`Sportsucces is afhankelijk van hartstocht, niet van beleid'

Frits Suèr heeft de misère rond Topvolleybal Nederland (TVN) zien aankomen en stapte uit het bestuur. De oud-bestuurder betreurt de teloorgang van een succesvolle sport. `Het was al jaren een bende.''

Eenmaal aangeschoven voor een analyse over de misère in het topvolleybal, lucht Frits Suèr (62) eerst zijn hart: ,,Ik vind het verschrikkelijk, héél erg.'' Als oud-bestuurslid van Topvolleybal Nederland, de vrijwel failliete stichting waaronder alle nationale teams ressorteren, verbaast de teloorgang van het Nederlands volleybal hem geenszins, maar nu het sterfhuis onontkoombaar lijkt, is zijn gemoedstoestand een cocktail van droefheid, boosheid en machteloosheid. Zijn commentaar op TVN: ,,Er deugt geen donder van, het is al jaren een bende.''

Hoewel Suèr binnen de volleybalwereld geen functie meer bekleedt, geldt hij als gezaghebbend. Die status dankt de Amstelvener vooral aan zijn actieve rol bij de totstandkoming van het Bankrasmodel, het project waarmee de aanzet werd gegeven tot uiteindelijk de gouden medaille van de nationale mannenploeg bij de Olympische Spelen van 1996.

Suèr was destijds voorzitter van Martinus, de club uit Amstelveen waar onder aanvoering van Bert Goedkoop, Marco Brouwers en Avital Selinger de spelersgroep geen genoegen meer nam met een marginaal internationaal niveau. Als manager sponsoring van Nationale Nederlander droeg hij zijn werkgever als de eerste hoofdsponsor van het Nederlands team aan en naast Piet de Bruin, de toenmalige voorzitter van de volleybalbond (NeVoBo), was hij een aanjager van het succes. Zijn reputatie bracht hem in 1997 in het bestuur van TVN, waarvoor hij in oktober 2001 uit onvrede met het financiële beleid bedankte.

Ofschoon geen financieel expert, kon Suèr in 2001 uit de boeken opmaken dat het met TVN de verkeerde kant opging. Nadat de klachten over achterstallige betalingen aanhielden, drong hij aan op maatregelen. ,,Waar ik ook kwam, hoorde ik: `Ik krijg nog geld van TVN.' Dat irriteerde me mateloos. Uiteindelijk zouden met een lening van 1,5 miljoen gulden bij de SNS Bank de schulden worden vereffend. Dat verzekerden mij de directeuren Jos Smulders en Jan Tilmans. Ik heb ze toen op de man af gevraagd: `Jongens, is het nu afgelopen? Krijgt iedereen zijn geld?' Tot driemaal toe werd dat bevestigd. Tot ik later in het jaar Pollux-trainer Jan Berendsen sprak. Die zei: `Jullie roepen wel steeds dat alles is betaald, maar ik ken nog veel spelers, speelsters en trainers die geld tegoed hebben.' Toen ik dat hoorde, ontplofte ik. Toen wist ik dat ik moest wegwezen. Voor een dergelijk beleid wilde ik geen verantwoording dragen. Bovendien was ik als de dood voor aansprakelijkheid. Achteraf ben ik blij tegen de begroting voor 2002 te hebben gestemd.''

De vraag rijst waarom Suèr niet eerder alarm had geslagen. Zijn verweer: omdat hij geen overzicht had over de solvabiliteit; hij zag als bestuurslid technische zaken alleen de jaarrekening en de begroting, maar werd verder overal buiten gehouden. ,,Dat werd ook gezegd door Smulders en Tilmans'', zegt Suèr met verontwaardiging in zijn stem. ,,Ik was er voor de `techniek', `financiën' was mijn zaak niet. En ik geloofde ook vaak hun uitleg. Nu ik erop terugkijk denk ik dat er op het kantoor van TVN een systematiek was van onbereikbaarheid en zo laat mogelijk zo weinig mogelijk betalen. Daarnaast werd een reeks smoezen gebruikt om zaken aannemelijk te maken. Uiteindelijk werden die te doorzichtig, omdat niemand meer geloofde dat het gestorte geld terugkwam, namen waren verwisseld of zelfs dat de bank bedragen niet wenste over te schrijven. De gekste verhalen werden verteld, totdat uiteindelijk de geloofwaardigheid helemaal was verdwenen.''

