Geen spoor van vadermoord

Jules Croiset speelt met zijn zoons Vincent en Niels in `Dood van een handelsreiziger' onder regie van zijn broer Hans. ,,Onze familieband heeft geen artistieke meerwaarde.''

Willy Loman scheldt zijn zonen uit voor alles wat lelijk is. Ze zijn niet geworden wat hem, de handelsreiziger die zelf nooit verder is gekomen, voor ogen stond. Biff is een `luie lamstraal' en Happy een `waardeloze wijvenjager'. ,,Stuk ellende dat je bent!'' schreeuwt Willy. Maar regisseur Hans Croiset heeft tegen hoofdrolspeler Jules Croiset gezegd dat die confrontaties nog harder, nog ijziger moeten – en dat hij moet vergeten dat de zoons worden gespeeld door zijn eigen zonen Vincent en Niels: ,,Ik ken jullie relatie, jij bent een buitengewoon lieve vader, en ik zie bij jou in alles dat je nog niet echt keihard durft te zijn.''

Jules geeft het toe: ,,Het is waar, ik heb daar moeite mee. Vooral bij Niels, die de rol van de jongste zoon Happy vertolkt. Hij is een dromer en als acteur een laatbloeier. Die vader heeft geen goed woord voor Happy over, maar tegenover Niels kan ik zulke teksten nog niet goed uit m'n bek krijgen. Ik heb daar een barrière die ik nog weg moet werken.''

Dood van een handelsreiziger (1949) is de Amerikaanse klassieker van Arthur Miller, die ook in Nederland al vaak werd gespeeld. De nieuwe versie wordt uitgebracht door Het Nationale Toneel en staat in het teken van twee generaties Croiset: Hans (67), Jules (65), Vincent (30) en Niels (28). Jules was degene die het initiatief nam – hij wilde graag met zijn zoons op het toneel staan. Eerder, in 1999, heeft hij Harry Mulisch al eens gevraagd een toepasselijk stuk te schrijven. Mulisch was toen bezig het boekenweekgeschenk De brief, het theater en de waarheid te schrijven, een rehabilitatie van Croiset, die uit protest tegen een voorgenomen opvoering van Fassbinders omstreden toneelstuk Het vuil, de stad en de dood zijn eigen ontvoering ensceneerde.

Toen zijn contacten met Mulisch niet tot een toneelstuk leidden, werd Jules Croiset door Peter Liefhebber, toneelrecensent van De Telegraaf, op het idee gebracht Dood van een handelsreiziger te overwegen. Uit contacten met een producent bleek echter al snel dat een vrije productie met elf acteurs financieel niet haalbaar zou zijn. De redding kwam toen het Nationale Toneel zijn interesse liet blijken. En ten slotte opperde HNT-directeur Evert de Jager een geschikte regisseur: Hans Croiset, de twee jaar oudere broer van Jules.

Hans Croiset geeft slechts omzichtig, soms zelfs opmerkelijk nukkig antwoord op de vraag waarom hij ja heeft gezegd. Hij zou het ,,oneerlijk'' vinden als de receptie van de voorstelling wordt beïnvloed door het Croiset Circus, zoals hij dat nogal smalend noemt: ,,Ik regisseer niet alleen Jules, Vincent en Niels, ik regisseer de hele cast. Ik zie iedereen, dus ook mijn familieleden, als figuren, karakters in het stuk. Zij zijn voor mij het materiaal waarmee ik werk en met wie ik de droom van mijn regie wil waarmaken.''

Vincent Croiset maakt geen geheim van zijn aanvankelijke reserves: ,,Ik heb lang geaarzeld, want het feit dat er vier Croisets aan zijn verbonden, kan een verkeerde lading geven. Maar als ik speel, denk ik er niet aan dat we familie zijn. Laatst was mijn moeder bij een repetitie aanwezig. Zij zag daar op het toneel haar man en beide zonen. Toch was het voor haar alsof ze naar een toneelvoorstelling keek die niet meteen met haar gezinsleven is verbonden.''

