Politiek gekibbel bewijst nut van doorrekening CPB

Het financiële straatvechten tussen de politieke partijen toont de disciplinerende werking aan van het Centraal Planbureau. Het politieke wensdenken viert hoogtij.

In het verkiezingsgeweld wordt dezer dagen een ding pijnlijk duidelijk. Als de nationale rekenmeesters van het Centraal Planbureau (CPB) zich niet bemoeien met de financiële paragrafen van de politieke partijen, ontstaat een onoverzichtelijke situatie. Onvergelijkbare voorstellen zijn het gevolg, waardoor de kiezer geen serieuze vergelijking meer kan maken tussen de ambities van de verschillende partijen en de gevolgen van hun keuzes.

Half december kwam het CPB met een actuele voorspelling voor de komende kabinetsperiode, waarin een verslechtering ten opzicht van het regeerakkoord van tien miljard euro werd gemeld. Op basis hiervan zijn alle partijen gaan stoeien met de miljarden. Maar anders dan een jaar geleden heeft het CPB als gevolg van tijdgebrek bij het eigen bureau en bij de partijen geen vergelijkbare doorrekening van het gevolg van die stoeipartijen kunnen maken. Verwijten tussen partijen onderling zijn nu makkelijk te maken. ,,Uw soliditeit deugt niet'', verweet CDA-leider Balkenende zijn PvdA-collega Bos gisteren. ,,U vergeet de uitverdieneffecten van de loonmatiging mee te rekenen'', zei GroenLinks-leider Halsema tegen VVD'er Zalm. Zalm haalde op zijn beurt uit naar het CDA, dat een ,,onrealistisch beeld schetst van de winst van terugdringen van ziekteverzuim''.

De modellen van het planbureau hebben een disciplinerende werking op de vrijheid die politici hebben in het `wensdenken'. Simpele doorrekeningen van voorgestelde maatregelen leiden er normaal gesproken toe dat de keuzes geobjectiveerd worden. Iedere miljoen euro extra investeringen in de belastingkorting voor werkenden leidt tot een evenredige afname van de werkloosheid, het verminderen van de winstbelasting heeft weer een standaardeffect op de arbeidsproductiviteit. Het heeft er alle schijn van dat partijen die wetmatigheden nu `even zijn vergeten'.

Voorbeeldje: de loonmatiging. Eerder deze week werd duidelijk dat veel partijen nogal forse bezuinigingsbedragen inboeken voor loonmatiging. De VVD en de ChristenUnie spannen de kroon met een veronderstelde `winst' van zo'n vier miljard euro. Maar de politiek heeft de lonen in de marktsector niet aan een touwtje, en de winst van vier miljard verdampt voor het grootste deel als gevolg van lagere belastinginkomsten. Als er lastenverlichting wordt beloofd aan de sociale partners, blijft er volgens het CPB maar 450 miljoen in plaats van vier miljard over van een loonmatiging van 1 procentpunt. Ook het CDA en de PvdA zitten met veronderstelde bezuinigingen van respectievelijk 2,8 en 2 miljard dus nog aan de hoge kant. Gevolg: het gepresenteerde overschot op de begroting wordt waarschijnlijk lager dan nu wordt voorgesteld.

Over dat saldo zelf is ook veel te doen. Zo geeft de PvdA, in tegenstelling tot alle andere partijen, geen inzage meer in de werkelijke stand van het begrotingssaldo in 2007, maar geeft de partij een beeld van het structurele saldo. Niet geheel toevallig, omdat dat structurele saldo, waarin geen rekening gehouden wordt met de dan waarschijnlijk nog steeds tegenvallende economie, deze keer een veel positiever beeld geeft dan het feitelijke.

De opstelling van de PvdA riekt naar opportunisme, omdat het voor het eerst is dat de partij een structureel saldo hanteert. GroenLinks doet dit al jaren en vermeld ook altijd het feitelijke saldo in de berekeningen, de SP doet dat nu ook. Het verschil tussen feitelijk en structureel bedraagt volgens het CPB 0,6 procent BBP, ofwel 2,7 miljard euro.

Maar zelfs al zou het CPB ook deze keer de meetlat langs de voorstellen hebben gelegd, dan nog blijft het gecijfer relatief. Als één ding duidelijk is geworden in tijden van grote economische schokken, dan is het de betrekkelijkheid van economische ramingen. Zekerheden over 2007 zijn dan ook nooit te geven, of het CPB dat doorrekent of niet.