`Snuffelpaal' tegen bio-aanval in VS

In een poging het aantal slachtoffers van een mogelijke aanval met biologische wapens op de Verenigde Staten te beperken, gaat de Amerikaanse regering bestaande apparatuur voor de controle van de luchtkwaliteit aanpassen.

Volgens de Amerikaanse krant The New York Times wil Washington het met behulp van een groot deel van de 3.000 `snuffelpalen' die in het hele land staan opgesteld (meetstations van de Dienst Milieubescherming, EPA), mogelijk maken binnen 24 uur vast te stellen of sprake is van dodelijke stoffen in de lucht, zoals miltvuurbacteriën (antrax) of het pokkenvirus, of andere gevaarlijke stoffen. Zo wordt een biologische aanval niet voorkomen, maar kan het aantal slachtoffers wel worden beperkt. Medisch personeel zou zo ook meer tijd hebben om Amerikanen preventief te vaccineren.

Hoewel regeringsfunctionarissen niets hebben gezegd over het aantal EPA-stations dat zal worden aangepast, zal waarschijnlijk in New York, waar zeven van die meetinstallaties aanwezig zijn, met het programma worden begonnen.

De introductie van het nieuwe systeem, dat Bio-Watch heet, is een initiatief van het nieuwe ministerie voor Binnenlandse Veiligheid. Volgens het ministerie heeft het initiatief niet met een specifieke dreiging te maken, maar duidelijk is dat de VS, die zich voorbereiden op een oorlog tegen Irak, bezorgd zijn over de mogelijkheid van een biologische aanval.

De Amerikaanse regering is nog bezig met de ontwikkeling van een betrouwbaar en goedkoop systeem waarmee de aard van een biologische aanval meteen kan worden vastgesteld. Een nadeel van het huidige systeem is dat het traag is en alleen schadelijke stoffen kan vaststellen wanneer die in grote en dus zeer schadelijke hoeveelheden in de lucht voorkomen. De aanslagen met de miltvuurbacterie van oktober 2001 zouden er niet mee zijn voorkomen.