Bestuurlijke boetes

In de verkiezingsprogramma's van de politieke partijen heeft het onderwerp veiligheid een prominente plaats. Naast aandacht voor preventie klinkt een luide roep om uitbreiding van de politie. Het Veiligheidsprogramma van het kabinet voorziet in beperkte mate in die gewenste uitbreiding. Uitbreiding van de politiecapaciteit blijft onverminderd van belang. De slechte financiële en economische vooruitzichten maken de kans op een verdere vergroting van het aantal agenten echter niet groot.

In NRC Handelsblad van 10 januari doet Joop Quint de oproep aan de VNG om een nieuw politiemodel te ontwikkelen in de vorm van een terugkeer van gemeentelijke politiekorpsen. Hoewel een versterking van de gemeentelijke invloed op het werk van de politie zeker gewenst is lijkt mij een nieuwe reorganisatie van de politie niet het antwoord op de dagelijkse ergernis van veel burgers.

Ik wil pleiten voor een aanvullend instrument dat naast de politie op korte termijn een krachtige bijdrage kan leveren aan de bestrijding van overlast en `kleine' criminaliteit: de bestuurlijke boete. Wanneer gemeenten de mogelijkheid krijgen om bestuurlijke boetes op te leggen ontstaat een zeer effectieve en efficiënte mogelijkheid van handhaving die de politie en het strafrechtelijk apparaat ontlast. Er zijn nog meer voordelen. Zo wordt de verantwoordelijkheid van het lokale bestuur voor handhaving verder ingevuld waardoor intensievere controles mogelijk worden en ook de pakkans wordt vergroot. Bovendien zijn bestuurlijke boetes beter dan het strafrecht geschikt om massaal beschikkingen te kunnen afgeven voor lichte vergrijpen. Dit instrument kan op verschillende gebieden ingezet worden zoals verkeershandhaving (fietsen op trottoirsof zonder licht, door rood licht rijden en fout parkeren), bouw- en milieuregelgeving (illegale bouwwerken, gebruiksveranderingen, verkeerd aanbieden van afval, illegaal grofvuil) en de Algemene Plaatselijke verordening (illegaal plakken en graffiti, hondenpoep, straathandel). De opbrengsten van de bestuurlijke boete komen ten goede aan de gemeenten die daaruit de aanstelling van toezichthouders en buitengewone opsporingsambtenaren (BOA) kunnen financieren. Dit biedt tevens de mogelijkheid om de huidige stadswachten te laten doorgroeien naar een BOA-functie.