Niels, de jongste, wilde een paar jaar geleden nog niets van zo'n samenwerking weten, zegt hij: ,,Het leek me geen goed idee direct van de Toneelschool bij de familie te beginnen, dat was me te gemakkelijk. Ik wilde eerst mijn eigen dingen doen. Ik heb bij het Noord-Nederlands Toneel gewerkt, geregisseerd en een eigen gezelschap (Annette Speelt) mede-opgericht. Pas nu ik dat achter de rug heb, wilde ik wel. Omdat het een droom van mijn vader was en omdat ik het goed met mijn familie kan vinden. Afzonderlijk heb ik met elk van hen al eens heel goed gewerkt. Hooguit ben ik een beetje beducht voor de beeldvorming naar buiten. Enerzijds trekt zo'n samenwerking natuurlijk publicitair extra aandacht, maar soms ben ik bang dat het publiek in de zaal gaat zitten kijken wat de artistieke meerwaarde van onze familieband zal zijn. En die zal er waarschijnlijk niet zijn. Eigenlijk hoop ik dat de mensen snel vergeten dat we de echte zoons van mijn vader zijn – en dat het pas tijdens het slotapplaus weer tot hen doordringt.''

Vader op afstand

Vincent en Niels Croiset vormen de vijfde toneelgeneratie. Hun stammoeder was de Vlaamse actrice Marie Verstraete, wier zoon Jules tijdens de Eerste Wereldoorlog naar het neutrale Nederland kwam. Jules Verstraete kreeg vier kinderen (Guus, Bob, Jeanne en Mieke) die alle vier aan het toneel gingen. Jeanne Verstraete trouwde met de acteur Max Croiset, die zelf een zoon van de voordrachtskunstenaar Hijman Croiset was. Hans en Jules zijn hun zoons.

Sinds hun vader tijdens de Tweede Wereldoorlog als jood moest onderduiken, is hij voor Hans en Jules Croiset een ,,vader op afstand'' gebleven. ,,Hij was meer leermeester dan vader'', schreef Jules in zijn autobiografische boekje Met stomheid geslagen. ,,Hij was een verre, onbereikbare man'', beaamt Hans. ,,Dat was voor mij niet leuk. Een vader die enerzijds een verborgen leven voor zijn kinderen leidde, en anderzijds de schijnwerpers van het theater opzocht. En hoe vaak ik hem later ook heb geregisseerd, er ontstond tussen ons geen toenadering.''

Tweemaal per week, twee uur lang, gaf Max Croiset zijn zoons toneellessen, in zijn huis aan de Regentesselaan in Den Haag. ,,Mijn vader Max las aan Jules en mij Oidipus van Sophocles voor'', aldus Hans. ,,Ik wilde dat regisseren, ik wilde een vorm geven aan de beelden die ik voor me zag. Maar ik begreep er natuurlijk niets van.'' Al op zijn tiende regisseerde Hans zijn twee jaar jongere broer dan ook in Oidipus; ze droegen kaboutermutsen en lange, zwarte mantels: ,,Ik dacht dat dat zo hoorde.''

De toneelschool sloegen ze zodoende over; Hans debuteerde op zijn zeventiende bij het Rotterdams Toneel en Jules op zijn zeventiende bij toneelgroep Puck. ,,Ik heb er wel spijt van gehad, dat ik geen toneelschool had'', zegt Jules. ,,Ik ben heel lang een onzeker jongetje gebleven. Hans is veel eerder volwassen geworden.''

Hoewel ze nadien elk een andere kant kozen – Hans Croiset in het reguliere toneelbestel, Jules in vrije producties en solotournees – hebben hun paden zich nog herhaaldelijk gekruist. In 1976 stonden ze bij het Publiekstheater zelfs samen met hun vader, net als Vincent en Niels nu, op het toneel – in De kersentuin: Max als Gajev, Hans als Trofimov en Jules als Lopachin. Maar dat trok toen minder de aandacht, omdat ze daarin niet als vader en zonen verschenen.

In hun verhaal ontbreekt ieder spoor van de vadermoord, die in menig ander artistiek milieu een breuk veroorzaakte. ,,Ik heb mijn vader Max altijd als een afgod beschouwd'', zegt Hans. ,,Hij was een persoonlijkheid uit de wereld van het theater.'' Jules denkt eveneens met bewondering aan zijn vader terug: ,,Als voordrachtskunstenaar, zo heette dat toen nog, kende hij zijn gelijke niet.''

En ook voor Vincent en Niels Croiset is er geen aanleiding zich als acteur tegen hun vader af te zetten, zeggen ze.

