Kapitaalvlucht Europa ten halve gekeerd

Het bankgeheim blijft ook in Europa bewaard, maar tegen een prijs. Het gisteren gesloten Europese akkoord over spaartegoeden gaat stiekeme spaarders geld kosten.

Vluchten kan niet meer voor Europese spaarders en beleggers. Ingezetenen van de Europese Unie die hun kapitaal buiten bereik van de eigen fiscus willen houden door het geld op bijvoorbeeld een Luxemburgse of Zwitserse bank te zetten, moeten per 1 januari 2004 een oplopend percentage bronbelasting gaan betalen.

Vooral Duitsland en Frankrijk hebben steeds sterk aangedrongen op een regeling, omdat zij miljarden euro's mislopen door kapitaalvlucht. ,,Ik ben gelukkig en tevreden'', zei minister van Financiën Hans Eichel (SPD) dan ook gisteravond. ,,We maken een einde aan de belastingontduiking in Europa en elders. Dat is goed nieuws voor alle eerlijke burgers.''

Volgens sommige schattingen zouden Duitsers 300 miljard euro aan spaargeld en beleggingen in het buitenland hebben. Duitsland kan de rente-opbrengst goed gebruiken, juist nu het na een 'rode kaart' van Brussel een excessief budgettekort moet wegwerken. Eichel kwam onlangs met een wetsvoorstel voor een gematigde Duitse bronheffing van 25 procent in een poging het vele geld naar de eigen banken terug te halen. Een amnestieregeling moet hierbij helpen.

De algemene verwachting is dat door de bronheffing van 35 procent die landen als Luxemburg en Zwitserland vanaf 2010 moeten heffing veel spaargeld naar het thuisland van de spaarder zal terugvloeien, omdat kapitaalvlucht dan niet meer lonend is. Wie z'n geld dan nog over de grens brengt, heeft misschien echt iets te verbergen.

De Nederlandse Vereniging van Banken heeft in het verleden altijd geijverd voor volledige informatie-uitwisseling of uniforme bronbelasting. ,,Geen verschil in tarieven zou het mooiste zijn. Dat is niet gelukt. De verschillen zijn nu in ieder geval kleiner geworden'', zegt Hein Blocks, directeur van de NVB in een reactie op het Europese akkoord.

Er zijn drie categorieën buitenlandspaarders. De eerste zet zijn geld op buitenlandse rekening vanwege de risicospreiding. Dat doen onder meer mensen die nog de Tweede Wereldoorlog hebben meegemaakt. De tweede groep doet het wegens de gunstige belastingtarieven voor de rente-inkomsten. En de derde groep bestaat uit mensen die er hun zwart verdiende inkomens stallen.

De NVB verwacht niet dat de laatste groep nu zijn geld zal wegsluizen naar andere oorden met bankgeheimen, zoals de Kaaimaneilanden. Blocks: ,,In de landen met bankgeheim, zoals Luxemburg en Oostenrijk, zal er belasting worden geheven over de rente-inkomsten van de buitenlandse rekeninghouders, maar deze belastingheffing is anoniem.'' De Luxemburgse belastingdienst maakt de geheven belastingen van bijvoorbeeld Nederlandse spaarders in een klap over. Het gaat dan om het complete bedrag. De namen van rekeninghouders worden er niet afzonderlijk bij vermeld. De nieuwe afspraak zal volgens Blocks vooral leiden tot minder kapitaalvlucht van mensen die in elders gunstige rentetarieven zoeken.

ABN Amro laat desgevraagd weten nog niet te kunnen aangeven wat de gevolgen van het Europese besluit zullen zijn. Het hangt er volgens de bank ook van af of er nog landen komen met amnestiewetgeving, die mensen met zwart geld de mogelijkheid biedt op een gunstige manier met hun spaargeld terug te keren naar hun thuisland.

De Europese Commissie heeft al sinds 1989 gepoogd de vereiste unanieme steun van de vijftien lidstaten te krijgen voor een EU-richtlijn over belasting op spaargeld. In 1997 leek een akkoord ophanden, dat veel lijkt op het nu bereikte compromis, waarbij Luxemburg en Oostenrijk hun bankgeheim overeind kunnen houden. Maar daarop eiste Groot-Brittannië alsnog volledige en automatische informatieverstrekking door alle lidstaten.

Luxemburg, Oostenrijk en België bedongen daarop tijdens een EU-top in 2000 in het Portugese Feira dat de Europese Commissie dan eerst met `derde' landen als Zwitserland, San Marino, Monaco en de Verenigde Staten akkoorden over een ,,equivalente'' regeling moest sluiten. Anders zou veel geld naar die landen wegvloeien. Volgens sommigen had vooral Luxemburg, waarvoor de banksector van levensbelang is, de stille hoop dat de Zwitsers nooit zouden toegeven. Afhankelijke gebieden als de Nederlandse Antillen en de Kanaaleilanden moesten een `gelijke' regeling accepteren, wat intussen ook is gebeurd.

Eind vorig jaar kwam een oplossing naderbij toen Zwitserland zich uiteindelijk bereid toonde een bronbelasting van 35 procent te heffen en op verzoek informatie te verstrekken bij ,,fraude en gelijkaardig wangedrag'' van een belastingbetaler. Belastingontduiking valt hier volgens de Zwitserse strafwet niet onder. De Zwitsers waren op dit punt onvermurwbaar. Eurocommissaris Bolkestein gaf gisteren aan dat nog enkele ,,technische'' details met Zwitserland moeten worden geregeld. Zo wil Bern de hoogte van de bronheffing gelijk laten lopen met de bronheffing die geldt in het land van herkomst van de spaarder. Maar de EU eist dat de Zwitsers dezelfde bronheffing gaan toepassen als Luxemburg, Oostenrijk en België vanaf 2004. De regering in Bern was gisteren positief over het EU-akkoord ,,dat op essentiële punten conform de Zwitserse positie is''. Volgens het gisteren bereikte akkoord moeten Luxemburg, Oostenrijk en België pas overgaan tot automatische informatieverstrekking, zodra derde landen als Zwitserland de strenge OESO-standaard over informatie-verstrekking accepteert.

De Luxemburgse minister van Financiën tevens premier Juncker zei gisteren niet te verwachten dat de Zwiters de OESO-norm ooit accepteren ,,want dan zou Zwitserland z'n bankgeheim prijsgeven''. Luxemburg zal z'n bankgeheim dus nog tot in lengte van jaren kunnen behouden. Al gaf Juncker gisteren aan ,,geen erotische relatie met het bankgeheim te onderhouden''.

Bijdragen: Philip de Wit, Michel Kerres

    • Hans Buddingh'