Het nieuws van 23 januari 2003

Voorkeur Beeldende Kunst

Edgar Fernhout

Bij het binnenkomen van een van de eerste zalen van de Fernhouttentoonstelling in het Gemeentemuseum Arnhem valt het oog direct op drie sobere, maar indringende stillevens. Deze strenge, consequente schilderijen dateren uit het begin van de jaren dertig, toen Edgar Fernhout zich net een beetje aan het bevrijden was van de knellende vleugels van zijn moeder Charley Toorop. De expositie in Arnhem concentreert zich op Fernhouts neo-realistische periode, tot net na de Tweede Wereldoorlog. Het meest verrassend zijn de portretten: strakke, vaak strenge portretten en zelfportretten die doen denken aan het werk van tijdgenoten als Dick Ket, Willink, Pyke Koch en nu en dan ook de zachtere Jan Mankes. Fernhout bekeerde zich tegen het eind van de jaren vijftig tot het modernisme en ging `abstract' schilderen. Zelf heeft hij geprobeerd dit neo-realistische werk zoveel mogelijk te verdoezelen, omdat hij niet met een dergelijke weinig vooruitstrevende stroming geassocieerd wilde worden. Of was hij onzeker over de kwaliteit van zijn werk? Op de expositie hangt verrassend veel dat de moeite waard is, maar er blijkt ook uit dat hij niet een heel consistent kunstenaar was. In hetzelfde museum is een kleine presentatie te zien van een tijdgenote van Fernhout, de al even bezeten Ali Goubitz. Een kleine, vergeten meesteres die begon als protégé van de bejaarde schilder Roland Holst. Goubitz schilderde aanvankelijk in een aan het naïeve grenzende realistische stijl, fris en zakelijk, en eindigde na een abstracte periode als een foto-realiste. Net als Fernhout nam ze het leven niet gemakkelijk en haar kunst ook niet.

Edgar Fernhout, neo-realist t/m 9 maart en Ali Goubitz t/m 23 febr in Museum voor Moderne Kunst Arnhem, Utrechtseweg 87, Arnhem. Di t/m vr 10-17u, za en zo 11-17u.