Vincent: ,,Het moeilijkste voor mij is mijn eigenheid te ontdekken. Als kind geloofde ik al in de magie van het theater, ondanks het feit dat ik mijn vader natuurlijk ook als niet-acteur meemaakte, gewoon thuis. Als ik geen speler was geworden, had ik me als decorontwerper aangemeld of lichttechnicus. Wij kregen les van Jules. Verder heb ik mijn vader vaak begeleid tijdens zijn solo-voorstellingen, dan deed ik techniek en geluid. Dat heeft een hechte band tussen ons gesmeed. Ik ben daardoor gevoelig geworden voor ruimte en de plaats van acteurs en rekwisieten in een scène. Ik ken mijn vader, zijn onzekerheid en zijn manier van spelen. Maar ik zie ook dat die onzekerheid funest kan zijn. Dan verbergt hij zich erachter. Ik denk er lang niet altijd aan dat ik zijn zoon ben, zeker niet wanneer ik speel, en toch ben ik er trots op. Het conflict tussen vader en zoon, dat ik in het tweede bedrijf uitlok, ken ik niet uit mijn particuliere leven. Biff zegt tegen zijn vader: `Jij bent nooit meer geweest dan een hardwerkende handelsreiziger die eindigt op de vuilnishoop, net als de rest.' Dat heb ìk nooit tegen mijn vader gezegd.''

Afzetten

Niels: ,,Vincent en ik zien mijn vader het liefst kleinheid en rust uitstralen. Zoals hij een paar jaar geleden in De onverwachte man speelde – dat was zó mooi van hem. Als acteurs van een vorige generatie heel erg in hun eigen stijl zouden blijven hangen, kun je je daartegen afzetten. Dan is het ouderwets. Maar als ze meegaan met hun tijd, zoals mijn vader en mijn oom, dan is het zonde van de energie. Die kun je beter positief gebruiken. Maar uiteraard heb ik het niet altijd leuk gevonden als ik voor de zoveelste keer in een recensie moest lezen dat ik het talent van mijn familie had geërfd. Toen ik eens een kritiek kreeg waarin ik gewoon als Croiset werd vermeld, zonder dat die koppeling werd gemaakt, voelde dat als een soort overwinning.''

,,Het mooie van deze cast,'' oppert Hans Croiset, ,,is dat er enkele decennia toneelspelers in samenkomen. Jules en ik komen voort uit de jaren vijftig. Christine Ewert, die de moeder speelt, en Carol Linssen, de broer van de handelsreiziger, wortelen in de jaren zestig. Vincent en Niels zijn echte representanten van de jaren negentig. Ik moet een tijdmachine bedenken om hen een gezamenlijk leven te geven. Wel geef ik toe dat ik de kwetsbaarheid van mijn neven sterk ervaar. Dat is lastig. Omdat ze de zonen van Jules zijn, schuift de werkelijke realiteit als het ware over de toneelfictie heen.''

In zijn regiedagboek op de HNT-site merkt hij een verschil op tussen Vincent en Niels: de één al vijf jaar aan de slag, de ander nog maar twee jaar. ,,Overgevoelig als de jongste nu eenmaal is,'' schrijft hij, ,,voelt hij dat zijn tempo van verwerven en verwerken lager ligt dan dat van zijn broer. Dat levert spanning op.'' Vincent maakt liever gewag van de ,,creatieve wedijver'' die hij met zijn broer heeft: ,,Mijn methode verschilt van die van Niels. Hij is een zoeker, hij neemt de tijd. Ik ben ongeduldig en snel, ik laat me leiden door de rush van het moment. Dat botst soms.'' En zelf houdt Niels Croiset het op een misverstand: ,,Ik ben het niet eens met wat Hans schreef. Ik heb geen concurrentie met mijn broer. Ik merk hooguit dat we alletwee een heel andere manier van werken hebben.''

,,Mijn broer bezocht laatst met zijn zonen de wedstrijd Ajax-PSV'', vertelt Hans Croiset. ,,Het was zo saai dat ze, samen op de tribune, de teksten van Dood van een handelsreiziger gingen oefenen. Dat is ongetwijfeld nooit eerder vertoond, noch in de wereld van het voetbal noch in die van het theater.''

`Dood van een handelsreiziger' van Arthur Miller door Het Nationale Toneel. Première 18/1 Koninklijke Schouwburg, Den Haag. Tournee t/m 14/6. Inl.: 070-3181444. www.nationaletoneel.nl

    • Kester Freriks
    • Henk van Gelder