Graf Van Heutsz verplaatst

,,Als Johan Cruijff daar had gelegen, hadden we 'm ook verplaatst.'' Directeur Marie-Louise Meuris van de Amsterdamse begraafplaats de Nieuwe Ooster laat er geen misverstand over bestaan. Dat het praalgraf van gouverneur-generaal Van Heutsz wordt verplaatst naar een minder prominente plek op de begraafplaats, heeft niets te maken met politieke correctheid of gewijzigde waardering voor de `pacificator van Atjeh'.

De tombe met daarin het gebalsemde lichaam van Van Heutsz, gebouwd in 1927, ligt pal achter de aula van de Nieuwe Ooster. Rouwenden die de aula verlaten lopen er meteen tegenop, de dragers moeten er omheen. Directeur Meuris wil de zichtlijnen uit het oorspronkelijke ontwerp van landschapsarchitect L.A. Springer uit 1894 herstellen. In het verlengde van de achteruitgang van de aula ligt een 400 meter lange laan, die zonder het praalgraf van Van Heutsz weer zichtbaar wordt.

Johannes Benedictus van Heutsz (1851-1924) bevestigde rond 1900 het Nederlandse gezag in Atjeh, Noord-Sumatra, ten koste van naar schatting 70.000 doden aan Atjehse kant. Door zijn optreden werd Van Heutsz, die van 1904 tot 1909 gouverneur-generaal was van Nederlands-Indië, een symbool van hardhandig Nederlands bewind in de kolonie. Het Van Heutsz-monument op het Olympiaplein in Amsterdam-Zuid is sinds de oprichting in 1935 omstreden geweest. Het werd besmeurd, met bommen bestookt en was inzet van verhitte debatten over het koloniale verleden. In 2001 gaf het Amsterdamse stadsdeel Oud-Zuid het monument een bredere lading: de naam van Van Heutsz werd vervangen door de tekst `Monument Indië Nederland 1596-1949'.

Anders dan het monument in Zuid is het graf van Van Heutsz nooit omstreden geweest. De tombe was het resultaat van een prijsvraag die werd gewonnen door beeldhouwer B.M.A. Ingen Housz en architect D. Roodenburg. Het geld was bijeengebracht door een inzamelingsactie, waar later ook het monument in Zuid mee werd gefinancierd. In 1927 werd Van Heutsz met groot ceremonieel herbegraven in Amsterdam, drie jaar na zijn overlijden in Montreux. In 1919 werd een urn met de as van zijn echtgenote in de tombe bijgezet.

Het praalgraf, een bakstenen gewelf bedekt met granietblokken en stenen figuren aan voor- en achterzijde, wordt de komende weken in delen gedemonteerd en opgeslagen. De mozaïekvloer wordt op de voegen in stukken gezaagd. Over een half jaar wordt de tombe weer opgebouwd aan de andere kant van de Nieuwe Ooster, vlakbij de Gooiseweg. Naast Van Heutsz komt ruimte voor islamitische graven, gericht op het oosten en met wasgelegenheid.