007, maar dan echt

De nieuwe Bond-film had geen actueler – en omstredener – begin kunnen hebben. Geheim agent 007 wordt in Noord-Korea gevangengenomen en veertien maanden gemarteld door de slechteriken van het communistische bewind. Terwijl binnen de bioscoopgangers zich vermaken met `Die Another Day', escaleert buiten de Noord-Koreaanse nucleaire crisis in rap tempo. Vandaag lieten de machthebbers in Pyongyang weten formeel het non-proliferatieverdrag te hebben opgezegd, dat bedoeld is om de verspreiding van kernwapens tegen te gaan. De reacties erop lopen uiteen van boos tot bezorgd. Tegelijkertijd maakten Zuid-Koreaanse actievoerders bekend dat ze gaan posten voor de theaters waar de nieuwe James Bond draait. Ze vinden het moment van uitkomen van de film ongepast en gevaarlijk.

Dit lijkt overdreven. Maar het laat treffend zien hoe gevoelig de zaken op het Koreaanse schiereiland liggen. Hoewel de verschillen in politiek en economie haast niet groter kunnen zijn, vormen Zuid- en Noord-Korea één volk, gescheiden door de scherpst bewaakte grens ter wereld. De miljoenenstad Seoel ligt binnen bereik van de Noord-Koreaanse raketten. Geen wonder dat de Zuid-Koreaanse regering zich zorgen maakt. Het opzeggen van het verdrag is dan ook een ernstige zaak, die de bestaande crisis verergert. Inmiddels zijn er wel enige diplomatieke contacten gelegd, die hoop bieden op een dialoog met het land dat Noord-Korea het felst verkettert: de Verenigde Staten. De Amerikaan Bill Richardson, gouverneur van de staat New Mexico, Democraat en erkend troubleshooter, zou gisteren en vandaag spreken met twee Noord-Koreaanse regeringsfunctionarissen. Volgende week vertrekt een Australische delegatie naar Pyongyang om over de ontstane situatie te praten. Australië onderhoudt als een van de weinige westerse landen diplomatieke banden met Noord-Korea.

Niemand weet hoever de Nood-Koreanen precies zijn met het ontwikkelen van een kernwapen. Hun schrille retoriek erover sinds afgelopen herfst, toen het bewind bekendmaakte een reactor opnieuw te zullen opstarten en aangaf over kernwapens te kunnen beschikken, moet worden gezien als een pressiemiddel om hulp, goederen en olie uit het westen en de eigen regio te krijgen. De ervaring met Noord-Korea heeft geleerd dat het geschreeuw het luidst klinkt als een akkoord nabij is. Diplomatieke bemoeienis van Rusland en China kan de crisis helpen bezweren. Maar het belangrijkste signaal zal toch uit Washington moeten komen. Eens te meer valt op dat de VS niet in staat zijn om meer dan één crisis tegelijk te behandelen, hoe hard ook bezworen wordt dat Amerika, als het nodig is, een oorlog op twee fronten kan voeren. De dubbele standaard die president Bush hanteert voor Irak en Noord-Korea staat in feite een adequate afhandeling van de Noord-Koreaanse dreiging in de weg. De Amerikanen lopen bovendien het gevaar door hun opmerkelijke afwezigheid in deze zaak hun belangrijkste militaire bondgenoot in Oost-Azië van zich te vervreemden: Zuid-Korea.

Voor James Bond zag het er in Noord-Korea even slecht uit. Maar de film loopt uiteraard goed af. Het Koreaanse scenario `in het echt' laat zich minder makkelijk schrijven. Het is onberekenbaar en vol ongemak. Een goede afloop staat niet bij voorbaat vast.