De peiling regeert

Laatste stand: het CDA staat op 42 zetels, op de voet gevolgd door de PvdA, die nu op 40 zetels kan rekenen. Dat wil zeggen, als wordt afgegaan op de opiniepeilingen. En op die peilingen concentreert de verkiezingscampagne zich momenteel volledig. De politiek wordt er zelfs openlijk op afgestemd. PvdA-leider Bos zal het antwoord op de vraag of en wie zijn partij beschikbaar heeft als kandidaat voor een eventueel premierschap laten afhangen van het verloop van de peilingen. Geven die aan dat de plotselinge en verrassende opmars van de PvdA die vorige week begon, structurele trekken vertoont, dan zal hij een naam noemen. Dit is een merkwaardige procedure. De PvdA stelt zich al vanaf het begin van haar oprichting op als een partij die regeringsverantwoordelijkheid wil dragen. Campagnetechnisch gesproken is het slim dat Bos nu een bescheiden en welhaast onderdanige houding aanneemt, maar dat betekent niet dat de PvdA principieel voor de oppositie heeft gekozen. De partij wil zich alleen niet te gretig voordoen.

Bos heeft meer dan eens te kennen gegeven dat hij niet beschikbaar is voor een post in een kabinet waaraan zijn partij meedoet. Maar dan heeft de kiezer er recht op te weten wie dan wel in aanmerking komt voor het premierschap. Door deze kandidatuur afhankelijk te maken van het verloop van de peilingen, zoals Bos doet, voegt hij een verkeerd element toe. Niet de peilingen dienen dit soort afwegingen te bepalen, maar de principes van de partij. Bovendien geeft PvdA-leider de peilingen hierdoor nog meer gewicht dan ze al hebben. Dat laat zich moeilijk rijmen met zijn mantra dat de inhoud voorop dient te staan en de peilingen slechts speeltjes van de media zijn.

Ondertussen is het gevolg dat de peilingen de campagne domineren. Zeker nu de onderzoeksbureaus een nek-aan-nek race signaleren zal dit ontegenzeggelijk invloed hebben op de werkelijke verkiezingsuitslag. Het `bandwagon'-effect waarbij kiezers graag op de winnaar stemmen doet zich extra gelden in een tijd waarin sprake is van een groot contingent zwevende kiezers. Dit heeft gevolgen voor de kleine partijen die niet direct in de race zijn om de grootste te worden. Anders gesteld: als de machtsvraag werkelijk aan de orde is, zullen kiezers eerder geneigd zijn een strategische stem uit te brengen op de partijen die strijden om die macht. Peilingen hebben invloed op die afweging, maar dat kan geen reden zijn om ze dan maar te verbieden. Peilingen zijn een gegeven. Het is aan volwassen kiezers om ze op hun juiste waarde te schatten om daarna hun eigen stemgedrag te bepalen.