Liever daglicht dan nachtdienst

Meer dan de helft van de Nederlandse beroepsbevolking heeft onregelmatige werktijden. Waarom werken mensen 's nachts en in het weekeinde?

,,Ik heb een hekel aan de nachtdiensten. Je hebt ineens een heel ander levensritme en je ziet geen daglicht meer.' Anita Duijndam (36) is verpleegkundige in het Sophia kinderziekenhuis in Rotterdam. Zij werkt op de afdeling intensive care. Maar aan die nachtdiensten kan ze niet wennen. Duijndam voelt zich nadien minder gezond. Als ze rond vier uur 's middags wakker wordt, is haar eerste maaltijd een warme maaltijd met de kinderen. Voordat ze kinderen had, kon ze langer slapen. ,,Na een nachtdienst moet ik een paar dagen bijkomen. Het voelt aan als een jetlag.'

Kantooruren van negen tot vijf zijn niet meer heilig, zo bleek afgelopen maand uit een onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Van de Nederlandse beroepsbevolking werkt 55 procent wel eens 's avonds, 's nachts of in het weekeinde. Dat zijn bijna vier miljoen mensen. Ruim 44 procent heeft wel eens avonddienst en 16 procent werkt 's nachts.

Haar man werkt als wijkverpleegkundige in hun woonplaats Delft. Toen vijf jaar geleden hun eerste kind werd geboren, konden zij hun onregelmatige werktijden redelijk combineren met de zorg voor hun kind. Anita Duijndam ging drie in plaats van vijf dagen werken en hij vier dagen. Zij was toen wel erg afhankelijk van haar dienstrooster. ,,Als het rooster bekend was, ging ik meteen diensten ruilen met collega's zodat het aansloot op het rooster van mijn man.'

Meestal lukte het om te ruilen, maar niet altijd. En ze voelde, en voelt zich nog steeds, bezwaard als ze `nee' moest zeggen tegen iemand die wilde ruilen met haar. Tegenwoordig probeert ze vooral dagdiensten aan te vragen, maar ze is verplicht per maand minimaal drie of vier nachten achter elkaar te werken. ,,Je kan wel opgeven wanneer je wilt werken, maar of dat ook zo wordt ingeroosterd moet je maar afwachten', vertelt ze.

Drie jaar geleden werd hun tweede kind geboren. Anita en haar man besloten een `gastouder' in dienst te nemen. Hun eigen ouders passen alleen in noodgevallen op. Haar ouders hebben het druk met het leven op een boerderij en zijn moeder wil liever geen vaste oppas zijn. De gastouder hebben zij gevonden via zijn moeder.

Het ziekenhuis biedt wel de mogelijkheid kinderen op te vangen, maar dat is eigenlijk geen optie voor Anita Duijndam, omdat de opvang met vaste, regelmatige tijden werkt en bovendien duur is. Ze zou dan ruim 200 euro voor anderhalve dag kwijt zijn aan opvang voor twee kinderen. Nu betaalt ze de gastouder per uur 3,20 euro per kind en 5 euro per twee kinderen, dus voor anderhalve dag zo'n 60 euro voor beiden. De meeste van haar collega's lossen de opvang voor hun kinderen evenmin op met een crèche, want dat valt met de onregelmatige werktijden haast niet te regelen, legt Duijndam uit. Het ziekenhuis regelt ook gastouders, maar daar was een wachttijd voor van twee jaar.

Anita Duijndam heeft wel even een regelmatige baan van negen tot vijf uur geprobeerd nadat haar tweede kind was geboren. Ze deed de verpleegkundige zorg in een dagopvang voor chronisch zieke kinderen. ,,Maar ik miste de kick van de intensive care', vertelt ze. Ze had een opleiding gevolgd tot IC-verpleegkundige en altijd op de intensive care gewerkt. De combinatie van hightech en de omgang met kinderen en ouders miste ze in de dagopvang. Een jaar geleden begon ze daarom weer als IC-verpleegkundige. Ze voelde zich wel gezonder toen ze nog in de dagopvang werkte. En ook haar familieleven leed er minder onder. ,,Door de onregelmatige werktijden kunnen mijn man en ik zelden samen naar een verjaardag.'

Elke twee maanden moet ze naast de verplichte nachtdiensten ook drie weekeinden werken. En net als voor de nachtdienst krijgt ze extra betaald: zaterdags na acht uur 47 procent extra en zondags 72 procent. In het Sophia kinderziekenhuis werkt Duijndam in een groter team dan bij de dagopvang en kan ze makkelijker een dag vrij nemen als ze voor haar kinderen moet zorgen. ,,Ik vind het wel vervelend dat ik meestal niet meteen weg kan bij mijn werk, maar gelukkig zijn mijn kinderen nauwelijks ziek.'

Duijndam heeft geen schuldgevoel dat haar kinderen een gastouder hebben. Ze vindt het eigenlijk wel goed dat een ander persoon op een andere manier naar haar kinderen kijkt. ,,Ik zou alleen van die nachtdiensten af willen.'

Dit is het derde en laatste deel in een serie over nachtwerkers. De vorige twee verschenen op 27 december en 7 januari en zijn na te lezen op www.nrc.nl

    • Marleen Luijt