Vage bespiegeling en hiërarchisch ongemak

2003 is begonnen met nieuwjaarstoespraken. Doorgaans is het een ongelukkige combinatie van vage bespiegeling, quasi-gevoeligheid en dikdoenerij.

Van bedrijfskantine tot theaterfoyer, van volleybalclub tot multinational – het jaar is ingeleid met een eindeloze stoet nieuwjaarsborrels. In West-Europa varieert het feestje van een bescheiden rondje bier, inclusief een handje chips, tot een spetterend evenement met buffetten en afterparties. De bijeenkomst wordt steevast opgeluisterd door de toespraak van de bestuursvoorzitter, en sinds jaar en dag wordt die interventie op zijn best beschouwd als een vergeeflijke verstoring van de feestvreugde. Merkwaardig is dat iedereen het erover eens lijkt te zijn dat het effect van dit soort redevoeringen zo laag, respectievelijk de inhoud zo weinig relevant is dat men zich kan afvragen waarom het nog gebeurt. Aan de andere kant is het huis te klein indien de baas een keer zou besluiten zijn mond te houden. Wat is er mis?

Bij grote ondernemingen is de nieuwjaarstoespraak voor alle betrokkenen een hinderlijk buitenbeentje. De halfjaarcijfers liggen te ver in het verleden om nog aanknopingspunten te bieden. De jaarcijfers zijn weliswaar op een oor na gevild, maar kunnen nog niet gebruikt worden omdat de informatie beursgevoelig is. Verder is de doelgroep ongrijpbaar omdat bij dit soort toespraken het gehele personeel van de vestiging bereikt moet worden.

Daarnaast is de context ongewis: de nieuwjaarsborrel is er in de eerste plaats voor de gezelligheid en de hiërarchische ongemakken zijn in de hoofden van de meeste werknemers even achter slot en grendel gezet. Het met alle geweld willen houden van een nieuwjaarstoespraak die in detail ingaat op de plannen voor het komend jaar komt daarom vaak over als opdringerigheid.

Voor de afdeling public relations, die geacht wordt kort na de zomervakantie een eerste aanzet op papier te hebben staan, is het een vervelende klus. De nieuwjaarstoespraak moet op de een of andere manier worden ondergebracht in planning van communicatie-uitingen over het gehele jaar, maar er is eigenlijk geen materiaal voorhanden dat zich leent voor deze gelegenheid. De presentatie van jaarcijfers, overnames, reclamecampagnes, investeringen en ook die van herstructureringen en sluitingen bergen voldoende dramatiek en feitenmateriaal in zich om elke keer weer fors uit te halen. De klassieke nieuwjaarstoespraak heeft dat niet. Maar omdat de spreker toch wil overkomen als een persoon met diepgang en bindend vermogen is het resultaat vaak een ongelukkige combinatie van vage bespiegeling, quasi-gevoeligheid en dikdoenerij.

Een en ander wil niet zeggen dat het met de nieuwjaarstoespraak nooit goed kan komen. Er zijn ook formules die prima werken. Succesvolle oplossingen worden gekenmerkt door de presentatie van hapklare brokken die in verschillende vormen gedurende het gehele feestdagenseizoen worden uitgevent. Een vestiging van France Telecom heeft de communicatie uitgesplitst in een kerstbrief aan het gehele personeel waarin dankwoorden voor het prestaties van het afgelopen jaar, een samenvatting van de prioriteiten voor de komende periode en enige welgemeende warmbloedigheden elkaar netjes opvolgen.

De nieuwjaarsborrels worden beperkt tot een drankje na afloop van de eerste werkdag in het nieuwe jaar. Het is een interne aangelegenheid waarbij geen pers wordt uitgenodigd. Hier houdt de directeur een verhaaltje van hoogstens twee minuten waarin hij of zij eerst een grap maakt, vervolgens met een anekdote aanduidt waarom het zo heerlijk is om voor France Telecom te werken, dan één zakelijke prioriteit voor het komende jaar noemt en de zaak afsluit met een aspect van de bedrijfscultuur (snelheid, klantvriendelijkheid, etc.) die gaat bepalen of het jaar succesvol wordt. Twee minuten, uit het hoofd. Vervolgens mengt de spreker zich in het publiek, drinkt met zoveel mogelijk mensen een glas en blijft tot het einde.

Een heel gevoelig punt is de familie thuis. Veel ondernemingen hebben kerstpakketten voor hun werknemers. Daarvan is het risico dat elk jaar wordt gekeken of er niet minder inzit dan het jaar ervoor. Het kerstpakket is een onuitputtelijke bron van klachten en verwijten. Daarom gaan sommige ondernemingen over tot uitreiking van een klein aandenken na de nieuwjaarsborrel, en wel voor thuis (kandelaar, twee glazen, etc.). Zo'n gebaar geeft aan dat de onderneming het hart op de goede plaats heeft zitten: respect voor de familie, sociaal bewust en fijn om bij te werken.

    • Wynold Verwey