Bush spreekt zich uit tegen positieve discriminatie

De Amerikaanse president George Bush heeft gisteren zijn afkeuring uitgesproken over het bestaan van positieve discriminatie bij de toelating van minderheden op een van 's lands belangrijkste universiteiten.

Volgens Bush, die zich voor het eerst heeft uitgelaten over de uiterst gevoelige burgerrechtenkwestie, zaait de voorkeursbehandeling van zwarte en Latijns-Amerikaanse studenten op de Universiteit van Michigan ,,verdeeldheid''. De regeling is ,,oneerlijk en strookt niet met de grondwet'' aldus Bush in een korte verklaring.

Bush steunt met zijn verklaring een groep blanke studenten die een proces zijn begonnen tegen de universiteit uit protest tegen dat beleid. Het Hoogste Gerechtshof besloot vorige maand de zaak in behandeling te zullen nemen. Het is de belangrijkste affirmative action-zaak die het Hof in de afgelopen vijfentwintig jaar heeft opgenomen.

Door zich in de kwestie te mengen – het Witte Huis heeft een pleidooi opgesteld dat vandaag zou worden ingeleverd bij het Hof – neemt Bush grote risico's. Hij heeft zich de woede van het zwarte en Spaanssprekende bevolkingsdeel op de hals gehaald. Onmiddellijk na zijn verklaring hebben vooraanstaande Democraten en mensenrechtengroeperingen hun afkeuring uitgesproken over het standpunt van Bush. Volgens de critici werkt de mening van Bush raciale verscheidenheid op de Amerikaanse universiteiten tegen.

Bush heeft evenwel gezegd dat hij juist die verscheidenheid binnen het hoger onderwijs wil bevorderen. ,,De kern van de zaak is dat het beleid in Michigan gelijk staat aan een quotastelsel dat aanstaande studenten onredelijk straft op grond van hun ras'', zei Bush. Bij de universiteit zou ras zwaarder wegen dan de studieresultaten.

Mary Sue Coleman, president van de Universiteit van Michigan heeft in een reactie op de verklaring gezegd dat Bush onjuist is geïnformeerd over het toelatingsbeleid. De universiteit geeft studenten van minderhedengroepen en sociaal-economisch achtergestelden twintig punten extra (op een schaal van 150). Maar wat volgens Coleman doorslaggevend is zijn de toelatingsexamens. De Universiteit van Michigan streeft naar een minderhedenpercentage van ongeveer twaalf procent, overeenkomstig het landelijk gemiddelde. De maatregel verschilt dan ook niet veel van de toelatingseisen op andere universiteiten in de Verenigde Staten.

De verklaring van Bush komt op een lastig moment voor de Republikeinen. Een maand geleden was Trent Lott, de leider van de Republikeinse meerderheid in de Senaat, genoodzaakt zijn positie op te geven na een `verspreking' waaruit zijn voorkeur bleek voor het Amerikaanse raciale verleden.

De politieke gevolgen van Bush' verklaring zijn, afhankelijk van een uitspraak van het Hof, buitengewoon groot. Als het Hof instemt met de bezwaren die de blanke studenten hebben gemaakt, kunnen de raciale verhoudingen op alle Amerikaanse universiteiten dramatisch veranderen. Leiders van de Afrikaans-Amerikaanse gemeenschap zijn woedend en noemen de kwestie ,,desastreus voor het genezingsproces'' van zwarte Amerikanen die ,,decennia lang zijn gediscrimineerd''. De mensenrechtenactivist Jesse Jackson heeft gezegd dat het Amerikaanse mensenrechtenbeleid de afgelopen vijftig jaar ,,nog nooit zo gesloten'' is geweest.

Conservatieve Republikeinen hebben juist opgetogen gereageerd op de verklaring van Bush. Zij noemen het standpunt rechtvaardig en hopen dat een definitief einde komt aan het voorkeursbeleid op de universiteiten. ,,Het is hartverwarmend'', zei Curt Levey van het Center for Individual Rights tegenover The Washington Post. Het centrum vertegenwoordigt de blanke studenten van de Universiteit van Michigan in de rechtszaak. ,,Ras mag niet langer meer een rol spelen op de universiteiten.''