Premsela strijdt voor vormgevers

De nieuwe stichting voor Nederlandse vormgeving, Premsela, opende afgelopen vrijdag haar deuren. Ze wil de vormgevingsindustrie in Nederland een nieuwe impuls geven, want momenteel is er `geen beleid'.

De stichting Premsela, genoemd naar wijlen vormgever Benno Premsela, neemt de plaats in van het Nationale Vormgevingsinstituut dat tweeënhalf jaar geleden werd opgeheven. Dat instituut opereerde, zo vond het ministerie van OC en W, op een eilandje. De communicatie tussen het instituut en het werkveld was volgens veel vormgevers gebrekkig. Directeur Dingeman Kuilman van de nieuwe stichting voor Nederlandse vormgeving belooft dan ook beterschap: ,,Wij worden geen Bureau Voskuil.''

Tijdens het openingsdebat, dat afgelopen vrijdag geleid werd door Hanneke Groenteman, waren de sprekers het er over eens dat er de laatste jaren in Nederland `een totaal gebrek aan vormgevingsbeleid heerst'. Zo ontbreken cijfers over de hoeveelheid Nederlandse vormgevers en voor wie ze werken. Het cultureel erfgoed van de Nederlandse vormgeving wordt momenteel nauwelijks beheerd. Door een gebrek aan contacten is de internationale positie van Nederlandse vormgeving de laatste jaren verslechterd, zegt ook Natascha Drabbe van Premsela, die eerder een aantal internationale vormgevingsbeurzen organiseerde. ,,Er werd me steeds gevraagd `waar zijn de Nederlanders?''', aldus Drabbe.

De stichting voor Nederlandse vormgeving moet Nederland weer op de kaart zetten. ,,Het moet een soort relatiebemiddelingsbureau worden, dat een schakel vormt tussen vormgevers onderling en tussen de vraag-en aanbodkant'', zegt Kuilman. Om die contacten te bevorderen zal er een databank worden aangelegd met namen en adressen uit de vormgevingswereld, er wordt werk van vormgevers door de stichting tentoongesteld in haar onderkomen in Amsterdam en er zal veel gelobbyd worden om de positie van Nederlandse vormgevers in het bedrijfsleven te verbeteren.

De positie van Nederlandse vormgevers in het internationale bedrijfsleven kwam tijdens het openingsdebat ook ter sprake. Door de internationalisering van het productieproces zouden bedrijven steeds meer kiezen voor eenduidige vormen en raken de `eigenwijze' Nederlandse vormgevers uit beeld. ,,Maar ook hiervoor geldt: we hebben geen cijfers'', vertelt Drabbe. ,,Pas als we cijfers weten, kunnen we er een fatsoenlijk beleid op loslaten.'' Aan het eind van het huidige kunstenplan, eind volgend jaar, worden de resultaten van Premsela getoetst door het ministerie van OC en W, dat de stichting volledig subsidieert.

Premsela, Rapenburgerstraat 123, Amsterdam. Inl: 020-3449449