De cellenmarkt is onvoorspelbaar

De roep om veiligheid in de politiek zal leiden tot nog vollere gevangenissen. Zonder voldoende cellen is strenger straffen zinloos. Meermanscellen en elektronisch huisarrest zijn verre van ideaal.

Meer dan honderd jaar oud is het Huis van Bewaring aan de Helperlinie in Groningen. De strafinrichting moet over enkele jaren dicht, want in het nabijgelegen dorp Hoogkerk wordt een nieuwe gevangenis gebouwd. Toch hebben de muren van de benauwde cellen (toilet, bed, tafel, stoel, televisie) nog niet zo lang geleden een lik verf gekregen. Het is allerminst uitgesloten dat Justitie de oude cellen langer nodig heeft, zeker zolang gedetineerden vervroegd naar huis moeten worden gestuurd omdat de vraag naar cellen groter is dan het aanbod.

Als de voortekenen niet bedriegen worden de gevangenissen de komende jaren voller en voller. Aan de vooravond van de verkiezingen buitelen links en rechts over elkaar heen in hun beloften om de Nederlandse samenleving veiliger te maken. Meer politie, meer justitie, meer arrestaties, hogere straffen. De politiek wil de justitiële keten kunnen `afrekenen' op concrete zaken als aantallen arrestaties, ophelderingspercentages en vervolgingen.

De gevangenis is het eindpunt van de justitiële keten. Zonder voldoende cellen kunnen politie en justitie opsporen wat ze willen, veel veiliger zal de samenleving er niet van worden, zo hebben ministers van Justitie door de eeuwen heen ondervonden. In 1893, bijvoorbeeld, konden bijna duizend rechterlijke vonnissen niet worden uitgevoerd omdat Nederland met een totaal van 1.200 cellen ernstige `cellennood' kende. Het ministerie gaf officieren van justitie destijds zelfs de opdracht voor de rechter terughoudend te zijn met hun strafeisen, schrijft historicus Marcel Verburg in de Geschiedenis van het Ministerie van Justitie.

Ruim een eeuw later telt het gevangeniswezen 13.000 cellen, maar dat aantal is onder het groeiende repressieve beleid lang niet genoeg. ,,Als de straffen langer en zwaarder worden, als er meer agenten en officieren van justitie komen krijg je een geweldige druk op de celcapaciteit'', zegt Marijke van Veen. Zij is directeur van het Huis van Bewaring in Groningen, van twee penitentiaire inrichtingen in Leeuwarden en van het Huis van Bewaring in Hoogeveen – samen goed voor 780 cellen in het noorden.

Justitie kan de benodigde celcapaciteit in het gevangeniswezen nauwelijks voorspellen, zo blijkt uit de cijfers van de afgelopen tien jaar. In 1994 was het land te klein toen ruim 5.300 verdachten werden heengezonden. Dat liep door de bouw van nieuwe gevangenissen in 1999 terug tot nul. In 2000 liep het weer op tot 19, een jaar later werden 46 gedetineerden weggestuurd en vorig jaar leek het er voor velen op dat de gedetineerden overal vrolijk zwaaiend uit de gevangenispoorten kwamen dansen: 4.800 gedetineerden werden vervroegd naar huis gestuurd, terwijl van 4.200 veroordeelden de straf werd onderbroken. Zij zullen opnieuw moeten worden gearresteerd zodra er meer celruimte is. ,,De tekorten zijn dermate groot dat de geloofwaardigheid van de strafrechtspleging in het geding is'', zo luidde minister Donner onlangs de noodklok.

Zwalkend beleid, of een onvoorspelbare markt? Dat laatste, zegt Peter van der Sande, directeur van het gevangeniswezen. ,,We baseren ons op prognoses van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum van Justitie'', zegt hij. ,,Justitie combineert de cijfers van het WODC met de beleidsvoornemens. Dat blijkt heel moeilijk te voorspellen. Je kunt wel duizend cellen meer laten bouwen dan je over een paar jaar nodig denkt te hebben, maar voor hetzelfde geld staan ze leeg. En daar is gewoon niet genoeg geld voor beschikbaar.''

Een verschil met tien jaar geleden is wel dat het ventiel tegenwoordig aan de `achterkant' van de gevangenissen zit. Destijds werden louter verdachten vrijgelaten, nu wordt gedetineerden het laatste deel (maximaal drie maanden) kwijtgescholden. Het blijft voorlopig ,,hozen in een lekkende boot'' , erkent minister Donner. Hij verwacht dat het cellentekort in 2006 weer is opgelost. Maar dan moeten er wel ruim vijfduizend plaatsen in het gevangeniswezen bijkomen.

