Marokkaanse kreeg abortus tegen haar wil

Een 32-jarige Marokkaanse vrouw uit Leiden heeft bij de politie gemeld dat zij vorig jaar oktober tegen haar wil een abortus heeft ondergaan. Ze heeft begin januari aangifte gedaan tegen haar man en haar schoonzus, die haar onder valse voorwendselen naar het plaatselijke Centrum voor Geboorteregeling zouden hebben gelokt. Daar is de zwangerschap van drie maanden beëindigd.

Een woordvoerder van de politie Hollands Midden zei vanochtend dat ,,onder meer aangifte is gedaan van zware mishandeling''. Ze voegt toe dat de recherche bezig is met een uitgebreid onderzoek, waarvoor de vrouw, haar man en haar schoonzus inmiddels zijn gehoord. Ook directeur B. van Herk van het Leidse abortuscentrum is door de politie ondervraagd.

Aan het Leidsch Dagblad heeft de Marokkaanse vrouw verteld dat haar 37-jarige echtgenoot en diens zus haar naar de kliniek hebben gebracht, waar ze onder de naam van haar schoonzus is ingeschreven en een abortus kreeg. Ze nam de naam van haar schoonzus aan, omdat die – in tegenstelling tot zijzelf – over een verzekeringspas beschikte. De schoonzus deed in de kliniek het woord omdat de Marokkaanse vrouw geen Nederlands spreekt. De schoonzus vertelde de moeder na afloop van de abortus dat er iets was misgegaan met de vrucht.

De vrouw had sinds de zwangerschap ruzie met haar man over de baby. Zij wilde het kind houden, haar man en diens zus wilden dat niet. De vrouw, die zou zijn uitgehuwelijkt, zegt in de krant dat ze bij pijn niet naar de dokter mocht, en dat ze ,,blij'' was toen haar schoonzus haar ten slotte meenam voor onderzoek. Het `ziekenhuis' bleek het Centrum voor Geboorteregeling in Leiden.

De vrouw was in augstus 2001 vanuit Marokko naar Leiden gekomen om bij haar man te wonen. Daar ontdekte ze dat haar man ook was getrouwd met de dochter van zijn zus. Van een andere vrouw, bij wie hij twee kinderen heeft, zou hij zijn gescheiden.

Directeur Van Herk van het Centrum voor Geboorteregeling zei vanmorgen dat hij is ,,geschrokken'' van het verhaal. Hij heeft een ,,interne commissie die onderzoek doet naar eigen fouten'' ingeschakeld en de Inspectie voor de Gezondheidzorg ingelicht. Hij zegt dat zijn artsen en verpleegkundigen niet met de vrouw zélf spraken, maar met haar schoonzus.