Prijsverhogingen van 10 procent sinds begin dit jaar

Veel bedrijven en instellingen hebben op 1 januari hun prijzen sterk verhoogd. Zo zijn de entreekaartjes van pretparken en musea vorige week met gemiddeld 10 procent gestegen.

Dat blijkt uit een inventarisatie van deze krant, die de prijzen vergeleek bij musea, slijterijen, hotels, dierentuinen, attractieparken en gemeenten (belasting). In alle sectoren is de gemiddelde stijging ver boven de 3,5 procent inflatie van vorig jaar en de inflatie die het Centraal Planbureau (CPB) voor 2003 verwacht (2,5 procent).

De sterkste prijsstijging kwam voor rekening van het Van Gogh Museum in Amsterdam. Dat verhoogde op 1 januari de entreeprijs van 7 tot 9 euro, een toename van 28,6 procent. Ook het Groninger Museum vraagt sinds vorige week 16,6 procent meer. Daar kost een kaartje 7 nu in plaats van 6 euro. Bij de pretparken vielen Land van Ooit en Attractiepark Slagharen op met verhogingen van respectievelijk 20 en 16,7 procent.

Traditioneel is 1 januari voor bedrijven en instellingen een tijdstip om hun prijzen te verhogen, vooral om toegenomen kosten te compenseren. De prijsstijgingen zijn opvallend, omdat veel consumenten het gevoel hebben dat de invoering van de euro het afgelopen jaar al een prijsopdrijvend effect hadden. Hoewel de economische malaise nu twee jaar duurt, is er voor het bedrijfsleven in zijn algemeenheid geen reden haar prijzen te verhogen met meer dan het inflatiepercentage, zegt een woordvoerder van het CPB.

In elk van de zes sectoren werden vijf bedrijven of instellingen gevraagd hoeveel ze hun prijzen hadden aangepast. Gemiddeld verhoogden de vijf dierentuinen hun toegang met 5,9 procent. Daarvan was het Noorder Dierenpark in Emmen, op twee na de meestbezochte dierentuin van Nederland, de grootste stijger. Daar werd de entree verhoogd van 14,50 naar 16 euro, een plus van 10,3 procent.

De directies verwijzen naar de inflatie als oorzaak van de aanpassing. Directeur Henk Hidding van Noorder Dierenpark erkent dat de verhoging ,,vrij fors'' is en boven de inflatie, maar geeft ook als reden de gestegen personeelskosten op. De woordvoerder van het Van Gogh Museum zegt dat het gaat om ,,een gewone algemene prijsverhoging, waarover we verder geen mededelingen doen''.

Ook de hotels hebben hun kamerprijzen verhoogt met gemiddeld 5,2 procent. Bij Golden Tulip in Rotterdam steeg de prijs voor een tweepersoonskamer van 170 naar 180 euro: 5,9 procent extra. Een woordvoerster van Hotel Derlon in Maastricht (plus 5,8 procent) zegt dat de directie hiermee ,,gewoon de inflatie volgt''.

Per 1 januari is de accijns op sterk alcoholische drank, zoals whisky, likeur en jenever, met 35 procent verhoogd. Dat komt volgens een woordvoerder van het ministerie van Financiën neer op ongeveer 1 euro extra per literfles, maar de slijterijen hebben in bijna alle gevallen hun prijzen sterker verhoogd. Een fles Bokma graanjenever werd bij slijterij Mitra in Veghel 1,73 euro duurder. Slijterij Verhagen in Zwijndrecht verklaart de toename van 1,45 euro bij hem door de winstmarge van 10 procent die hij over de accijns heft.

Ook gemeenten verhogen hun belangrijkste belasting, de onroerendzaakbelasting, ver boven het inflatieniveau: 5,8 procent. De gemeente Den Haag is een witte raaf, maar de vier andere onderzochte gemeenten heffen dit jaar 3,6 tot 15 procent meer ozb. Elke 5 procent verhoging betekent voor een gemiddeld huis een extra last van ruwweg 40 euro. Wethouder Anton Engering van Financiën in Woerden (plus 15 procent): ,,Er zat een gat in onze begroting voor 2003 van één miljoen euro. Dat hebben gedicht met de ozb-verhoging. Normaal zouden we ons tarief 2,5 procent hebben verhoogd.''

    • Frits Baltesen