Geen zoon maar een puzzel

In de herfst van 1997 deed Alfred van Cleef in NRC Handelsblad verslag van zijn speurtocht naar het foto-album van zijn grootouders, die in 1942 in Auschwitz werden vermoord en van wie slechts één afbeelding bewaard is gebleven. Het album zat bij de arrestatie van grootvader Samuel van Cleef verborgen in de kluis van diens kaaspakhuis in de Nieuwmarktbuurt in Amsterdam. Dat was in de oorlog eerst onteigend door de nazi's en toen gekocht door een zakenrelatie van Samuel van Cleef, de kaashandelaar Molenkamp. Na de oorlog kostte het Samuels zoon (en Alfreds vader) tien jaar procedures om de waarde van de inmiddels afgebroken pakhuizen terug te krijgen. Om een gunst als het teruggeven van het foto-album werd Molenkamp toen niet gevraagd. Uiteindelijk blijkt het album na de dood van Molenkamp in 1980 door zijn kinderen naar de vuilverbranding te zijn gebracht. Het stuk is een schoolvoorbeeld van een goede journalistieke reportage zoals Van Cleef er veel voor deze krant schreef. Ook in boekvorm beproefde hij dat genre, bijvoorbeeld in het indrukwekkende De verloren wereld van de familie Berberovic (1994), waarin de Joegoslavische oorlog wordt beschreven aan de hand van de lotgevallen van een familie.

De speurtocht naar het verloren foto-album is een belangrijke verhaallijn in Verlangen, het boek waarmee Van Cleef (1954) nu is gedebuteerd als romanschrijver, zij het dat de kaashandelaar in het boek Molenaar heet. De hoofdpersoon van Verlangen is de onderzoeksjournalist Albert Ossendrijver, die intens verlangt naar de geboorte van een zoon. De naam heeft hij al (Mozes Baruch), maar de natuur werkt niet mee. Zijn vriendin Esther, met wie hij in een woongroep woont, wordt niet zwanger, waardoor het geslacht Ossendrijver dreigt uit te sterven. Tijdens een reportagereis in Duitsland laat Albert zich onderzoeken en blijkt hij volledig onvruchtbaar te zijn. Beroofd van de toekomst, bijt hij zich vast in het verleden van zijn familie, of preciezer: de laatste periode in het leven van zijn grootouders in de Amsterdamse Rivierenbuurt. Het blijkt vruchtbaar onderzoek: uiteindelijk vreest hij zelfs dat de grootvader van Esther degene was die zijn grootouders heeft verraden.

Verlangen dankt een aantal sterke punten aan de journalistieke vaardigheden van de auteur. Neem de volgende zin over een bijzondere dag in woongroep `Het Grote Verlangen': `Ze waren bezig met de laatste voorbereidingen: over twee uur zou de deelraadwethouder van kunstzaken de officiële opening van de huisgalerie verrichten door op de eerste verdieping vijfentwintig kilo aardbeien in een ligbad uit te storten over het naakte en door Carla met blauwe en oranje strepen beschilderde lichaam van Alexandra.' Daar wordt in kort bestek veel duidelijk gemaakt over maatschappelijke en kunstzinnige ontwikkelingen in laat twintigste-eeuws Nederland. Elders maakt Van Cleef de werkwijze van een onderzoeksjournalist goed inzichtelijk, hoe de schema's aan de muur hangen en wat voor aantekeningen er worden gemaakt: `traag einde van middag, twee tieners met gettoblaster, nieuwste type Volkswagen Passat, geur van gekookte bloemkool uit open keukenraam, grootouders op asbelt, tsjilpende mussen in kastanjeboom, drukkend heet'.

Precies presenteert Van Cleef zijn puzzelstukjes, tot zijn verhaal rond is. Hij heeft echter zoveel aandacht voor de compositie dat het de geloofwaardigheid van de gebeurtenissen aantast. Dat valt op wanneer Albert eerst in het dagboek van zijn vriendin – die dan twee weken naar Engeland is – leest dat zij gezoend heeft met een ander lid van de woongroep. Dat kan nog. Maar enkele dagen later neemt hij het dagboek opnieuw ter hand, want `hij had de laatstbeschreven bladzijde nog niet gelezen'. Mensen doen rare dingen, maar weinigen zullen de laatste bladzijde van het dagboek van hun vriendin ongelezen laten, als ze op de voorlaatste hebben vernomen dat hun vrouw het met de buurman houdt. Overigens leest hij op die laatste pagina dat Esthers vader lid is geweest van de Jeugdstorm en dat hij voornemens is haar daar een brief over te sturen, die Albert dan weer uit de post vist. Inhoudelijk is het dus logisch om die episode los te koppelen van de liefdesperikelen, maar dat weegt niet op tegen het nadeel van de ongeloofwaardigheid.

Het is een van de momenten waarop je de opzet van de roman te nadrukkelijk door de tekst heen ziet. Dat is het grootste probleem dat de romanschrijver Van Cleef parten speelt: hij weet zo goed hoe hij het verhaal moet structureren dat tenslotte het leven uit het verhaal verdwijnt. Aan het onderwerp ligt dat niet: het verhaal van Van Cleefs grootouders was in de krant al ontroerend, dus het trieste lot van Alberts grootouders in Verlangen zou dat ook moeten zijn. En gezien dat artikel kan het ook niet aan de betrokkenheid van de auteur liggen. Verlangen is een boek dat uiteindelijk te braaf is, zoals Van Cleef zich ook stilistisch nergens vergaloppeert, maar ook nooit verbaast. Daarom doet dit boek je vooral verlangen naar het moment waarop de auteur literair uit de band springt.

Alfred van Cleef: Verlangen.

Cossee, 240 blz. €18,90

    • Arjen Fortuin