Irak verdeelt de Veiligheidsraad

De leden van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties hebben zich gisteren scherp verdeeld getoond over militaire actie tegen Irak. Groot-Brittannië heeft tegelijk aangekondigd nog eens 26.000 militairen naar het Midden-Oosten te sturen.

De Franse minister van Buitenlandse Zaken, Dominique de Villepin, zei dat ,,wij geloven dat vandaag niets het overwegen van militaire actie rechtvaardigt''. Villepin zei dat op een persconferentie in New York na een bijeenkomst van ministers van Buitenlandse Zaken van de leden van de Veiligheidsraad over de strijd tegen het internationaal terrorisme. Ook Rusland en China, net als Frankrijk permanente leden met vetorecht, eisten meer tijd voor de VN-wapeninspecteurs die nu in Irak naar verboden massavernietigingswapens speuren, evenals Duitsland. De Verenigde Staten en Groot-Brittannië daarentegen waarschuwden dat de tijd opraakt voor de Iraakse leider Saddam Hussein.

De Amerikaanse minister Colin Powell zei dat de Veiligheidsraad volgende week moet oordelen over Iraks medewerking, nadat de inspecteurs 27 januari hun rapport hebben uitgebracht. Hij waarschuwde de raad verscheidene malen zijn verantwoordelijkheden niet te ontlopen.

Onze correspondent voegt hieraan toe: De Britse militaire sterkte in het Midden-Oosten zal binnen enkele weken meer dan 31.000 militairen omvatten, of een kwart van het totale personeel van de Britse strijdkrachten. Minister van Defensie Geoff Hoon kondigde gisteren in het parlement aan nog eens 26.000 soldaten en zwaar materieel naar het Midden-Oosten te sturen ter voorbereiding van een eventuele oorlog tegen Irak. Zij voegen zich bij de 5.000 militairen van luchtmacht en marine die al in het gebied zijn of op weg daarheen. De jongste uitbreiding van de strijdmacht overtreft alle eerdere schattingen, die niet boven de 25.000 man uitkwamen.

Elke Britse bijdrage valt in het niet vergeleken bij de meer dan 150.000 militairen die de Verenigde Staten beschikbaar hebben voor een oorlog in Irak.

Sommige analisten verklaren de relatief grote Britse krachtsinspanning uit de wens van premier Blair meer zeggenschap te hebben bij de inrichting van Irak na het verdwijnen van het regime van Saddam Hussein. De Britse inzet omvat elite-soldaten van de SAS, die nu al actief zouden zijn. Ook de Britse tankvliegtuigen gelden als onmisbaar. [Vervolg VEILIGHEIDSRAAD: pagina 4]

VEILIGHEIDSRAAD

Hoon: oorlog begint nog niet

[Vervolg van pagina 1] Maar hun symbolische gewicht blijft lager dan dat van de door Hoon nu beloofde tanks, ook als die militair vermoedelijk weinig zouden toevoegen aan de veel omvangrijker Amerikaanse pantsereenheden.

Hoon noemde de Britse bijdrage ,,de juiste groep voor de taken die mogelijk nodig zijn'', maar hij ontkende dat een oorlog op het punt van beginnen staat. ,,Geen van de stappen die we nemen betekent dat we Britse troepen het gevecht insturen; een beslissing daarover is aanstaande noch onvermijdelijk'', aldus Hoon. Volgens hem mislukken pogingen Saddam Hussein te laten ontwapenen echter zonder een ,,heldere en geloofwaardige dreiging met geweld''.

Hoge militairen en ex-officieren hebben eerder, deels anoniem, geklaagd over de overbelasting van de strijdkrachten door een mogelijke campagne in Irak, die ook militair en politiek ondoordacht zou zijn. Generaal Sir Michael Rose, voormalig VN-bevelhebber in Bosnië, zei vorige week dat de regering ,,niet overtuigend heeft duidelijk gemaakt'' of een eventuele militaire operatie tot doel heeft ,,Iraakse massavernietigingswapens te elimineren of het bewind van Saddam te beëindigen''. Evenmin is het effect duidelijk van een oorlog in Irak op de wereldwijde oorlog tegen het terrorisme, aldus Rose.

De Britse eenheden worden mogelijk gestationeerd in Jordanië, nadat Turkije weigerde zijn grondgebied ter beschikking te stellen. De strijdmacht omvat een deel van de in Duitsland gelegerde 1ste Divisie, waaronder een hoofdkwartier met verkennings- en andere ondersteundende eenheden, en verscheidene eenheden van de 7de Pantserbrigade. Die brigade, met 120 Challenger-tanks en 150 andere pantservoertuigen, beschouwt zichzelf als erfgenaam van de Desert Rats, de Britse tankdivisie die onder generaal Montgomery bij El Alamein in 1942 het Duitse tankleger van generaal Rommel in de Noord-Afrikaanse woestijn versloeg. De strijdmacht omvat ook het grootste deel van de 16de Britse Luchtlandingbrigade, artillerie-, genie- en medische troepen.

Een aangekondigde conferentie van regionale ministers van Buitenlandse Zaken over Irak zal donderdag in Istanbul plaatshebben, zo heeft de Turkse minister Yakis vandaag meegedeeld. Saoedi-Arabië, Iran, Jordanië, Egypte en Syrië zullen naast Turkije zelf deelnemen. Doel is te praten over de mogelijkheden om de kwestie-Irak alsnog vreedzaam op te lossen, naar verluidt door Saddam Hussein aan te moedigen zo snel mogelijk op te stappen.

www.nrc.nl dossier Irak