`Voedingsindustrie zoekt invloed WHO'

De voedingsindustrie tracht via een wetenschappelijke organisatie het beleid van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) te beïnvloeden. De status van de organisatie wordt daarbij niet openlijk vermeld.

Volgens de Britse krant The Guardian blijkt uit een nog vertrouwelijk rapport dat wetenschappers die gelieerd zijn aan het bedrijfsleven als onafhankelijke leden zitting hebben in commissies van de WHO. ,,De gemakkelijke verplaatsing van deskundigen [...] tussen particuliere bedrijven, universiteiten, de tabaks- en voedingsindustrie en internationale organisaties vormt een bron van belangenverstrengeling'', aldus het rapport, dat is geschreven door de Amerikaan Norbert Hirschhorn, die onderzoek doet naar de relatie tussen industrie en gezondheidszorg.

De wereldgezondheidsorganisatie doet dit voorjaar nieuwe aanbevelingen voor gezonde voeding. Daartoe is vorig jaar een voorlopig rapport gepubliceerd, waarin onder meer werd gewaarschuwd voor het toenemende gevaar van vetzucht – vooral onder kinderen – in rijke landen als gevolg van het eten van te veel suiker en vet. De WHO noemt daarbij frisdranken als een van de boosdoeners.

Op het voorlopige rapport konden betrokken organisaties commentaar geven (na te lezen via de website www.who.int), dat in de slotconclusies zal worden verwerkt. Een van die organisaties is het ILSI, het International Life Sciences Institute. De organisatie presenteert zich als ,,een nonprofit, wereldwijde stichting [...] die universiteiten, regeringen, industrie en publieke sector bij elkaar brengt'' en die wordt gefinancierd door ,,industrie, regering en stichtingen''.

Maar volgens Hirschhorn is het ILSI in 1978 opgericht door Heinz, Coca-Cola, Pepsi-Cola, General Foods, Kraft (van Philip Morris) en Procter and Gamble. Deze bedrijven zijn ook nog steeds de belangrijkste financiers. Alax Malaspina, vice-voorzitter van de raad van bestuur van Coca-Cola, had tot 1991 de leiding van het ILSI en heeft ervoor gezorgd dat de organisatie als ngo toegang had tot de WHO en `consultatieve status' had bij de FAO, de voedsel en landbouworganisatie van de Verenigde Naties.

Het ILSI heeft forse kritiek op de voorstellen van de WHO. Zo gaat de gezondheidsorganisatie er van uit dat adverteren (voor bijvoorbeeld frisdranken) leidt tot een toename van de consumptie, waardoor het een risico is voor vetzucht. Een wetenschappelijke organisatie van de Europese Unie pleitte daarom dit najaar al voor restricties op voedingsmiddelenreclames – vooral als ze gericht zijn op de jeugd. Ook stelt de WHO dat consumptie van suiker leidt tot cariës en tot vetzucht. Verder beveelt de WHO aan de consumptie van snacks te verminderen.

Volgens het ILSI ontbreken echter de bewijzen voor de door de WHO gelegde relaties tussen consumptie van suiker en snacks, en ziektes als vetzucht en cariës.

De huidige directeur, Eileen Kennedy, erkent in The Guardian dat het ILSI wordt betaald door het bedrijfsleven, maar noemt de organisatie wel onafhankelijk.