`Barney' ontspannen naar halve finales

Met groot machtsvertoon heeft Raymond van Barneveld voor de vierde keer in zijn carrière de halve finales van de Embassy bereikt. Het boegbeeld van het Nederlandse darts schakelde in de kwartfinale zijn Belgische opponent Erik Clarys met 5-1 uit. Het gemiddelde dat de Hagenaar per pijl gooide was maar liefst 33,61, op afstand het hoogste tot nu toe in het toernooi.

Anders dan de uitslag doet vermoeden gaf Clarys behoorlijk weerwerk. Dat kwam vooral tot uitdrukking in de 170-finish die de Belg gooide. Met dit huzarenstukje verdiende hij 2000 Engelse ponden. Van Barneveld over de wedstrijd: ,,De uitslag was denk ik iets vertekend. Clarys speelde een fantastische wedstrijd. Maar door mijn ervaring, ik sta nu voor de elfde keer op de Embassy, kon ik rustig blijven en wachten op mijn kansen. Die heb ik, mede doordat ik mijn tegenstander constant onder druk wist te houden, gepakt.''

Van Barneveld heeft dit resultaat ook te danken aan verandering in zijn voorbereiding. ,,Ik had het niet meer naar mijn zin'', aldus de Hagenaar. ,,Ik werd met de week dikker en dat ging ten koste van hoe ik me voelde. Op de Winmau in december woog ik 127 kilo en miste ik eindeloos pijlen op de dubbels. De zenuwen gierden door mijn keel. Ik had voor mijn gevoel geen controle meer over mijn eigen lichaam. Toen we terug waren heb ik gezegd dat we het maar eens moesten om draaien. Ik wilde op een andere manier gaan leven en werken. Meer met mijn sport bezig zijn. Dat werpt nu vruchten af.''

De Hagenaar oogt dit toernooi opvallend geconcentreerd en ontspannen. ,,Ik heb de hulp ingeroepen van de sportpsycholoog Rico Schuijers in Beuningen'', verklaart Barney. ,,Die heeft mij enorm geholpen met ademhalingstechnieken en zo. Ik adem nu niet over mijn borst, maar over mijn buik. Dat geeft veel meer rust. Daarnaast bezoek ik Marco van Gorp, de rechterhand van Ted Troost. Die is ook een paar dagen op de WDT komen kijken. Met die twee achter me voel ik me gewoon heel ontspannen. Daardoor is het weer makkelijker om met te concentreren. Ik heb eveneens alle bijgeloof afgezworen. Toch pak ik voor de wedstrijd af en toe nog wel eens mijn Barney-ketting vast. Dat is zo'n deel van mezelf. Ik heb hem maandenlang in de kast gehad, omdat het me de laatste jaren niet meer had geholpen. Op een bepaald moment dacht ik: kom nou, dat kettinkje hoort bij me. Ik laat me niet meer gek maken. Als ik hem kwijt zou raken is het niet zo dat ik ineens niet meer zou kunnen darten.''

,,Ik liet me soms ook wel gek praten door mensen. De een had wat gezien in de sterren, de ander was helderziend en allemaal beloofden ze me van alles. Ik begin er niet meer aan. Ik weet dat ik wereldkampioen kan worden als ik mijn niveau haal. Maar ik ben er nog niet. Kijk maar naar Tony David die met 5-0 een klets om zijn oren krijgt van Ritchie Davies. Ik onderschat niemand meer, want iedereen lijkt altijd boven zichzelf uit te stijgen als ze tegen mij moeten. Spelen. Ik geef mezelf de underdog-positie. Tegen wie ik ook speel. Dat brengt ook veel rust.''

Ondanks de zelfverzekerde uitstraling die Van Barneveld heeft hangt het spook van verlies boven zijn hoofd. Voor hem is het toernooi pas geslaagd als hij de beker in ontvangst neemt. Barney: ,,Ik zal nooit met verlies kunnen omgaan. Mensen roepen wel dat ik me na het verlies op de Masters zo goed wist te houden, maar met alle respect, dat is geen Embassy. Een ander prijzengeld en geen punten voor de ranglijst. Mede daardoor kon ik daar mijn teleurstelling voor de camera's verborgen houden. Bobby George wist het laatst mooi te zeggen na de uitschakeling van Tony David. Hij zei: `Zo ben je hier de grote man, zo kan je een jaar later met 5-0 verlies gaan zitten'. Ik kan je verzekeren dat David op zijn kamertje heeft zitten balen, want reken maar dat het pijn doet. Hij heeft ook geleerd om een toneelspelletje op te voeren voor de camera, maar misschien schopt hij een uur later wel zijn hotelkamer in tweeën. Dat weet je niet.''

Op mentaal vlak heeft Van Barneveld ook veel geleerd van zijn manager Ad Schoofs. ,,Ik begin zo langzamerhand te begrijpen wat Ad bedoelt'', vertelt de Haagse darter. Wat hij op mij overbrengt, breng ik weer over op Vincent van der Voort. Ook Vincent begint onze denkwijze langzamerhand te begrijpen. De komst van de World Darts Trophy (WDT) is voor mij het keerpunt geweest. Ik heb me jarenlang zorgen gemaakt over mijn toekomst. We hebben geen hoofdsponsor. Door de komst van de WDT is er veel rust in me gekomen. Dat is naast de Embassy het tweede grote toernooi waar een goed prijzengeld op staat. Dat geeft mij gewoon meer rust dan ooit tevoren. Ad is een paar jaar op me aan het inpraten geweest. Relax nou maar, het komt goed. Vandaag of morgen vallen de pijlen in één keer weer binnen. Vanaf september ben ik er achter dat hij inderdaad gelijk heeft. Het komt allemaal goed. Ik blijf gewoon profdarter. Voor die tijd heb ik me altijd zorgen gemaakt over mijn toekomst. Ik heb natuurlijk wel een vrouw en drie kindertjes te onderhouden. Het leven dat ik nu heb zou ik niet meer kwijt willen. Ad heeft mij anders, ook veel zakelijker, leren denken. Ik ben het vroeger vooral, maar nu ook nog wel eens, helemaal niet met hem eens, maar dat mag. Hij zegt ook wel eens dat hij van mij leert, het is een wisselwerking. We beginnen steeds meer een twee-eenheid te worden.''

    • Hans Willink