Arabieren smeken om laatste kans

De Arabische leiders maken zich erg zenuwachtig over een Amerikaanse oorlog tegen Irak. Ze reizen het gebied af om nog een uitweg te vinden voor wat volgens hen een catastrofe wordt.

Naarmate president Bush duidelijker laat uitkomen dat zijn geduld met de Iraakse leider Saddam Hussein opraakt en steeds meer Amerikaanse gevechtstroepen naar het Golfgebied worden gestuurd, voeren Arabische leiders hun pogingen op om de oorlog nog te voorkomen die in hun ogen een ramp zal zijn. ,,Geef ons ten minste een kans'' smeekte de Saoedische minister van Buitenlandse Zaken, prins Saud al-Faisal, deze week tegenover de Amerikaanse televisiezender NBC. ,,Als wij uiteindelijk niet slagen, kunnen diegenen die een oorlog bepleiten, hun oorlog hebben zoals ze willen – en het zal een catastrofe voor de regio worden''.

In hun zwartste dromen zien de Arabische leiders een Amerikaanse aanval op Irak leiden tot een Turkse bezetting van het Koerdische Noord-Irak en een Israëlische afrekening met de Libanese fundamentalistisch-islamitische beweging Hezbollah en haar sponsor Syrië. Of Irak gebruikt massavernietigingswapens tegen Israël, dat met een kernbom terugslaat. Het land valt uiteen in ruziënde Koerdische, sunnitische en shi'itische delen waar de hele omgeving zit te stoken. Vluchtende volksmassa's trekken door het gebied. Terroristen slaan toe. De olieprijzen stijgen tot duizelingwekkende hoogte en storten de wereldeconomie in een diepe recessie. Hun eigen staatsburgers gaan de straat op en branden de regeringsgebouwen plat. In een variant op deze nachtmerrie: de Amerikaanse regering verzorgt na regimewisseling in Irak ook regimewisseling in de andere Arabische landen.

Afwijzing van een oorlog tegen Irak is dan ook ritueel geworden op bijeenkomsten van Arabische hoogwaardigheidsbekleders. Veertig Arabische ministers van Binnenlandse Zaken en van Informatie verwoordden woensdag nog hun ,,absolute weigering'' van een militaire aanval op Irak ,,die de hele regio in gevaar zal brengen''. Arabische leiders en hun vertegenwoordigers reizen elkaar en de niet-Arabische buren van Irak, Turkije en Iran, af om over een uitweg te praten en dringen er in koor bij Washington op aan ,,de regio het kwaad van een oorlog te besparen'' (president Mubarak van Egypte). Of ze steken publiekelijk de kop in het zand en ,,geloven niet dat er een oorlog zal zijn'' (de Saoedische de facto heerser kroonprins Abdullah).

De man om wie alles gaat, Saddam Hussein, toonde zich woensdag zelf niet erg geroerd door de Arabische bezorgdheid. ,,U kunt u niet voorstellen hoe ontsteld ik ben wanneer ik een Arabische leider hoor zeggen dat agressie een ramp voor de regio zou meebrengen. Een ramp voor de regio? Zou het in andere woorden geen ramp zijn voor de gelovige Arabische Irakezen? Denken ze er alléén aan hoe de vonken van Irak naar andere landen zouden overslaan?''

Ja, dat doen ze. De Arabische broeder-leiders zouden weinig moeite hebben met een oorlog tegen Irak en de omverwerping van Saddam, die ze zelf ook vrezen en haten, als ze de regionale consequenties niet nog méér duchtten. Waarvoor willen ze tijd van Washington? Om Saddam te bewegen tot het opgeven van zijn massavernietigingswapens, of veel beter, om hem zelf weg te krijgen.

President Mubarak zei deze week op de terugweg van een bezoek aan Saoedi-Arabië dat er werd gesproken over het zenden van afgezanten naar beide partijen in het conflict en over regionale bijeenkomsten – waarvan er een volgende week in Turkije wordt gehouden met deelneming van onder andere Saoedi-Arabië, Egypte, Syrië en Iran. Wat er zoal zou moeten worden besproken, zei hij niet. Maar het gonst de laatste tijd van de geruchten dat diverse landen werken aan een plan waaronder Saddam in ballingschap zou gaan in een land als Libië of Mauretanië of verder weg met garanties dat niet vervolgens zijn uitlevering wordt gevraagd voor berechting door een of ander tribunaal.

Amerikaanse functionarissen hebben zo'n ontwikkeling niet afgewezen. Minister van Defensie Donald Rumsfeld zei deze week nog dat Saddams vertrek ,,een hele goede zaak voor de wereld zou zijn'' omdat ,,oorlog het laatste is dat iedereen wil''. Maar het is zeer twijfelachtig of Saddam de man ernaar is om daaraan mee te werken – ook al presenteerde een commentator van de gezaghebbende Arabische krant Al-Hayat het twee weken geleden als uitgelezen kans voor de Iraakse leider om Amerika van een overwinning te beroven. De Qatarese minister van Buitenlandse Zaken sjeik Hamed bin Yassem al-Thani, zou het afgelopen zomer tijdens een bezoek aan Bagdad al eens hebben voorgesteld. Hij werd toen naar verluidt weggehoond, en er zijn geen aanwijzingen dat Saddam er nu meer oren naar heeft. Het Amerikaanse weekblad Time meldde gisteren dat de Arabische leiders anderzijds werken aan een staatsgreep tegen Saddam die zou moeten worden uitgevoerd door Iraakse generaals, met een internationaal gewaarborgde amnestie voor de deelnemers om hen in beweging te krijgen. Het is een al even ongewis redmiddel.

Voor alle zekerheid bereiden diverse landen in de regio zich dan ook al voor op het nachtmerriescenario. Turkije, Iran, Jordanië zijn druk bezig vluchtelingenkampen aan hun grenzen in te richten. En in Egypte ziet de fundamentalistische Moslimbroederschap recente arrestaties in haar rangen volgens Al-Ahram Weekly als preventieve maatregel van de autoriteiten om eventuele volkswoede in te dammen.

    • Carolien Roelants