Huwelijksmigratie

Centraal in het artikel van VVD-fractievoorzitter Zalm (NRC Handelsblad, 2 januari), staat het streven naar beperking van de immigratie in Nederland. Daarvan wordt gesteld: ,,Om te voorkomen dat via huwelijksmigratie mensen naar Nederland komen die niet voldoende zijn voorbereid om deel te nemen aan onze complexe maatschappij, dienen zij alvorens naar Nederland te komen een inburgeringsexamen of -toets af te leggen.''

Deze cursussen zouden tot stand moeten komen op basis van particulier initiatief in het land van herkomst of vanuit Nederland zelf. Tussen neus en lippen door wordt dan gesteld: ,,Wie volwaardig wil participeren, dient de taal van het land waar hij of zij zich bevindt, goed te kunnen spreken, verstaan, schrijven en lezen.[...] Het centraal stellen van taalbeheersing is de derde basisvoorwaarde voor een geslaagd integratiebeleid.''

Wie ook maar even heeft nagedacht over de moeilijkheden die het leren van een andere taal met zich meebrengt, weet dat Zalm een onmogelijke eis stelt. Dit wordt duidelijk, wanneer we deze eis omdraaien: Laat autochtone Nederlanders verplicht worden eerst de taal te leren en de cultuur van het land van herkomst van hun naar Nederland emigrerende buitenlandse vrouwen of mannen, voordat zij zich met deze buitenlanders mogen verenigen. Dit bevordert toch ook de communicatie en zal veel echtscheidingen kunnen voorkomen. Het zal duidelijk zijn, dat de lust menigeen vergaat.

Dit is nu net de bedoeling van Zalm.

Met liberalisme en vrijheid van het individu heeft dit alles niets te maken. Wel met een ongebreidelde regelzucht, die alleen kan leiden tot nog meer ellende. Eén van de meest elementaire mensenrechten, te weten de keuze van de huwelijkspartner, wordt door de VVD-voorgangers om zeep geholpen.