Piet Ooms

De Amsterdamse zwemmer Piet Ooms had Bram Velleman als verzorger. Dat was opmerkelijk, want Ooms werd in 1884 geboren en zwom zijn vele internationale prijzen in het eerste decennium van de vorige eeuw bij elkaar. In die tijd waren er in dit land eigenlijk nog geen sporters die zo serieus omgingen met hun discipline, maar Ooms en Velleman waren onafscheidelijk. De ene in een bootje en de ander in het nat. Want de Amsterdammer was gespecialiseerd in de lange afstand, de tien en twintig kilometer. Voldoende ruimte voor de verzorger dus om mee te peddelen en aanmoedigingen te geven.

Of het in die tijd al gewoonte was om een zege te vieren met champagne weet ik niet, maar als dat zo was, hoop ik dat de organisatie een fles klaar had staan voor Ooms. Hij legde namelijk zelf deze drank in de begeleidende boot om bij een inzinking een goede slok te nemen. Velleman sprong dan in het water om het persoonlijk in zijn mond te gieten. Zo nu en dan verdween er een halve fles in zijn keel voordat Ooms zijn inspiratie hervond.

Op minder dramatische momenten, als er geen drank nodig was, communiceerden de zwemmer en zijn verzorger met een speciaal ontwikkelde gebarentaal. Anders zou Ooms onverwacht een slok water binnen kunnen krijgen en na een goede slok champagne smaakt dat extra akelig. Het hielp, want de verschillen met de andere zwemmers uit die tijd waren werkelijk onvoorstelbaar.

In de tijd dat fabrieken de rivieren nog niet vervuilden – zo rond 1900 – was in Parijs een jaarlijkse zwemwedstrijd in de Seine, dwars door de stad. Ooms was daar de baas en iedereen wist dat. De eigenaar van zijn vaste hotel langs de rivier hing op voorhand de Nederlandse vlag buiten om het feest alvast te beginnen. Ook wist Ooms dat hij na die vlag nog maar vier kilometer voor de boeg had.

De meest indrukwekkende prestatie die Ooms geleverd zou hebben, was in Le Havre in een voor mij onbekend jaar. Daar was een waanzinnig zware wedstrijd van 26 kilometer in de Atlantische Oceaan. De cijfers maken dat ook wel duidelijk: 32 zwemmers – of idioten, kijkt u zelf maar – begonnen aan de race en twee daarvan haalden de finish. Nummer één was Ooms, de andere naam weten we niet eens meer. We kennen wel de achterstand die nummer twee had: zes uur. De Fransen waren na deze bovenmenselijke prestatie zo onder de indruk dat ze meteen marmer en een hamer regelden om een gedenkplaat voor Ooms te maken.

Zonder Ooms had het in Nederland veel langer geduurd voordat het zwemmen als sport en dus niet als overleving tegen dijkdoorbraken populair werd. Daarom voor Ooms en Velleman postuum een glas champagne.

jurryt@xs4all.nl

    • Jurryt van de Vooren