De oorzaak van de snel oplopende tekorten is de verharding in de bestrijding van de criminaliteit, en met name van overlast veroorzakende `veelplegers' of `draaideurcriminelen' en de vangst van honderden Antilliaanse bolletjesslikkers op Schiphol. Dat heeft te maken met een samenleving die het afgelopen jaar heel snel is verhard, zegt gevangenisdirecteur Van Veen. Zij vindt dat de roep om meer veiligheid zo langzamerhand tot een ,,enorme hype'' is geworden. De hardere maatschappij eist ook meer van het gevangeniswezen. ,,Er zijn veel meer mensen die zeggen: doe er maar acht op een zaaltje, zo ligt mijn oma ook in het ziekenhuis.''

Van Veen, de enige vrouwelijke algemene gevangenisdirecteur in Nederland, wijst op de gevaren van een eenzijdige versterking van de justitiële keten. ,,Het is gemakkelijk om te roepen dat er 8.000 agenten extra moeten komen, maar als er heel veel mensen worden opgepakt, moeten er ook een heleboel worden vrijgelaten, tenzij je genoeg cellen hebt. Ik denk dat mensen zich nog onveiliger zullen voelen dan nu, als de meeste verdachten binnen twee uur weer op straat staan.'' Voorlopig moet Van Veen dit jaar in haar strafinrichtingen nog bezuinigen, constateert ze.

Door de oplopende tekorten is Justitie constant op zoek naar alternatieven, zoals het ruimer toepassen van de elektronische detentie, waarbij gedetineerden met een band om de enkel lopen en hun bewegingen op afstand worden gecontroleerd. En net als in de negentiende eeuw is ook de discussie over het plaatsen van twee of meer gedetineerden op één cel weer opgelaaid. Rechters wilden daar destijds liever niet aan, omdat criminelen elkaar negatief zouden kunnen beïnvloeden. Minister Donner denkt daar anders over: hij heeft de wetswijziging die `meermanscellen' mogelijk maakt nagenoeg klaar. Donner wil dat gedetineerden gezamenlijk worden opgesloten, met uitzondering van minderjarigen, verslaafden en psychisch gestoorden. Dat kan pas als de wetswijziging door het parlement is aangenomen. Justitie begint wel per 1 maart met de invoering van meermanscellen in penitentiaire inrichtingen in Utrecht, Breda, Doetinchem, Vught, Tilburg en Maastricht. Van der Sande: ,,Wij vragen gedetineerden dan of zij met twee op een cel willen zitten. Zolang het op vrijwillige basis gaat, kan dat.''

Toch staat niet iedereen te juichen over meermanscellen. Vooral het gevangenispersoneel heeft grote bedenkingen. ,,Het vergt nogal wat veranderingen in de penitentiaire inrichtingen'', voorspelt gevangenisdirecteur Marijke van Veen. ,,Het is niet zo simpel dat je even een bedje erbij zet in een cel'', zegt ook Van der Sande. De 13.000 werknemers in het gevangeniswezen zijn vooral bezorgd over de veiligheid. ,,Voor een bewaarder is het heel anders of er één of twee gedetineerden achter een deur staan als je een cel binnenkomt'', zegt Van Veen. ,,Dan zou je met twee man de cel in moeten. En hoe ga je om met twee vechtende celgenoten? Je moet bij iedereen nagaan of het verstandig is dat hij een cel deelt met een ander.''

Om een voorbeeld te noemen: een Irakees en een Amerikaan of een Israëliër op één cel kan problemen geven in deze tijd. Voor talloze andere combinaties geldt hetzelfde. Zedendelinquenten – helemaal achteraan in de pikorde van een gevangenispopulatie – kunnen volgens Van Veen nauwelijks bij plegers van andere delicten worden geplaatst. Datzelfde geldt voor minderjarigen of geestelijk gestoorden. En dat zijn alleen nog de gevallen waarvan het op voorhand te zeggen valt, meent Van Veen. ,,Ik denk dat je eerst een gedetineerde een paar weken moet observeren om te kunnen beoordelen of hij een cel met een ander kan delen. Vergeet niet dat de cellen niet groter worden. Naar de wc gaan in een cel is geen feest als er een ander bij zit. Het gaat om dat soort kleine dingen. Waar kijken ze naar op televisie? SBS of voetbal?''

    • Rob Schoof