Kamerlid is `geen Turks-nationalist'

Tweede-Kamerlid Coskun Çörüz (CDA) ontkent connecties te hebben met de extreem-rechtse Turkse beweging de Grijze Wolven. De Onderzoeksgroep Turks Extreemrechts `onthulde' gisteren dat Çörüz, nummer 15 op de kandidatenlijst van het CDA, bestuurslid is bij de organisatie Stichting Onderzoekscentrum en Stimuleringsfonds van de Talen en Culturen van Turkistan, Azerbaycan, Krim, Kaukasus en Siberië. Deze Sota zou streven naar vereniging van alle Turks-sprekende volkeren binnen een Groot-Turks Rijk, een ideaal van de Grijze Wolven. Sota ontkent dit.

Het Kamerlid zegt dat hij in 1992 buiten zijn medeweten als bestuurder van de stichting is geregisteerd bij de Kamer van Koophandel in Haarlem. Voorzitter M. Tütüncü van Sota, een goede bekende van Çörüz, bevestigt dit. ,,Ik had namen nodig die ik als bestuurders kon opgeven en heb zijn naam gebruikt.'' Tot 1997 konden mensen inderdaad zonder identificatie en handtekening ingeschreven worden bij de Kamer van Koophandel. Volgens de voorzitter heeft Çörüz nooit vergaderingen of activiteiten van Sota bijgewoond. ,,Ik heb juist afkeer van extreme organisaties als de Grijze Wolven'', aldus Çörüz. Tütüncü heeft Çörüz toegezegd diens naam uit het register te verwijderen.

Sota organiseerde eind mei 2002 in Haarlem een symposium ter ere van de tienjarige onafhankelijkheid van de Turkse republieken in Centraal Azië. De onderzoeksgroep zegt dat dit symposium is georganiseerd in samenwerking met de Turkse Federatie Nederland, mantelorganisatie van groepen van de Grijze Wolven in Nederland. Tijdens het symposium spraken onder anderen Ismet Harmankaya, algemeen voorzitter van de Turkse Federatie Nederland en een toenmalig topman van MHP, de politieke partij van de Grijze Wolven in Turkije.

Çörüz en Tütüncü zitten ook in het bestuur van de organisatie Cemyc, die zich inzet voor allochtone jongeren in Europa. Çörüz, voorzitter van Cemyc, zegt: ,,Ik hoef me niet te verantwoorden voor denkbeelden van andere bestuurders zolang ze zich houden aan de doelstelling van de organisatie en die is helder.'' Ook Fadime Örgü, kandidaat-Kamerlid voor de VVD zit in het bestuur van Cemyc.

Çörüz vermoedt achter de beschuldiging linkse lieden uit Turkije die de ,,politieke polarisatie'' in Turkije ,,dunnetjes overdoen'' in Nederland. ,,Ik heb voor de ambtenaren van de BVD een lezing gegeven over de multiculturele samenleving. Ze zouden me niet hebben gevraagd als ik besmet was.'' Hij zegt in 1998 ook gescreend te zijn door zijn partij.