Breda voor aankoop van NAC-stadion

Een meerderheid in de Bredase gemeenteraad is op hoofdlijnen akkoord met de aankoop van het NAC-stadion door de gemeente Breda. Dat bleek gisteravond na een ruim drie uur durende vergadering van de raadscommissie middelen.

De aankoop door de gemeente maakt voor het nieuwe bestuur van NAC de weg vrij voor de gezondmaking van de Bredase betaaldvoetbalorganisatie. Die verkeert in ernstige financiële problemen.

De gemeente heeft 15,7 miljoen euro voor de aankoop over. Dat bedrag zal wat omlaag gaan omdat bijna alle fracties niet zullen instemmen met een jaarlijkse subsidie als impuls voor de jeugdopleiding bij NAC, ook niet als NAC die samen met de amateurclub Baronie zou gaan organiseren. Enkele fracties willen ook dat NAC, ondanks de noodzakelijke scherpe saneringsmaatregelen, gaat werken aan een financiële buffer.

De meeste fracties hadden forse kritiek op het eerdere werk van de saneringscommissie onder leiding van Jos Staatsen, de vroegere voorzitter van de KNVB. Die commissie had niet in de gaten dat het eerdere voorstel om een gemeentelijk overbruggingskrediet van 4,2 miljoen euro beschikbaar te stellen in strijd is met de Europese regelgeving. Het werk van die commissie heeft 680.000 euro gekost. De gemeente Breda kwam uiteindelijk met een geheel ander voorstel aan de raad.

Bijna alle fracties drongen erop aan dat de nieuwe raad van commissarissen fors gaat snijden in de salarissen van de spelers van NAC en in de autokosten van 468.000 euro van de voetbalclub. De spelers verdienen bij NAC gemiddeld een kwart miljoen euro per jaar. Als de gemeenteraad het voorstel volgende week donderdag aanneemt, zal NAC voortaan NAC Breda heten. Voor de koppeling van de naam Breda aan NAC heeft het college van burgemeester en wethouders een eenmalige sponsoring van 340.000 euro over.