Titanenstrijd van de oud-generaals

De grootste Nigeriaanse partijen kozen deze week oud-juntaleiders als kandidaat voor het burgerpresidentschap. Erg democratisch gingen het daarbij volgens de critici niet toe.

Nigeria kent maar twee partijen: militairen en burgers. Dat is een oude Nigeriaanse grap. Ze is achterhaald sinds vijftien jaar militair regime in 1999 werd afgewisseld door een burgerbewind. Vier jaar later in de aanloop naar de verkiezingen van 19 april rest er in de kleuterdemocratie maar één partij: dat zijn de militairen. Ze hebben zich over meer dan dertig politieke partijen uitgesmeerd.

De twee grootste politieke partijen schoven deze week allebei een oud-juntaleider als presidentskandidaat naar voren. De sterk verdeelde People's Democratic Party (PDP) schaarde zich met een onverwacht grote meerderheid achter de huidige president Olusegun Obasanjo (70), een oud-generaal die het land van 1976 tot 1979 heeft geleid. De All Nigeria People's Party koos voor de 61-jarige oud-generaal Muhammadu Buhari, die in 1983 door een staatsgreep aan de macht kwam. De nieuwe partij All Progressive Grand Alliance (APGA) kwam ook al met een generaal: Emeka Odumegwu-Ojukwe die in 1967 de dertig maanden durende afscheidingsoorlog van Biafra tegen Nigeria heeft aangevoerd.

Al hebben ze het uniform verruild voor het burgerpak, al hebben ze hun rang ingewisseld voor een titel, in de Nigeriaanse democratie is de macht nog steeds grotendeels in handen van krachtpatsers die afkomstig zijn uit het leger. Tientallen ex-officieren vertegenwoordigen het volk in de Senaat en het Huis van Afgevaardigden. Tientallen oud-militairen zitten op sleutelposities in de politieke partijen. Volgens politiek analist Ike Onyekwere zou ,,het kernkabinet zelfs nu nog kunnen doorgaan voor een militaire junta''. Veel prominente kabinetsleden hebben binnen het leger carriere gemaakt.

Nigeriaanse critici zeggen dat de meeste oud-militairen de democratie alleen maar in naam hebben omarmd, omdat westerse donorlanden en buitenlandse investeerders dat nu eenmaal graag zien. Ze wijzen naar de omstreden manier waarop de grootste partijen deze week hun presidentskandidaten kozen. Ex-vicepresident Alex Ekwueme die net als vier jaar geleden binnen de regerende PDP aan het kortste eind trok in de directe confrontatie met Obasanjo, sprak van ,,een schertsvertoning'' en van ,,doorgestoken kaart''. Van de 3.500 gedelegeerden die mochten kiezen, was meer dan driekwart aangewezen door de nationale regering en door de gouverneurs van de deelstaten die het op een akkoordje met Obasanjo hebben gegooid.

Enkele maanden geleden steunde een groot deel van zijn partijgenoten in het parlement nog een afzettingsprocedure tegen de president. Alleen dankzij de steun van zijn invloedrijke vicepresident Atiku Abubakar bleef Obasanjo op de partijconventie overeind. Volgens de Nigeriaanse krant ThisDay beloofde Obasanjo in ruil de presidentskandidatuur van de 56-jarige Abubakar in 2007 te steunen.

Ook stroomde het geld deze week weer overvloedig. Dat werd verstrekt door de zogeheten `money bags', de multimiljonairs die het politieke proces willen beïnvloeden en hun toegangskaartje kopen tot de macht. De bankbiljetten verdwenen in de zakken van de gedelegeerden die spottend `cash & carry' worden genoemd.

Op de partijconventie van de al even verdeelde ANPP ging het niet veel anders. Alle vijf de kandidaten uit het christelijke zuiden trokken zich terug uit protest tegen wat zij ,,manipulatie van het kiesproces'' noemden in het voordeel van Buhari. Vijf noordelijke kandidaten hadden zich op dat moment al vrijwillig afgemeld om de weg te banen voor de islamitische Buhari uit het noorden. Zuidelijke uitdager Rochas Okorocha zei dat de kandidaatstelling door een klein groepje binnenskamers volstrekt ondemocratisch geregeld was.

Buhari wees die beschuldigingen donderdag tegenover de BBC verontwaardigd van de hand. ,,Ik heb geen beloften gedaan. Ik probeer die dingen te vermijden die de integriteit van politici in onderontwikkelde landen hebben besmeurd.''

Buhari verlaagt zich tot de politiek die hij even hartstochtelijk als openlijk minacht, omdat hij vindt dat president Obasanjo het land verdeelt en niks tegen de allesondermijnende criminaliteit en corrruptie heeft gedaan.

Als juntaleider heeft Buhari in de jaren tachtig zo'n 500 politici, ambtenaren en zakenlieden gevangen laten zetten in het kader van een campagne tegen verspilling en corruptie. Ook beperkte hij de persvrijheid en deed hij een vergeefse poging om Nigerianen bij de bushaltes netjes in de rij te laten staan als onderdeel van zijn `Oorlog tegen de Ongedisciplineerdheid'. Als `running mate' koos hij de flamboyante ex-president van de Senaat Chuba Okadigbo, die twee jaar geleden uit zijn functie werd ontheven na beschuldigingen van corruptie.

De wedergeboren christen Olusegun Obasanjo uit het zuidwesten neemt het met zijn `running mate' Atiku Abubakar, de islamitische vicepresident uit het noorden, dus op tegen de islamitische noorderling Buhari met zijn christelijke partner uit het zuidoosten. De Nigeriaanse media betitelen de komende verkiezingen al als de ,,botsing van de generaals''. De grote man op de achtergrond die bij die strijd met zijn financiële steun en invloed een beslissende rol kan spelen, is ook al een oud-generaal: Ibrahim Babangida. Hij verjoeg Buhari in 1985 met een staatsgreep. Terwijl zijn voorganger in de gevangenis zat, verrijkte Babangida zich met miljarden aan staatsgeld en werd multimiljardair.

Burgerpolitici zijn er in Nigeria nooit in geslaagd om de macht via vreedzame verkiezingen over te dragen aan een volgende burgerregering. Altijd werden de verkiezingen door geweld overschaduwd en door een staatsgreep gevolgd. Misschien kan dat patroon dit keer worden doorbroken in een land waar de toppolitici toch allemaal oud-militairen zijn.

    • Dick Wittenberg