Vermist (3)

`OEHOE, OEHOE, OEHOE!' De stem van meneer Uil galmt door het bos. ,,OEHOE, OEHOE, OEHOE!'' Zijn stem kaatst terug tegen de bomen. Het is net alsof het bos terugroept.

En dan gebeurt het. Uit alle richtingen komen vogels aangevlogen. Ze landen op de takken bij meneer Uil. Grote vogels, kleine vogels. Er zijn twee duiven, een specht, een zwaluw, een kwikstaartje, twee grote glanzend zwarte kraaien en heel veel kleine mussen.

,,Uw roep klinkt alsof er iets heel dringends is'', krast de kraai.

,,Ik heb jullie geroepen omdat we een vriend kwijt zijn'', zegt meneer Uil. ,,We moeten met z'n allen gaan zoeken.''

,,Om welke vogel gaat het?'' piept de kleine kwikstaart.

`Het gaat niet om een vriend met veren', zegt meneer Uil. ,,Het is een vriend met een vacht, een teckel, en zijn naam is Tobias.''

,,Bah'', zegt een van de duiven. ,,Ik heb het niet zo op honden.''

,,Dit is een lieve hond'', zegt Rintje. ,,Hij doet niemand kwaad!''

,,Maar hoe herkennen we dat beest?'' vraagt de specht.

,,Dat is een goede vraag'', zegt meneer Uil. ,,Het beste is als deze twee hondjes meevliegen.''

,,Hi hi'', piept de zwaluw. ,,Hoe kan een hond nou vliegen?''

,,Daar heb ik iets op bedacht'', zegt meneer Uil. Hij schuifelt zijn boomhuisje in. Even later komt hij tevoorschijn met een grote mand. ,,Zo, deze oude wasmand wordt een vliegtuig'', zegt meneer Uil. ,,Aan iedere hoek binden we een touw, daarna klimmen Henriette en Rintje de mand in.'' ,,En dan?'' vraagt een kraai.

,,Dan nemen de grootste vogels ieder een touw in hun snavel'', zegt meneer Uil. ,,En dan stijgen ze op!''

Zo gezegd, zo gedaan. Meneer Uil laat de wasmand op de grond zakken. Henriette en Rintje klimmen in de mand.

,,Spannend!'' giechelt Henriette. ,,Kan ik vast oefenen voor als ik later stewardess word!''

De twee kraaien nemen samen met de duiven ieder een touw in hun snavel.

,,Ik geef het sein'', zegt meneer Uil.

Rintje en Henriette houden hun adem in. De vogels stijgen op. Eerst voelen Rintje en Henriette niets, maar even later voelen ze een schok. De mand wiebelt en komt los van de grond.

,,We vliegen!'' schreeuwt Henriette. Langzaam gaat de mand hoger en hoger.

,,We zijn vlakbij de wolken!'' roept Rintje.

,,En nu goed opletten of we Tobias ergens zien lopen!'' zegt meneer Uil.

wordt vervolgd

Meer over Rintje op www.rintje.nl

    • Sieb Posthuma