Intiem literair toneelstuk in een tochtige busremise

Er zijn veel dingen waaraan je denkt bij het zien van de Conexxion busremise achter het Leidse Centraal Station, maar toneel is niet de meest voor de hand liggende associatie. Er zijn ook veel dingen waaraan je denkt bij het lezen van het werk van F.B. Hotz (1922-2000), maar zijn prachtige, ingehouden proza doet niet dadelijk aan de bühne denken. Dan nog eerder aan een busremise: zijn novelle De voetnoot speelt zich af in de jaren twintig en dertig. Rails, bielzen, locomotieven en andere zwaarmetalen verschijningsvormen van de vooruitgang bepalen de sfeer van het boek.

Dus is het wel passend dat De voetnoot nu als theaterstuk wordt gebracht in een steenkoude hal – straalkachels, paardendekens en glühwein in de pauze moeten het verblijf op de tribunes draaglijk maken – waar je een vlaag diesellucht tegemoet waait als een van de bussen in beweging komt. Het geluid van Hotz, geregisseerd door Nicole Linssen, is de eerste productie van de Bontekoespelen, een Leidse stichting die locatietheater in die stad wil maken.

De industriële sfeer (Hotz woonde het grootste deel van zijn leven op een steenworp afstand van de remise, waar vroeger de Leidse trams stonden) wordt versterkt door de vormgeving van de voorstelling.

Het decor, verzorgd door Ernst Dullemond, bestaat uit mooie installaties met grote metalen platen, kiezelstenen en steenkool die in evenwicht worden gehouden door huiselijker objecten als een koffergrammofoon, een theepot of een dameshoedje. Achterin staat een kippenren van glas en metaal, van waaruit geregeld een dier ontsnapt. Het geheel verraadt een grote liefde voor het betere knutselwerk.

Tegen die achtergrond speelt acteur Leo Hogenboom zijn voorstelling, waarbij hij zich, enkele weglatingen daargelaten, letterlijk aan de tekst van F.B. Hotz houdt. In die tekst herinnert een man zich hoe hij als Leids jongetje op een dag in 1926 plotseling een verschrikkelijk geluid hoort, een `onweer dat uit de grond opstijgt', waarvan de oorzaak hem in de loop der jaren duidelijk wordt. Het is tevens de levensgeschiedenis van zijn tante Ina, die een voet verloor bij een treinongeluk en de rest van haar leven besteedde aan procedures tegen de Nederlandse Spoorwegen. Een strijd die zij voerde onder het motto: ,,Je moet niet blijven vragen naar de oorzaak van ongeluk in de wereld, maar naar het doel ervan.''

De zorgvuldig gedeclameerde tekst van Hotz wordt ondersteund door de grote hoeveelheid muziek en geluiden die Bert Visser ten tonele brengt. Soms doet hij dat met groot gevoel voor theater, bijvoorbeeld wanneer zijn arm met microfoon wild rondzwaait om het gebulder van een voorbijdenderende trein na te bootsen. Op andere momenten plaatst hij een vijftiental kleine speakertjes over de vloer, die druppelgeluiden door de ruimte verspreiden.

Leo Hogenboom speelt ingetogen en dienstbaar aan de woorden van Hotz. Slechts bij vlagen hindert het dat de novelle De voetnoot geen oorspronkelijke toneeltekst is. Soms gaat hij springend door het decor, klimt hij op een ladder of stapt hij de kippenren in, maar hij waakt ervoor om de tekst en de muziek niet te overschreeuwen. Het Geluid van Hotz is zo ondanks het kolossale formaat van de busremise een mooie, intieme voorstelling geworden, die de kou doet vergeten.

Voorstelling: Het Geluid van Hotz door stichting de Bontekoespelen. Regie: Nicole Linssen. Te zien t/m zondag 12 januari (wo t/m za om 20.30 uur, zo 16.00 uur) in de busremise van Connexxion, Rijnsburgerweg 1, Leiden. Wo t/m za om 20u30, zo 16u. Toegang €12,–/€10,– Reserveren via de Leidse Schouwburg: 071-5131943/44

    • Arjen Fortuin