Vingerafdruk van asielzoekers tegen `shoppen'

Voortaan worden binnen de EU vingerafdrukken van asielzoekers geregisteerd om `asielshoppen' te voorkomen. Dat werkt alleen als de landen ook doen wat ze beloven.

Na een paar Russen, Irakezen en een Macedoniër is een jonge Congolese vrouw met tientallen kleine vlechtjes aan de beurt. Bij de Belgische Vreemdelingendienst, waar zij vanmorgen een asielaanvraag komt indienen, legt ze haar rechterduim op een glazen plaat met rood licht eronder. ,,Flink duwen, dan heen en weer rollen'', zegt een medewerker van de Dienst, en hij tikt wat computertoetsen aan. En ja: de duimafdruk verschijnt op het computerscherm. Daarna rolt de vrouw haar linkerduim over het glas. Een paar minuten later zitten al haar vingerafdrukken in de computer en mag ze vertrekken.

Sinds gisteren worden de vingerafdrukken van asielzoekers die zich in alle EU-lidstaten behalve Denemarken melden (buiten de EU doen Noorwegen en IJsland ook mee), namelijk naar een centrale computer in Luxemburg gestuurd. Deze computer registreert of de afdrukken van een nieuwe asielzoeker al in het bestand voorkomen ofwel, of hij al in een ander EU-land een aanvraag heeft gedaan. Zo ja, dan meldt de computer dat direct en kan de `nieuwe' aanvraag ongedaan worden gemaakt. Je mag immers maar in één EU-land asiel aanvragen. Daar moet je de afhandeling afwachten.

Met het vingerafdrukkensysteem, `Eurodac', hopen de EU-landen verlost te raken van het `asielshoppen'. Omdat zij gegevens van asielzoekers nooit systematisch uitwisselden, kon iemand rustig in een paar landen een aanvraag doen zonder dat hij tegen de lamp liep. Een land als België, dat net als Duitsland en Groot-Brittannië al lang afdrukken neemt, stuurde soms een fax naar de buurlanden als het vermoeden bestond dat iemand daar al een aanvraag had lopen. ,,Dan was het maar hopen dat je antwoord kreeg'', zegt Jan Moerman, de beheerder van het Belgische vingerafdrukkensysteem.

Van de groep aanvragers die zo werd doorgelicht, had 19 procent al een aanvraag in Duitsland lopen, en elf procent in Nederland. Eén asielzoeker had veertien andere aanvragen gedaan. Per jaar krijgt de EU zo'n 400.000 asielaanvragen te verwerken. Men schat dat 40.000 tot 80.000 daarvan dubbele aanvragen zijn. ,,Eurodac is een belangrijk instrument om het Europese asielbeleid te stroomlijnen'', vindt Eurocommissaris António Vitorino (Justitie en Binnenlandse Zaken), die als geen ander weet wat voor monnikenwerk het is om dat beleid vorm te geven.

Het duurde tien jaar om Eurodac op poten te zetten. Eerst werd gevreesd voor de privacy. Maar dit bezwaar raakte op de achtergrond met de explosieve groei van het aantal asielaanvragen en het grensoverschrijdende karakter ervan. In 2001 beslisten de EU-ministers dat Eurodac er zou komen, alléén voor vingerafdrukken en niet voor andere gegevens (zoals namen). Daarna kwam er ruzie over de vraag of de afdrukken moesten worden gerold of gedrukt. Frankrijk, een van de weinige landen waar gedrukt wordt, lag lang dwars, omdat ze volgens een Brusselse diplomaat wilden dat een Frans bedrijf de technologie ging leveren. Frankrijk verloor ten gunste van een Noors bedrijf. Toen roerden zich landen die al langer met vingerafdrukken werken. Zij wilden hun oude bestanden niet naar Luxemburg sturen uit vrees dat zij veel asielzoekers uit andere landen op hun dak gestuurd zouden krijgen zodra Eurodac ging werken. Zij kregen hun zin: Eurodac is met een schone lei begonnen.

Er zit nog één adder onder het gras: landen kunnen de boel saboteren door niet van alle asielzoekers afdrukken in te sturen. Zoiets gebeurt nu met stempels in paspoorten: wie op het Franse vliegveld Charles de Gaulle de EU binnenkomt, krijgt niet altijd een stempel. Als zo iemand in Nederland wordt gesnapt met een verlopen visum, moet hij terug naar het eerste land van binnenkomst. Zonder stempel ziet niemand dat dit Frankrijk was en wordt hij niet teruggestuurd. Jan Moerman geeft zuchtend toe dat dit gevaar ook voor Eurodac bestaat. Als dat gebeurt, zegt hij, is Europees asielbeleid echt een wassen neus.

    • Caroline de Gruyter