En nu niet denken `we zijn er weer'

De PvdA herstelde gisteren het verlies van 15 mei. Maar partijleider Bos houdt vast aan de lessen van dat verlies. Regeren mag, de straat op móet.

Bescheidenheid, bescheidenheid, bescheidenheid. Ook na de negentien Kamerzetels winst van gisteren blijft bij de PvdA het codewoord van de succesvolle verkiezingscampagne van kracht. De PvdA beleefde een opmerkelijke electorale wederopstanding, die in snelheid en omvang alle verwachtingen overtrof. Maar juist dat brengt weer nieuwe zorgen voor de partijtop met zich mee: hoe te voorkomen dat het snelle herstel de vernieuwing in gevaar brengt die ná de monsternederlaag van 15 mei in gang was gezet? Hoe vermijdt een partij die graag weer wil regeren de `bestuurlijke reflex' en houdt zij contact met `de straat'?

De eerste lijnen werden gisteren uitgezet op de verkiezingsavond in de stampvolle Amsterdamse discotheek Escape, met opvallend jong publiek. De PvdA mag zich van zichzelf niet te gretig tonen in haar regeerdrang en niet voetstoots geloven dat het wel weer goed zit tussen partij en kiezers. Partijvoorzitter Koole zette kort na de eerste prognoses om negen uur de toon in een toespraakje. Eerst de vreugde: ,,15 mei is in de geschiedenis van de PvdA gepasseerd door 22 januari'', hield hij de juichende zaal voor. Dan de waarschuwing: ,,Dit zijn maar de eerste stappen. We blijven luisteren naar de kiezer. We gaan zorgen dat we niet meer in onszelf gekeerd raken.''

Partijleider Bos was zo mogelijk nog voorzichtiger. Met groot gejuich werd hij onthaald toen hij de zaal betrad. Bos kon claimen overtuigend te zijn geslaagd in de opdracht die hij zichzelf amper twee maanden geleden stelde, bij zijn verkiezing tot lijsttrekker: het miljoen kiezers terughalen dat de PvdA op 15 mei verloor. Maar hij sprak de zaal niet toe als een overwinnaar die zijn doel bereikt heeft. Hij hield het erop dat ,,langzaam weer het vertrouwen groeit in de PvdA''. En waarschuwde: ,,Maar het herstel van vertrouwen is fragiel, het is broos. Vanaf morgen moeten we het waarmaken, en dat is vele malen moeilijker.''

Over regeringsdeelname zei Bos dat de PvdA ,,de verantwoordelijkheid niet uit de weg zal gaan'' als de partij ,,gevraagd wordt'' om aan de formatie mee te doen. Weer bescheiden: ,,Wij hebben ons lesje geleerd: we willen niet koste wat het kost regeren.''

Andere PvdA-prominenten hanteerden dezelfde toon als de nieuwe leider. Ex-premier Kok, als enige van de `oude' PvdA prominent aanwezig en luid beapplaudisseerd, was ,,heel trots'' op het herstel, maar zei ook: ,,We zijn er nog lang niet.'' Burgemeester Cohen van Amsterdam, premierkandidaat als de PvdA wel de grootste was geworden, vond de snel herwonnen kiezersgunst mooi maar ,,ook een beetje eng''. Teleurstelling dat het CDA met 44 zetels toch twee zetels groter werd – en hij dus geen premier – toonde hij niet. Cohen prees ,,de nieuwe vitaliteit van de PvdA'', maar waarschuwde voor te veel vertrouwen in de nieuwe kiezer: ,,Het is dun. We moeten niet denken: we zijn er weer.''

De PvdA is er ook beducht voor de overwinning alleen toe te schrijven aan het televisiegenieke optreden van Bos. ,,Er is wel een `Bos-effect'', gaf voorzitter Koole vanmorgen toe in een campagneleidersdebat in Den Haag. ,,Maar dat is ook gebaseerd op een basis van vernieuwing in de partij waar hij zich op kon beroepen en die hem betrouwbaar maakte.''

Toch geldt Bos ook weer als belangrijkste garantie dat die vernieuwing verder gaat. Als eerste partijleider die door directe ledenraadpleging is gekozen beschikt hij over een sterk mandaat om veranderingen door te voeren. In de campagne heeft hij zich, bijgestaan door een aantal vertrouwde reclame-adviseurs, een boodschapvaste pleitbezorger betoond van de nieuwe bescheidenheid, door zijn optreden in debatten op de markt, in koffiehuizen en op televisie. Bos bleek bovendien bereid zich met deze rol te blijven identificeren door zijn mogelijke premierkandidatuur af te wijzen toen de peilingen die mogelijkheid onverwacht in beeld brachten.

Ondertussen omringde hij zich met jonge adviseurs, zoals de partijmedewerkers Marco Esser en Arjen Berkvens en leden van (voormalige) vernieuwingsbewegingen in de PvdA, zoals de jonge wethouders Jan Hamming (Tilburg) en Paul Depla (Nijmegen) en ex-Nietnixers Erik van Bruggen en Alex Klusman. Zij delen met Koole het streven naar meer directe democratie in de partij.

Voorlopig worden de vernieuwers geholpen door de omstandigheid dat de vreugde over het herstel de schrik over de nederlaag nog niet heeft verdreven. Er was gisteren geen sociaal-democraat te vinden die niet uitdrukkelijk openheid, het campagnevoeren op straat en luisteren naar de burger, in plaats van het beter weten, zou propageren. Tot het laatste moment waren Kamerkandidaten 's middags blijven folderen. Ook 's avonds liepen sommigen nog in de rode campagnejassen met folders in de zakken. Een enkeling, zoals nummer 27 Staf Depla, broedde tijdens de feestavond alvast op plannen om de vergadercultuur in de fractie open te breken.

Tegelijk was er ook hier en daar opluchting dat niet de PvdA de grootste is, maar het CDA. Kamerlid Jeroen Dijsselbloem, nummer 33: ,,Psychologisch is het misschien makkelijker voor de formatie als zij de grootste worden.''

Burgemeester Wallage van Groningen bekeek de verkiezingsuitslag ,,vooral vanuit de positie van de sociaal-democratie'', zei hij aan het eind van de avond. ,,Wij waren de staat, we werden er meer mee vereenzelvigd. Daarvoor zijn we in het strafbankje gezet. Nu zijn we weer een autonome kracht. Dat is grote winst.''