Voordeel van de twijfel tot hoelang?

,,Bush is een idioot.'' Om deze kwalificatie van het staatshoofd van het buurland is onlangs een Canadese minister moeten aftreden, maar waarschijnlijk wordt dit oordeel door velen in Nederland gedeeld, vooral bij de chattering classes ofwel chic links (type Gretta Duisenberg).

Nu is president Bush, hoewel hij aan een van Amerika's topuniversiteiten is afgestudeerd, niet bepaald het prototype van een intellectueel, maar is dit op zichzelf erg? Moet een politicus, moet een president van de Verenigde Staten beslist een intellectueel zijn? Ik zou zeggen: liever niet.

Twintig jaar geleden werd om een andere Amerikaanse president, Ronald Reagan, ook veel gelachen wegens zijn geringe intellectuele gaven. Iemand als de journalist W.L. Brugsma (ook een voorbeeld van chic links) hield niet op hem een tweederangs filmacteur te noemen (wat hij was geweest). Zou Brugsma een eersterangs acteur als president hebben geprefereerd?

Intussen is Reagan wèl de president geweest onder wie er een einde aan de Koude Oorlog is gekomen zij het niet langs de weg die het Interkerkelijk Vredesberaad en de honderdduizenden van de antiraketdemonstraties hadden willen bewandelen. Integendeel: Reagan heeft, geholpen door enkele Europese bondgenoten (onder wie Nederland zich niet in de eerste rij bevond), de Sovjet-Unie door hernieuwde bewapening tot het inzicht gedwongen dat zij de wapenwedloop niet verder aankon.

Zijn plan voor een ruimteschild, dat Amerika onkwetsbaar moest maken voor raketaanvallen, was waarschijnlijk van meet af aan onuitvoerbaar en zette bovendien het evenwicht tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie, dat immers gebaseerd was op wederzijdse kwetsbaarheid, op het spel.

Zo was in 1983, toen Reagan dit plan (Strategic Defense Initiative genoemd) lanceerde, ook mijn aanvankelijke, bezorgde reactie tot ik inzag dat de Russen, die altijd diep onder de indruk waren geweest van het Amerikaanse kunnen, er iets anders over dachten. Zij vreesden niet alleen een nieuwe fase in de wapenrace, maar ook en misschien vooral een technologische spin-off van SDI, die de Sovjet-Unie nog meer achterop zou brengen.

Hetzelfde kan gezegd worden van het plan om kruisraketten in Europa te plaatsen (waartegen vooral die massademonstraties in Nederland gericht waren). Zij zouden het strategisch voordeel dat de Sovjet-Unie met haar SS-20's had verkregen, tenietdoen en haar ook op het gebied van de middellangeafstandsstrategie dwingen tot een nieuwe fase in de race. Dat kon zij economisch niet aan. Dus gooide zij, onder Gorbatsjov, de handdoek in de ring. Eind Koude Oorlog.

Nu zullen velen vooral in Nederland zeggen: maar hier zijn volkomen immorele middelen gebruikt om een eind aan een ongewenste toestand te maken. Misschien. Maar hadden ze die ongewenste toestand dan liever voortgezet gezien? Zo niet, dan moeten zij die domme Reagan, die zij als een gevaar beschouwden (zo ze hem niet belachelijk vonden), de eer geven die hem toekomt.

Zou het niet met president Bush enigszins van hetzelfde laken een pak zijn? Hij bereidt zich en de wereld kennelijk op een oorlog met Irak voor. Die oorlog zou een ramp zijn (niet alleen voor Irak), maar die oorlogsvoorbereidingen hebben wèl alvast bereikt dat Irak opnieuw wapeninspecties in eigen land heeft toegelaten. Dat zou met zoete broodjes nooit bereikt zijn geweest.

Wie weet of voortgezette oorlogsvoorbereidingen Irak niet tot verdere concessies zullen dwingen? Moeten we Bush niet op z'n minst het voordeel van de twijfel gunnen temeer omdat hij zich tot dusver, ondanks alle martiale taal, niet de unilaterist heeft betoond die velen ik ook in hem zagen?

Hij heeft immers, toen puntje bij paaltje kwam, in september jl. niet de raad gevolgd van zijn naaste adviseurs Cheney, Rumsfeld, Wolfowitz en anderen die op spoedig gewapend ingrijpen aandrongen, maar die van zijn gematigde minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell. De Verenigde Naties werden ingeschakeld. Voorlopig geen unilaterisme dus.

Intussen is zijn positie binnenslands aanzienlijk versterkt. Bij de tussentijdse verkiezingen in november heeft hij een klinkende overwinning op de oppositie behaald, iets wat voor een zittende president ongewoon is. Wat dat betreft, zou hij dus zijn koers kunnen voortzetten, die er tot dusver een is van matiging en multilateralisme onder gelijktijdig uitslaan van krijgshaftige taal.

Die Bush is dus misschien niet zo dom en idioot als waarvoor hij in de café society van Amsterdam en elders wordt uitgemaakt. Hij verdient het voordeel van de twijfel. Maar naarmate de onzekerheid, die de essentie van twijfel uitmaakt, voortduurt, wordt de twijfel groter. Scheppen de oorlogsvoorbereidingen ook als hun doel niet oorlog, maar Saddams capitulatie zou zijn niet een eigen momentum, dat het steeds moeilijker maakt de zaak, ook wanneer het wenselijk is, terug te draaien zonder gezichtsverlies voor de president en zonder demoralisatie van zijn troepen?

Tot nog toe hebben Amerika's oorlogsvoorbereidingen als politiek instrument gediend en zijn ze als zodanig succesrijk geweest. Zou het ogenblik komen dat militair gebruik nodig wordt geacht, dan is ook militair succes, gezien het Amerikaanse overwicht, verzekerd. Maar ten koste waarvan? Saddam zou verslagen worden, maar zijn nederlaag zou tevens talloze Arabische en andere moslims in de armen van het terrorisme drijven. We moeten dus hopen dat er geen oorlog komt, maar dat wordt met de dag onzekerder.

    • J.L. Heldring