Onbetrouwbare autobiografieën

Recensenten van biografieën in dag- en weekbladen hebben vaak de neiging het leven van de gebiografeerde na te vertellen, anekdotes te reproduceren, schandaaltjes te belichten en, indien mogelijk, nieuwtjes te vermelden. Die aanpak levert de aardigste stuken op, maar is nauwelijks een bijdrage te noemen aan theorievorming over het biografische genre. Daarvoor is twaalf jaar geleden het Biografie Bulletin in het leven geroepen. In het jongste nummer van dit tijdschrift dat afgelopen week verscheen, had ik dan ook uitvoerige besprekingen verwacht van Dik van der Meulens Multatuli-biografie en Willem Maas' biografie van Jacques Gans. Helaas, aan Multatuli wordt geen woord gewijd en over Jacques Gans is een stuk opgenomen waarin Maas zijn biografie zelf in hoofdlijnen navertelt. De enige recensies gaan over nauwelijks actuele biografieën van Atatürk en James Dickey.

Toch is de nieuwe aflevering de moeite waard. Dat is vooral te danken aan redactrice Els Broeksma die een gesprek publiceert met Krijn ter Braak en Hans Fels over Menno ter Braak. Naar aanleiding van Leon Hanssens Ter Braak-biografie werken zij aan een film over Nederlands beroemdste criticus en essayist. Krijns vader, de arts Wim ter Braak, heeft in mei 1940 zijn broer dodelijke medicijnen toegediend. ,,Mijn vader beëindigde Menno's leven in hetzelfde huis waar ik elf maanden later werd geboren. Het was een zelfmoord die je ook met enig recht moord of euthanasie zou kunnen noemen. Ik heb het gevoel dat deze gebeurtenis mijn vader beslissend heeft veranderd. (...) Ik heb er nooit met hem over gesproken.''

Zeker is dat de film, die op 14 mei wordt uitgezonden, geen biografisch portret van Menno ter Braak wordt. De cineasten Hans Fels en Kees Hin hebben Krijn ter Braak ervan overtuigd dat het ook en misschien wel vooral over hem moet gaan. ,,Mijn vader heeft een intimiteit met zijn broer gehad, die hij mij onthouden heeft. In dat vermoeden ligt het geheim van deze film besloten.''

Familierelaties staan ook centraal in het artikel van Mieke van den Berg over Ida Gerhardt. Zij demonstreert aan de hand van het gedicht Radiobericht uit 1955 hoe voorzichtig biografen moeten zijn met veronderstelde autobiografische poëzie. Tot nu toe werd altijd aangenomen dat dit gedicht, beginnend met de beroemde regel ,,Te Grave beneden de sluis'' verwees naar de kilte waarmee Gerhardts familie reageerde toen zij eind 1945 haar eerste literaire prijs ontving. Degelijk bronnenonderzoek wijst uit dat Radiobericht inderdaad is terug te voeren op verkilde familiebetrekkingen, maar daterend uit een eerder tijdperk.

De onbetrouwbaarheid van autobiografische geschriften als biografische bron spreekt eveneens uit de voornamelijk op Franse theoretici gebaseerde beschouwing over de `postmoderne en postpostmoderne autobiografie' van literatuurwetenschapster Solange Leibovici. Indrukwekkend is ten slotte Hans van der Ploeg over de psychische kwalen van de dichter Friedrich Hölderlin.

Biografie Bulletin, jaargang 12, nr. 3. Uitg. Werkgroep Biografie. Prijs 12 euro

    • Elsbeth Etty