Slotoffensief in aanloop oorlog Irak is begonnen

De Verenigde Staten koersen linea recta af op een oorlog met Irak. Schoten voor de boeg in overvloed.

Het slotoffensief van de aanloop naar oorlog is ingezet. Het Amerikaanse top-echelon trekt als een gesloten front richting Bagdad. Frankrijk stribbelt tegen? Doen ze altijd. Duitsland doet niet mee? Weet U nog vorige zomer wat die Schröder deed? President Bush houdt de vijand in het vizier.

De beslissing om aan te vallen is nog niet genomen. Dat wordt iedere keer herhaald. Vrede heeft onze voorkeur, maar in het uiterste geval schuwen wij militaire middelen niet. Het is niet onze beslissing. Saddam Hussein is degene die oorlog kan voorkomen door te doen wat hij nog nooit heeft gedaan: zijn verplichtingen nakomen, meewerken aan ontwapening.

Vorige week heette het nog dat 27 januari, de dag waarop Hans Blix, het hoofd der VN-wapeninspecteurs verslag uitbrengt van zijn bevindingen in Irak, geen deadline was. De laatste dagen is de toon in Washington veranderd. President Bush gebruikt weer cowboytermen. De gecoördineerde actie rolt als een overtuigingswals over de wereld.

Eergisteren hield Richard Armitage, Colin Powells tweede man op het ministerie van Buitenlandse Zaken een schot voor de boeg-toespraak voor het U.S. Institute of Peace. Gisteren stelde minister van Defensie Rumsfeld zich een uur open voor vragen van buitenlandse journalisten. Hij tracteerde hen in een geladen atmosfeer op zijn gebruikelijke schertsende humor die slechts diende ter opvrolijking van zijn rotsharde, in wezen pessimistische wereldvisie.

Steeds kwam weer de vraag om concrete bewijzen. Steeds vinniger de repliek dat Saddam Hussein degeen is die iets heeft te bewijzen, uitmondend in een gedreven monoloog over de strijd op leven en dood binnen de islam, waar de goeden hun religie moeten heroveren op de kwaden die jongeren aanraden Amerika en het westen te haten.

Uiterlijk onbewogen gaf Rumsfeld, die steeds meer als president Bush' minister van zielenmassage optreedt naast zijn werk op het Pentagon, zijn diepste overtuiging. ,,Het is 2003. Niemand van u is bang straks als hij naar buiten wandelt te worden opgeblazen of getroffen door chemische of biologische wapens. Maar de verspreiding van massavernietigingswapens is zodanig dat er over vijf of tien jaar drie, vier, vijf nieuwe kernwapenmogendheden zijn. Die zijn niet zoals het Verenigd Koninkrijk of Frankrijk, maar als Noord-Korea, terreurstaten die betrekkingen hebben met terroristische organisaties. Die spullen zijn makkelijk te maken en makkelijk te vervoeren. Dát is de wereld waarin wij leven. Dat is niet alleen een probleem voor de Verenigde Staten, maar voor de hele wereld. Daar gaat iedereen de grootst mogelijke ellende van krijgen. En het moment om die voor te zijn is nú.''

Het enige harde nieuwe nieuws dat Rumsfeld bracht was de verzekering dat ,,de president, áls hij besluit dat het nodig is geweld te gebruiken tegen Saddam Hussein, hoogstwaarschijnlijk de wereld enige aanvullende informatie zal geven over Iraks massavernietigingswapens en zijn relatie tot terroristische organisaties''.

's Avonds was de beurt weer aan minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell, die in een tv-vraaggesprek – harder van toon dan de afgelopen maanden – dezelfde boodschap uitdroeg. Plus: ,,Wij zullen in de gelegenheid zijn een democratie in Irak te installeren die een voorbeeld voor de regio zal zijn.''

Vandaag neemt Paul Wolfowitz, de wereld-ideoloog van de regering en onderminister van Defensie, de fakkel over met een als belangrijk aangekondigde toespraak. Tegelijk schreef Nationale Veiligheidsadviseur Condoleezza Rice op de opiniepagina van de New York Times `Why we know Irak is lying', `Hoe we weten dat Irak liegt'.

Op het Witte Huis is deze week intussen het Office of Global Communications gelanceerd, het Bureau voor Mondiale Communicatie. Het ministerie van Buitenlandse Zaken was al maanden bezig door middel van tv-spotjes en Arabische popzenders (met Amerikaans nieuws) de moslimgeesten te bewerken. Die operatie gaat nu in de overdrive.

Komend weekeinde is Colin Powell de sterattractie op de G-1000, het massa-symposium voor managers en regeringsleiders dat dit jaar weer veilig in Davos plaatsheeft. De minister zal daar naar verwachting de voorzet geven die president Bush dinsdag in zijn jaarlijkse State of the Union wil inkoppen. Voor scheidsrechter Hans Blix is het maandag de kunst niet in de lijn van de bal te staan.

    • Marc Chavannes