Vertrouwen in vadertje staat

Niet alleen de vele reizigers die op winderige perrons staan te wachten op hun vertraagde treinen of uitgevallen trams klagen over de Nederlandse Spoorwegen (NS) of stroomstoringen. Ook bijna alle deskundigen en politici die nadenken over de terugtredende overheid en de daarmee ontstane schemerzone tussen markt en staat hebben grote twijfels over de toekomst van publieke organisaties die in deze zone verzeild zijn geraakt. Alles is uitbesteed, niemand is nog verantwoordelijk. Maar hoe moet het dan wel? In de laatste aflevering van een serie over `quango-land' (quasi autonomous non-governmental organisations) doet NRC Handelsblad een toekomstverkenning in drie scenario's. Wat is uw ideaal?

,,Voor de ontsluiting van Groningen en Friesland zou het goed zijn als er meer intercity's van en naar de Randstad zouden rijden'', zegt de minister van Verkeer en Waterstaat tegen directeur-generaal B. Tevreden van de NS die op deze winterdag in 2007 bij hem op bezoek is. ,,Zo krijgen we meer mensen uit de auto en het is nog goed voor het milieu ook.'' Tevreden knikt. Sinds de NS een agentschap van het ministerie is geworden, is er veel verbeterd: meer treinen rijden vaker op tijd en reizigers zijn tevreden. Maar het kan altijd nog beter. Tevreden rekent de minister voor wat het plan gaat kosten. Akkoord, zegt de minister.

Zo moet het er gaan uitzien, vindt lijsttrekker Jan Marijnissen van de SP. ,,Politici moeten weer verantwoordelijk zijn voor het uitvallen van de trein. De NS wordt een agentschap van het ministerie van Verkeer & Waterstaat, waar de vele vakbekwame mensen van NS de leiding krijgen'', schetst Marijnissen. Naast NS moeten ook andere hybride instellingen als stroom- of busbedrijven worden genationaliseerd, terwijl de kabelbedrijven moeten worden teruggekocht als er geld voor is.

Nationalisering ligt moeilijk, want de Europese Unie schrijft juist liberaliseringen voor, erkent Marijnissen. ,,Onze strategie is alle liberaliseringen tegenhouden totdat het niet meer kan. Ik geloof dat daar ook het inzicht zal groeien.'' Feit is dat in Nederland het tweede paarse kabinet het landelijke elektriciteitsnet heeft genationaliseerd en ook de uitvoering van de sociale zekerheid weer in staatshanden heeft gebracht.

,,Uit een liberale overtuiging heb ik de publieke verantwoordelijkheid waargemaakt door een publieke taak bij de overheid onder te brengen'', zegt Hoogervorst, die als staatssecretaris (Sociale Zaken) verantwoordelijk was voor deze ,,grootste nationalisering sinds de Tweede Wereldoorlog''.

Met deze nationaliseringen is Quangoland (een quango is een zelfstandig gemaakte instelling die met publiek geld wettelijke taken uitvoert) overigens niet helemaal verlaten. Het UWV de uitvoerder van de sociale zekerheid is een zelfstandig bestuursorgaan (zbo). Het hoogspanningsnet – TenneT – zit in een structuurvennootschap. ,,Bij een bedrijf als TenneT, heb je als overheid geen invloed. Dat lijkt erg op het drama van de NS'', zegt Tweede-Kamerlid Ferd Crone (PvdA). Door dergelijke zbo's om te zetten in een `agentschap', zoals PvdA-lijsttrekker Wouter Bos onlangs bepleitte, zou de overheid wel maximale invloed krijgen.

Zo'n verdere nationalisering is bij sommige zbo's een goed idee, vindt Hoogervorst: ,,Bijvoorbeeld bij de COA en de IB-groep. Daar gaat het puur om publiek geld en is er geen beperking van de ministeriële verantwoordelijkheid.'' Maar in de sociale zekerheid bijvoorbeeld vindt Hoogervorst dat onnodig: ,,In de praktijk heeft de politiek veel greep op het UWV. Bovendien is het goed dat het UWV een eigenstandige bevoegdheid heeft bij de beoordeling van individuele claims.''

Daar komt bij dat als het UWV een agentschap wordt, ambtenaren een bedrijf moeten gaan leiden. ,,Ik zie dat de ambtenaren van Sociale Zaken niet beter doen – to put it mildly'', zegt Hoogervorst. PvdA-econoom Sweder van Wijnbergen gelooft niet dat staatsbedrijven efficiënt kunnen opereren. Een logge bureaucratie dreigt: ,,Ook een ambtenaar zul je zo moeten sturen dat die het publieke belang waarborgt, dat gaat niet automatisch.''

Dat klopt, zegt Marijnissen, en daarom is het volgende nodig: goede regels, controle, onderzoeken waarbij overheidsbedrijven met elkaar worden vergeleken en bovenal `institutionele moraal'. Marijnissen zegt: ,,Institutionele moraal heeft te maken met beroepseer en -trots, maar die moraal is verdwenen door het georganiseerde wantrouwen in bijvoorbeeld de zorgsector.'' De SP zet zijn kaarten daarbij op ,,de nieuwe, ondernemende ambtenaar, die trots is op zijn zaak.''

En willen bijvoorbeeld NS-werknemers wel ambtenaar worden? ,,De NS'ers zelf staan te juichen'', zegt Marijnissen. Juichen de reizigers dan ook? Nee, denkt Hoogervorst: ,,De treinen kun je niet op tijd laten rijden bij Koninklijk Besluit.''

Dit was de laatste aflevering uit een serie over quango`s. De vorige afleveringen zijn na te lezen op www.nrc.nl

    • Jaco Alberts
    • Karel Berkhout