Het drijfzand van peilingen

Professor Ronald Plasterk is een deskundig man. Hij heeft de leerstoel microbiologie. Aan dat vak zitten ook statistische kanten. Gek dat hij dan zo weinig begrijpt van opiniepeilingen. In Buitenhof pleitte hij dat ieder opiniebureau zo flitssnel moet zijn als Maurice de Hond. Dan weet de kiezer tenminste dagelijks waar hij aan toe is. Dat wil zeggen: elke dag registreren wat een selectie enthousiaste internetters uit de groep kijkers naar De Stem van Nederland van SBS ervan vindt.

Volgens de speciale huisformule van De Hond worden die internetters omgerekend naar heel Nederland. In de Stem van Nederland wordt dan met grote stelligheid het aantal zetels gepresenteerd alsof de verkiezingen die dag al zijn gehouden. Daar reageren die internettende kijkers dan weer op bij de volgende peiling. Dit turbo-effect komt ook in het algemene nieuws. Zo heeft een klein groepje internetters grote invloed op de stemming van het land. ,,Die actuele gegevens heb je nodig als je strategisch wil stemmen'', concludeerde Plasterk. Wie wil niet stemmen op een winnaar, hoe die ook wordt uitgeroepen?

De peilingen van De Hond lijken wel water in een vollopend schip. Dat water zoekt het laagste punt op, zodat het schip nog sterker overhelt. Zondagavond waarschuwde SBS6 in een grote verkiezingsuitzending dat 25 procent van de kiezers nog twijfelt. En van de overige kiezers wil misschien 30 procent nog op een andere partij stemmen. Kortom: op de helft van het groepje SBS-internetters kunnen we nog helemaal niet aan. En toch wordt het gepresenteerd als de waarheid van de dag, zonder de waarschuwing dat de helft onzeker is. Ik hoop niet dat Plasterk op die manier genetica bedrijft.

Gelukkig gebruiken Interview/NSS (Nova) en het NIPO (Twee vandaag) andere peilmethoden, middelen ze met voorafgaande dagen en beperken ze zich niet tot De Stem van Nederland. Interview en het NIPO zijn erop uit om hun reputatie in stand te houden, Maurice de Hond wil bekend worden, aan de weg timmeren. NIPO en Interview volgen wel de door de Hond aangegeven trend. Hoe kwam dat?

Er is maar één dag dat de kiezer zijn besluit neemt en dat is morgen. Ik hoop dat hij zich dan niet laat leiden door het drijfzand van peilingen, maar door inhoudelijke standpunten. En daar hebben tv-programma's het lelijk bij laten zitten afgelopen weken. Er werd weinig journalistiek inzicht geboden in politieke kwesties en de positie van partijen daarin. De debatten gingen alleen over de kwesties van de dag, hardere straffen, preventief fouilleren, integratie, cijfers rond het begrotingstekort, beetje Irak, altijd dezelfde discussie. Na al die weken debatteren had Buitenhof afgelopen zondag pas de primeur van een vraaggesprek met premier Balkenende over het milieu. Dat was nog nooit eerder gebeurd. Ook de Stemwijzers zijn eenzijdig. Die laten zich leiden door wat de partijen inbrengen, maar er zijn nog zoveel andere kwesties waar uiteenlopende groepen in zijn geïnteresseerd. Moet de trein op tijd rijden? Moeten we het gas of de elektriciteitsnetten uitverkopen? Willen we wel bezuinigen op onderwijs? SBS had een Stemwijzer die veel plaats had ingeruimd voor symbolische maatregelen tegen criminaliteit. Voelden alle kiezers zich op de zelfde manier aangesproken? Geen wonder dat alles zo instabiel is. Het schip hoort gevuld te zijn met de vaste ballast van de uiteenlopende kiezersbelangen, niet met het water van de peilingen en de laatste premier-hype.

De SBS-internetters mochten gisteren tijdens vraaggesprekken op Ben jij mijn stem waard onmiddellijk een cijfer geven voor het gegeven antwoord. Ton Elias was presentator en hij stelde tenminste op rustige toon heldere vragen, waaruit bleek dat hij de antwoorden had gehoord. Dat doen presentatoren tegenwoordig zelden. Maar zo'n stoel die als een kameleon meekleurt met de drift van de internetters en het cijfer dat omhoog sprong als de politicus harde maatregelen voorstelde tegen misdaad ging me wat ver. Zou de kijker niet zelf mogen uitmaken wat hij ervan vindt en wat zijn belang is bij een bepaalde kwestie in plaats van geconfronteerd te worden met onmiddellijke reacties van selecte groepjes?

    • Maarten Huygen