Gelderland wil geen overloop bij hoog water

De provincie Gelderland wijst het aanwijzen van noodoverloopgebieden om extreem hoog water in de rivieren op te vangen, af. Gelderland wil de verwachte toename van het rivierwater opvangen door de rivieren meer ruimte te geven.

Hiervoor is een pakket van maatregelen ontwikkeld, dat onder meer bestaat uit dijkverleggingen, het uitgraven van uiterwaarden en het verwijderen van obstakels in de rivieren.

Het rijk, geadviseerd door de commissie-Luteijn, wil overstromingen voorkomen door langs de Rijn (Rijnstrangen bij Zevenaar) en de Waal (de Ooijpolder bij Nijmegen) noodoverloopgebieden in te richten. Ook langs de Maas bij Oss is een overloopgebied gepland. De Gelderse overloopgebieden worden onder water gezet als er bij Lobith meer dan 16.000 kuub water per seconde het land binnenstroomt. Zodoende moeten grootscheepse overstromingen verder stroomafwaarts worden voorkomen.

Gelderland denkt dat de noodoverloopgebieden hiervoor te klein zijn. Het alternatieve pakket, dat een veilig afvoer van 18.000 kuub per seconde bij Lobith garandeert, is volgens Gelderland niet alleen effectiever maar ook goedkoper. Het extra geld dat bespaard wordt, moet Nederland volgens gedeputeerde J. de Bondt gebruiken om op Duits grondgebied de rivier de Rijn meer ruimte te geven. De Bondt: ,,Wat is er op tegen om bij een internationaal probleem een internationale benadering te kiezen?''

Ook de inwoners van de aangewezen noodoverloopgebieden protesteren. Zij vrezen onder meer een waardedaling van hun woningen en voelen zich niet veilig. De provincie Gelderland sluit zich bij het verzet aan, en dreigt het rijk met bestuurlijke ongehoorzaamheid. ,,We willen voorkomen dat iemand in Den Haag op de knop drukt en een gebied in Gelderland onder water zet'', zegt de Bondt.

Als het rijk toch doorgaat met het aanwijzen van noodoverloopgebieden zullen provincie en gemeenten volgens hem weinig haast maken met het aanpassen van streek- en bestemmingsplannen. Ook zullen veel bewoners via bezwaarprocedures de aanleg vertragen. Dit leidt volgens Gelderland tot extra kosten. Na de verkiezingen moet de Tweede Kamer een beslissing nemen over het aanwijzen van de noodoverloopgebieden.