Het Absalombeginsel

Nederlandse soldaten op oefening in het buitenland sprongen er in het recente verleden nogal eens uit door hun lange haren of oorringetjes. Moet kunnen, vond de legertop, tenzij dat lange haar lastig of gevaarlijk was voor het werk. Dit criterium is al bekend uit de bijbel, van Absalom, die op de vlucht met zijn lange haren in een boom bleef hangen. Persoonlijke expressie is kortom een groot goed, maar de functie-uitoefening stelt daaraan natuurlijke grenzen.

Met reden heeft de Amsterdamse onderwijsinstelling ROC dan ook enkele vrouwelijke leerlingen laten weten dat zij op school niet een zogeheten nikaab kunnen dragen die het hele gezicht bedekt. Een hoofddoek kan wel, want die verhult niet hun gezichtsexpressie, die in de opleiding tot kinderverzorgster die zij volgen, een rol speelt. Het is een redenering waar geen speld tussen is te krijgen en die niet beperkt blijft tot kinderleidsters in spe. Ook op een doorsnee inburgeringsles is het een elementair vereiste dat de leerkracht kan zien hoe de leerling met de vreemde woorden omgaat. Opmerkelijk aan het ROC is niet zozeer de genomen maatregel, maar vooral dat de leerlingen zelf kennelijk niet op de gedachte komen dat zo'n tentsluier op school niet thuishoort. En straks evenmin op hun werk. De Commissie gelijke behandeling heeft weliswaar bepaald dat het wettelijk verbod van onderscheid op grond van godsdienst mede betrekking heeft op het dragen van een hoofddoek vanuit moslim-geloofsovertuiging, maar de wet verplicht nog steeds niet een werkgever iemand aan te nemen van wie hij de geschiktheid niet eens kan beoordelen.

De commissie gaat toch al vrij ver. Zij bepaalde al eens dat een arts zich schuldig maakte aan discriminatie toen hij er bezwaar tegen maakte dat een assistente opeens met een hoofddoek de praktijk inkwam. Onlangs vond de commissie nog dat een rechter in toga met hoofddoek moet kunnen. De minister van Justitie heeft dat oordeel terecht niet overgenomen. Respect voor iemands persoonlijke levensovertuiging betekent nog niet dat anderen verplicht zijn zendingsijver of alleen maar opdringerigheid te accepteren.

Een staat die principieel geen boodschap heeft aan de kerk, behoort zelfexpressie van personen te respecteren. Godsdienst is een grondrecht en heeft een streepje voor. Wettelijke kledingsvoorschriften dienen dan ook te worden vermeden (al kent de strafwet wel een uniformverbod), zo goed als het ook niet verboden is tijdens een openbare demonstratie bivakmuts of ruitjessjaal te dragen. Al kan dat lastig zijn voor de politie. Beter dan ingrijpen van de wetgever is dat de wal het schip keert – zoals nu gebeurt bij het ROC Amsterdam.

Gerectificeerd

Griffier

In het hoofdarikel Het Absalombeginsel (8 januari, pagina 9) staat dat de Commissie gelijke behandeling heeft gezegd dat een rechter met hoofddoek moet kunnen. Het betrof een sollicitante voor de post van griffier. Deze functionaris is geen rechter, maar wordt wel gerekend tot de rechterlijke ambtenaren, zit naast de rechters in de zittingszaal en draagt een toga.