Het publiek stofzuigen

De geschiedenis van het moderne circus begint met een paard. Zo'n 250 jaar geleden liet de Londense ex-militair Philip Astley mensen tegen betaling kijken naar de kunsten van zijn paard. Hij ontdekte dat hij het dier het best kon laten draven in een cirkel van dertien meter doorsnee. Maakte hij de kring groter dan was het veld niet goed meer te overzien `en als het kleiner was viel het paard bijna om'. Hij zette stoelen om het rondje en strooide zaagsel over de modder: ziedaar, de eerste circuspiste ter wereld. Astley bouwde er een theater omheen en liet er naast paarden ook clowns en acrobaten optreden. ,,En zo was het circus bijna compleet [...]. Alleen op de roofdieren moesten de mensen nog honderd jaar wachten.' aldus Bibi Dumon Tak in Wat een circus!

Dumon Tak debuteerde in 2001 met Het koeienboek, een informatief jeugdboek een informatief jeugdboek waarvoor ze een Zilveren Griffel kreeg. Met Wat een circus! demonstreert Bibi Dumon Tak andermaal het vermogen om in nuchtere, heldere taal haar liefde voor een onderwerp dat haar na aan het hart ligt over te brengen. Ze reisde mee met het circus en sprak met vele betrokkenen. Het resultaat is een in boekvorm gegoten reportage vol anekdotes en wetenswaardigheden over jonglerende zeeleeuwen, dansende paarden en balancerende koorddansers, die de opwinding van een circusvertoning bijna voelbaar maakt. De zwartwittekeningen van Jan Jutte ademen op een grappige en speelse manier de sfeer van het circus.

Wat een circus! bevat prachtige hoofdstukken gewijd aan de circusdieren: aan Boni, een brutale olifant die niet luistert naar de dompteur en tijdens de voorstelling liever met haar slurf de knieën van het publiek `een goede stofzuigbeurt' geeft. Aan de zeeleeuwen Castor en Neptune die onmiddellijk met verliefde blik uit het bassin komen zodra hun verzorgster tegen ze praat. Aan tijgers en leeuwen die in het circus vaak beter af zijn dan sommige van hun kniezende soortgenoten in de dierentuin.

Vanzelfsprekend komen de clowns, jongleurs en acrobaten aan het woord, maar wat dit boek zo veelzijdig maakt is de eveneens ruime aandacht voor mensen en onderwerpen die meestal meer op de achtergrond blijven, zoals het orkest (`dat eigenlijk de hoofdrol speelt in de voorstelling'), de spreekstalmeester, de circuskinderen, de circusschool, de circusvrienden die geen show in Europa overslaan en de hele organisatie van het circusbedrijf die bijkans bezwijkt onder alle verordeningen. `Die regels en vergunningen', schrijft Dumon Tak aan het slot onheilspellend, `zouden uiteindelijk wel eens het einde van het circus kunnen betekenen in Nederland.' Maar zelfs als de toekomst inderdaad zo somber uitpakt, zal het circus toch niet helemaal verdwijnen, nu Bibi Dumon Tak het zo levendig heeft geportretteerd.

Bibi Dumon Tak: Wat een circus! Illustraties Jan Jutte. Querido, 128 blz. Vanaf 9 jaar. €12,95

    • Noor Hellmann