Suèr beseft nu ook dat hij zijn portefeuille eerder ter beschikking had moeten stellen. Maar zakelijke solidariteit met de directie weerhield hem van die stap. Suèr: ,,Ik vreesde dat met mijn vertrek het imago van Smulders en Tilmans in de marketingwereld zou worden beschadigd. Dat wilde ik ze niet aandoen. En over die lening van 1,5 miljoen had ik ondanks alles een goed gevoel. Ik dacht: al doen we honderd jaar over de aflossing, de problemen met achterstallige betalingen zijn tenminste opgelost. Het enige dat ik toen nog verbeterd wilde hebben was de stijl van vergaderen. We kwamen eens in de twee, drie maanden als bestuur ad hoc bijeen zonder diepgaand te spreken. Bovendien had ik moeite met de werkwijze van Smulders en Tilmans, die geen notulen en afsprakenlijst bijhielden. Er was geen referentiepunt, helemaal niets.''

Naar Suèrs inschatting hebben Smulders en Tilmans zich vertild aan hun job bij TVN. Het oud-bestuurslid: ,,Bij mijn vertrek, vijftien maanden geleden, bedroeg het tekort 1,5 miljoen gulden. Als ik vervolgens zie dat sedertdien de schuld is opgelopen tot meer dan twee miljoen euro, is er sprake geweest van puur wanbeleid. En het trieste is dat iedereen er van wist: voorzitter André Hengeveld, bestuurslid Hans Amesz, maar ook NeVoBo-voorzitter Herman van Zwieten; hij kan onmogelijk zeggen `Wir haben es nicht gewusst'. Al begrijp ik wel zijn afstandelijke houding, want van Zwieten wil voorkomen dat de NeVoBo voor de schuld van TVN opdraait.''

Terugkijkend oordeelt Suèr dat de directie ook te veel vrijheid van handelen heeft gekregen. ,,Ik heb altijd gevonden dat Smulders en Tilmans een klankbord nodig hadden, omdat zij niet capabel waren om alle zaken met z'n tweeën af te handelen. Onder Paul Schaling, de vorige voorzitter, gebeurde dat ook niet. Die stuurde hen aan. Hem kennende zal dat stevig zijn gebeurd. Maar diens opvolger Hengeveld hield Smulders en Tilmans altijd de hand boven het hoofd; daar kwam ik niet tussen. Vrijwel elke stemming in het bestuur was twee tegen één. Ik heb me menigmaal afgevraagd waarom Hengeveld de directie dekte, want de fouten kunnen ook hem onmogelijk zijn ontgaan. Ik vond het bovendien verdacht dat er geen opvolger voor mij werd aangesteld. Het argument was dat een te dikke bestuurslaag tussen TVN en de NeVoBo ongewenst was. Hoezo? Je praat met drie man toch niet over een dikke bestuurslaag. Men wilde er niemand bij, want men vond mij al veel te lastig.''

Als er bestuurlijk schoon schip gemaakt moet worden, geldt dat volgens Suèr zowel voor het bestuur van TVN als voor het hoofdbestuur van de NeVoBo. Met uitzondering van Heleen Crielaard en Adams Verweij vindt hij dat het bondsbestuur uit uitgebluste mensen bestaat, die uit de affaire TVN hun conclusies moeten trekken. ,,Van het huidige bestuur hoef je geen wonderen te verwachten. Zij hebben zich te veel een houding aangemeten van `laat maar'. Op zich goede mensen hoor, maar te verwant met breedtesport. Voor topsport heb je bezeten mensen nodig. Die mis ik. Ik mis die blinde Piet de Bruin-ambitie. Waarom won Nederland ooit olympisch goud? Omdat er een stel ambitieuze spelers was, binnen de bond gesteund door mensen met power, bestuurders die wat konden forceren. Succes in topsport is afhankelijk van mensen met hartstocht, niet van beleid.''

    • Henk Stouwdam