In Canada ruziën regering en provincies over `Kyoto'

Canada heeft het Kyoto-protocol ondertekend. Maar voor de uitvoering ervan kan niet worden gerekend op steun van de provincies.

De Canadese premier Jean Chrétien zou wel eens spijt kunnen krijgen van de haast die hij heeft gemaakt met de ratificatie van het Kyoto-protocol, net voor de jaarwisseling. Hij heeft daarmee het verzet van sommige Canadese provincies getrotseerd en dat kan hem nog lelijk opbreken.

Alberta en enkele andere provincies zijn fel gekant tegen het Kyoto-protocol, waarin internationaal afspraken zijn vastgelegd over het terugdringen van broeikasgassen die bijdragen aan de opwarming van de aarde. De provincies vrezen dat uitvoering van `Kyoto' de concurrentiepositie ten opzichte van buurland Verenigde Staten ernstig verzwakt, omdat die het protocol niet zullen ratificeren.

Al in november zei premier Ralph Klein van Alberta, het centrum van de Canadese olie- en gasindustrie, de rechtmatigheid van ratificatie te zullen aanvechten. Volgens Klein heeft Kyoto consequenties voor beleidsterreinen die in het Canadese staatsbestel onder verantwoordelijkheid van de provincies vallen, zoals natuurlijke hulpbronnen en milieu. Afgelopen week kreeg Klein steun van Allan Gotlieb, jurist en oud-ambassadeur van Canada in de Verenigde Staten. Volgens Gotlieb zouden de provincies de federale regering in Canada voor de rechter kunnen dagen, omdat de regering nooit tot ratificatie had mogen overgaan zonder hen te raadplegen.

Gotlieb wees vrijdag in een artikel in The National Post op ,,de zeventig jaar oude traditie'' om verstrekkende internationale verdragen voor te leggen aan de provincies – hij spreekt van een ongeschreven wet. Op grond daarvan zouden de provincies toekomstige maatregelen van de regering voor het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen naast zich neer kunnen leggen. Dat zou de federale regering met een probleem opzadelen omdat, volgens Gotlieb, de internationale gemeenschap in dat geval Canada tot de orde kan roepen en financiële compensatie kan eisen voor het niet nakomen van een verdrag.

Stephen Wood, een deskundige op het gebied van milieuwetgeving, zegt echter deze week in The National Post dat Gotlieb overdrijft en dat ,,het risico van materiële consequenties [als Canada bij de uitvoering van Kyoto in gebreke blijft] zeer gering is''. Al was het alleen maar omdat, volgens Wood, de regels die daarover in het protocol zijn vastgelegd ,,uiterst complex en vaag'' zijn.

Volgens het Kyoto-protocol moet in 2012 de uitstoot van broeikasgassen (vooral kooldioxide) in Canada 6 procent lager liggen dat in het ijkjaar 1990. Maar twee jaar geleden al lag de uitstoot in Canada juist zo'n 20 procent hoger dan in het ijkjaar. Dat betekent dat Canada, nog los van extra uitstoot door eventuele economische groei, de CO2-emissie met meer dan een kwart moet verminderen.

De Canadese regering denkt dat voor het grootste deel te kunnen doen ,,zonder economische gevolgen''. Het land mikt vooral op de ontwikkeling van schone technologie. Een fonds dat daarvoor zo'n 150 miljoen euro beschikbaar heeft, kreeg voor ruim 1,5 miljard aan aanvragen.

Uit vrees voor onrust heeft de regering al vast een concessie gedaan aan de autoindustrie. Die hoeven voorlopig bij de productie van auto's niet bij te dragen aan een vermindering van de uitstoot. Critici zien hierin een bewijs dat Kyoto eerder een kwestie van politiek is dan van milieu. Ontario, waar de autoindustrie gevestigd is, is ook de thuisbasis van veel liberalen van Chrétiens partij. Bovendien zou de regering willen voorkomen dat de olie-industrie en andere sectoren de handen ineen slaan in hun verzet tegen Kyoto.

Volgens minister van Milieu David Anderson heeft Canada andere plannen met de autoindustrie. Hij wil dat ze investeren in zuinige modellen, zodat het brandstofverbruik van auto's in 2010 met 25 procent is verminderd – een doelstelling die automakers onhaalbaar noemen.

Intussen mikt de regering ook op het inkopen van uitstootrechten in een land als Rusland, dat op dit gebied een `overschot' heeft. ,,Het maakt niet uit of een ton kooldioxide de lucht ingaat in Congo, Cuba of Canada'', zei minister Anderson vorige maand in deze krant. Paul Martin, oud-minister van Financiën en in de race voor de opvolging van Chrétien, voelt daar echter niets voor. ,,Daarmee doe je niets aan de klimaatverandering'', zei hij tegen het persbureau Reuters. ,,Het leidt slechts tot het verdwijnen van dollars over de landsgrenzen.''

    • Paul Luttikhuis