Jonge bankier met ambitie

Ooit was ze de jongste toezichthouder van De Nederlandsche Bank, en nu zit ze, op haar 34ste, in de directie van Rabo Securities. Sinds 1 november 2002 is Eugénie Krijnsen chief financial officer van de effectendochter (ook overnames en fusies) van Rabobank International. De promotie kwam ruim anderhalf jaar na haar aantreden bij Rabo Securities, waar zij begon als adviseur van de directie.

Dat is snel gegaan, vindt zij zelf ook. Vraag oud-collega's haar te typeren en ze laten meteen het woord `ambitieus' vallen. Ze noemen haar ook doortastend, secuur, eerlijk. ,,Ze is zeer ambitieus, maar met een groot invoelend vermogen. Ze kan goed situaties inschatten'', zegt Geerte-Marij Dijkstra, onderdirecteur bij het Bouwfonds. Zij werkte samen met Krijnsen in de tweede helft van de jaren negentig bij De Nederlandsche Bank. Dat Krijnsen nu in de top van Rabo Securities zit, verbaast Marja Meulblok, oud-collega bij Coopers & Lybrand en nu controller bij het Leids Universitair Medisch Centrum, niet. ,,Ze is snel, duidelijk en grondig.''

Eugénie Krijnsen houdt van cijfertjes en omgaan met mensen. Ze wilde eigenlijk arts worden toen ze nog op de middelbare school zat in Hoorn, waar zij opgroeide. Haar rector raadde haar echter aan economie te studeren. ,,Waarom weet ik eigenlijk niet'', zegt Krijnsen. Ze koos toch voor medicijnen, in eerste instantie. Voor deze studie moest zij ingeloot worden. Een paar maanden na aanvang van het studiejaar kon zij beginnen. ,,Ik wilde in de tussentijd wel wat doen, en ben toen economie gaan studeren.'' Dat beviel. Daarna heeft ze nog wel even medicijnen gestudeerd, om weer snel terug te keren naar economie. Na economie deed ze een postdoctoraal accountancy. Een mooie opleiding, waar het volgens haar niet alleen draait om de cijfers. ,,Je kijkt ook hoe die cijfers er komen, of het management het bedrijf dat je controleert wel in goede handen heeft.''

In 1991 ging zij bij Coopers & Lybrand aan de slag. Na drie jaar volgde de overstap naar een dochter van Getronics, waar zij het anderhalf jaar vol hield. ,,Ik zag op een gegeven moment een advertentie van De Nederlandsche Bank, die een toezichthouder zocht. Dat leek me wel wat'', vertelt Krijnsen. Op haar 27ste solliciteerde zij bij de centrale bank. ,,Bij het sollicitatiegesprek waren ze heel voorzichtig, alsof ze mij als jonge vrouw wilden afschrikken, maar ik werd steeds enthousiaster'', zegt Krijnsen. Ze kreeg de functie en werd de jongste toezichthouder.

Een baan bij de bankenhoedster, een formeel instituut, notities, convenanten en financiële rapportages; het klinkt weinig aanlokkelijk voor een jonge careermaker. ,,Je komt bij verschillende banken over de vloer. Het is heerlijk om over de schouders van directieleden mee te kijken'', zegt Krijnsen.

Natuurlijk, de sfeer bij DNB is `wel formeel'. Dat was even slikken. ,,Een notitie moet worden ondertekend door twee senior-collega's. Zij veranderden er aanvankelijk behoorlijk wat aan, en dat was wennen voor iemand die het meteen in één keer goed wilde doen.''

Op een feestje van de DSB Groep, waar haar man werkt, ontmoette zij Dirk Scheringa, de grote baas van de verschaffer van consumentenkrediet. Scheringa vroeg haar, eerst voor de grap maar later serieus, of zij niet een bank voor hem wilde opzetten. Hoewel haar werk bij DNB goed beviel, ging zij in 1999 voor dezelfde baas als haar man werken. Het `ondernemende aspect' aan het oprichten van een bank leek haar leuk. ,,Het bouwde voort op de kennis die ik al had: de ervaring met het verlenen van bankvergunningen en het beoordelen van businessplannen.'' Haar man werkt nog steeds bij DSB, maar zelf vond Krijnsen het na anderhalf jaar genoeg geweest. ,,De cultuur van het bedrijf paste niet bij me.''

Rabobank werd haar nieuwe werkgever, de vijfde in negen jaar. Officieel werkt Krijnsen 32 uur. Op vrijdag is de moeder van drie kinderen thuis, maar in praktijk werkt zij dan, tussen de bedrijven door, vaak ook gewoon voor de zaak. ,,Het werk houdt natuurlijk niet ineens op vrijdag op.'' Ze heeft niettemin genoeg tijd over voor haar kinderen, tuinieren en lezen. ,,Anders zou ik dit werk niet kunnen doen.''