,,de conventies van het heldendom''. Helden als Rumsfeld en Bush, stelt Sloterdijk, geloven dat geweld bevrijdt en dat cultuur en wetten slechts bij mooi weer gelden.

    • Michel Kerres