Column

Gekke Henkie

Je snapt niet hoe de gemeente Rotterdam het voor elkaar heeft gekregen, maar de belofte van het stadsbestuur om de roet-uitstoot van het verkeer in deze collegeperiode met 40 procent te reduceren, gaat nog worden waargemaakt ook. Zeggen ze. In 2018 zal er, vergeleken met 2015, exact 40 procent minder roet de stad in worden geblazen, blijkt uit onderzoek van TNO en DCMR Milieudienst Rijnmond in opdracht van de gemeente.

Ongelofelijk toch? Er moeten wel hele knappe koppen bij die instanties werken om dit tot op de procent te kunnen voorspellen, dacht ik toen ik het ronkende persbericht las. En dat is precies wat het hele verhaal zo ongeloofwaardig maakt, want je maakt mij niet wijs dat de luchtkwaliteit in werkelijkheid zo nauwkeurig te sturen valt.

Wat is het geval? De onderzoekscijfers zijn geen resultaten van concrete luchtmetingen, maar gebaseerd op verkeerstellingen en daaraan gekoppelde rekenmodellen. Het aantal auto’s in de stad werd geteld en er werd gekeken van welk type ze waren. Aan de hand daarvan kan volgens de gemeente precies worden berekend wat het effect op de uitstoot was. En die resultaten blijken nu overeen te komen met de prognoses uit 2015.

Maar stroken die cijfers op papier wel met de werkelijkheid? En hoe zit het met de uitstoot van andere schadelijke stoffen? De jaargemiddelden van de meetstations in de stad zie ik in het onderzoek niet terug. Op verzoek laat DCMR weten dat die gegevens niet konden worden meegenomen, omdat uit luchtmetingen niet valt op te maken wat van het verkeer afkomstig is en wat van bijvoorbeeld de (haven)industrie of openhaarden. Maar wat is dan nog de betekenis van dat rapport? Op papier kan de roetuitstoot van auto’s dan wel 40 procent minder lijken, maar dat wil toch niet zeggen dat we echt 40 procent minder roet inademen?

Volgens DCMR is de totale roetuitstoot in de stad – volgens de luchtmetingen – weliswaar wat afgenomen, maar zeker niet met 40 procent. En de uitstoot van bijvoorbeeld stikstofoxiden schommelt op veel plekken in Rotterdam nog altijd rond die Europese, wettelijke norm. Kortom: de algehele luchtkwaliteit verbetert sinds jaren beetje bij beetje, maar verschilt ook weer niet zo heel veel met drie jaar geleden.

Het onderzoek naar roetuitstoot in het verkeer is dus nogal betrekkelijk. Toch wordt in het persbericht („de lucht in Rotterdam is schoner en gezonder”) gesuggereerd dat dit college fantastische resultaten („40 procent minder roet”) heeft behaald, dankzij bijvoorbeeld de instelling van de milieuzone . Ook de timing van het rapport geeft te denken. In april beslist de rechter over de geldigheid van diezelfde milieuzone. En volgende maand zijn de gemeenteraadsverkiezingen.

Ik wil hier niet beweren dat we compleet in de maling worden genomen of dat de milieumaatregelen geen zin hebben, maar de gemeente zou eens moeten stoppen ons als ‘gekke Henkies’ te behandelen. Als de effecten van dit milieubeleid moeilijk meetbaar blijken, wees daar dan eerlijk over. En hou op met het verkondigen van al te rooskleurige verhalen.

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelance journalist en stadsgids in Rotterdam.