Blauwgrijs

Zondag, acht uur 's ochtends. De kinderen willen naar het Siri Fort, een sportpark hier vlakbij, om badminton te spelen. Ik kruip moeizaam uit bed, niet omdat ik gisteravond laat ben gaan slapen, maar juist vroeg. De stroom was weer eens uitgevallen en de ervaring van de laatste week, de koudste die Delhi sinds 1968 heeft meegemaakt, leert dat dat twaalf uur achtereen kan duren.

Aan de herrie van de generator van de buren ben ik al gewend, het bom-bom-bom geluid is zo regelmatig dat het zelfs iets rustgevends geeft. En je weet bovendien meteen als de stroom er weer eventjes is. Geen bom-bom-bom voor tien minuten.

Meestal spring ik dan uit bed, trek een warme kamerjas aan en kruip achter de computer, om te bladeren door de kranten van de wereld, met name die van Nederland. Want woensdag zijn er verkiezingen.

Maar achter de computer kruipen heeft ook nu geen zin. Alle internationale verbindingen zijn uitgevallen. Vroeger kon ik in de lijst van mijn favorieten gewoon op `de Volkskrant' klikken, of naar Radio 1 luisteren, of helemaal mooi: naar het journaal kijken. Schokkerig en onduidelijk, maar het gezicht van Sacha de Boer of Philip Freriks kon ik nog net ontwaren. Vorig jaar kon ik zelfs stukjes van verkiezingsdebatten volgen, door een klik op `Uitzending Gemist?' van Omroep.nl. Nu mis ik alles. Ik kan me amper het gezicht van Bos voor de geest halen.

Ik heb geen idee wat er in Nederland gebeurt of wat de inzet is: weer de buitenlanders? Wachttijden? Veiligheid? Ik heb geen idee. Waar debatteren ze over, zijn er heftige meningen? En juist vandaag moet ik mijn column schrijven.

Ik zeg aan de kinderen dat het te mistig is voor badminton. Het zicht is nog geen tien meter. Dat is ook al een hele week zo. Het is een hel op de luchthaven van Delhi, waar vertragingen van een hele nacht normaal zijn geworden. Maar de kinderen vinden het juist spannend om de shuttle pas op het laatste moment te zien. De truc helpt dus niet, ook niet mijn ontboezeming dat ik mijn column nog moet schrijven.

`Je hebt toch de hele dag nog?' Dat is waar, een dag is lang, als je een idee hebt waarover je wilt schrijven is het meer dan genoeg.

We zijn warmer gekleed dan men op skivakanties doet, omdat de kou van 4 graden in Delhi anders aanvoelt. Het is vochtig door de mist, door de diesellucht van de generatoren waardoor mensen twee lampen kunnen aanhouden wordt alles blauwgrijs, wat wel iets moois heeft. Het zal wel erg ongezond zijn voor je longen, maar je komt niet naar Delhi voor je gezondheid.

Zondag is voor de meeste Indiërs een gewone werkdag, alleen de overheidskantoren en scholen zijn gesloten. De stoplichten werken niet, omdat er geen stroom is. Op elke hoek staan wel drie verkeersagenten te fluiten, maar het leuke van India is dat men geen greintje respect heeft voor de verkeerspolitie. Ze mogen fluiten wat ze willen, maar iedereen gaat links of rechts en als je niet uitkijkt wordt zo'n verkeersagent nog omver gereden ook, met een zicht van 10 meter. Die jongens fluiten dus wat en rennen dan naar de kant en laten iedereen begaan.

Het malle is dat niemand voorzichtiger rijdt dan normaal. Alsof niet alles gehuld is in een blauwgrijze deken, alsof iedereen onsterfelijk is, scooterriksja's die plotseling van gedachten veranderen en links in plaats van rechts afslaan, auto's die niet eens hun koplampen aanhebben en al helemaal niet beschikken over een mistlamp, bussen die als vanouds altijd een beetje dwars sorteren, alsof ze nog niet hebben uitgemaakt of ze rechtdoor willen of een bocht zullen maken. Een chaos in blauwgrijs. Het geeft een eenzaam gevoel. Eenzaamheid is blauwgrijs.

De kinderen hebben zich geamuseerd in Siri Fort, ze konden de shuttle inderdaad niet zien aankomen, vader heeft zijn plicht gedaan. Vaderlijke plichten zijn tegenwoordig oneindig, maar het is altijd bevredigend als je er tenminste een per dag volbrengt. Twee is te veel, ik ga niet in op het idee om samen pannenkoeken te bakken, er is weer stroom, er is werk aan de winkel, ik snel naar mijn computer.

En nu zijn we in de actuele tegenwoordige tijd, ik weet niet wat ik moet schrijven. Nog een keer proberen `de Volkskrant' of `NRC' via het internet te bereiken? Blijkt zinloos. De internationale verbindingen zijn nog altijd gestoord. Ik ben op een blauwgrijs eiland. Maar mijn column, verdorie, die moet ergens over gaan, over de Nederlandse verkiezingen liefst, hij moet relevant zijn, hij staat niet voor niets op de opiniepagina en nu heb ik geen enkele opinie.

Althans niet over de Nederlandse politiek. Ik kan dus rustig voorspellen dat Femke Halsema de volgende minister-president wordt, niemand zal mij mijn domheid kwalijk nemen, want ik weet niks. Ik weet net zoveel als iedere andere pas aangekomen migrant in Nederland, maar die hebben het geluk dat ze niet hoeven te stemmen en meestal geen column hoeven te schrijven.

God, help me uit deze blauwgrijze waas, ik neem zelfs een wijntje ter inspiratie, ik blader door de Indiase kranten die nat zijn door de mist, ik blader door de glossy's als Femina en Cosmopolitan, ik ben overal op geabonneerd. Ik hoor alles te weten, net als mensen als Heldring en Hofland en Elsbeth Etty. En ik weet niets.

Ik voel me ineens heel ver van de gewone wereld, want van India kun je alles zeggen, behalve dat het een gewone wereld is. Over India kan ik duizend verhalen vertellen, maar niet deze week, niet in de week van zoiets belangrijks als de verkiezingen in Nederland.

Hier in India zijn er zoveel verkiezingen, van dorpen, gemeenten, deelstaten, volgend jaar de nationale verkiezingen ze gaan altijd over leven en dood. Over moslims en extremisme en een mogelijke kernoorlog met Pakistan. Maar de verkiezingen in Nederland zijn ook belangrijk.

Als er weer stroom is, en de internationale verbindingen van het internet zijn hersteld, ga ik gauw opzoeken waar ze over gaan. Dwars door de blauwgrijze waas zal ik proberen bij de ambassade mijn stem uit te brengen en het zal wel weer de verkeerde partij worden, want de laatste keer stemde ik ook al D66.

ramdas@nrc.nl

    • Anil Ramdas