Van der G. spreekt in theater

Wat hebben Marinus van der Lubbe en Volkert van der G. gemeen? De vergelijking ligt wat gevoelig; de een is immers een mislukte held die in 1933 de Rijksdag in Berlijn in de brand stak, de ander een geslaagde schurk die in 2002 Pim Fortuyn doodschoot. Voor je het weet vergelijk je indirect Fortuyn met Hitler. Maar toch, ze zijn beiden eenzame, linkse activisten die door het plegen van een opzienbarende misdaad een nieuwe, populistische politicus wilden stoppen. En ze stonden dit weekeinde allebei in de Amsterdamse schouwburg om hun zaak te bepleiten.

Met het micro-festival Brandhaarden verlevendigde ZT Hollandia de afgelopen drie dagen alle hoeken van de Stadsschouwburg in Amsterdam. De Eindhovense toneelgroep toonde politiek theater, aangevuld met politieke speelfilms en gefingeerde redevoeringen van opinieleiders, gespeeld door acteurs. Ex-minister Eduard Bomhoff (Bert Luppes) wilde de ziektewet en de WAO afschaffen om de `overconsumptie van de zorg' tegen te gaan. Cisca Dresselhuys (Chris Nietvelt) beschouwde het hedendaagse feminisme.

En Volkert van der G. (Aus Greidanus jr.) onthulde waarom hij meewerkte met Justitie. Zijn komst naar de schouwburg is een aardige stunt die speels wordt ingevuld. Hij is onschuldig, de kogels kwamen niet uit zijn Firestarter-pistool. Maar Justitie heeft nu eenmaal een dader nodig, en hij kan toch niet naar buiten, gezien het gevaar om gelyncht te worden. Hij blijft zitten om onze verwachtingen niet te verstoren. Van der G. wordt stiekem vrijgelaten, maar hij zal nooit vrij zijn: ,,Het voelt alsof ik de rest van mijn leven een dark room moet delen met een lijk.''

Artistiek leider Johan Simons zou graag vaker in Amsterdam staan, omdat hier veel Hollandia-publiek woont. Brandhaarden geeft hem ook de kans zijn twee grootste internationale successen én complementaire stukken, De val van de Goden en Ongebluste Kalk, hier te tonen. Als geëngageerd regisseur wil Simons met zijn werk aan het politieke debat bijdragen. Door zijn voorstellingen tegelijk te tonen gaan ze vanzelf kruisverbanden aan. Marinus van der Lubbe gaat op Volkert van der G. lijken. De rassenoorlog in voormalig Joegoslavië (Moordende woorden) had zijn kiem in de Tweede Wereldoorlog (De val van de goden). Fedja van Huêt steekt 's middags in Ongebluste kalk als Van der Lubbe de Rijksdag in de brand. 's Avonds staat hij in De val van de goden als nazi op dezelfde plaats, en kondigt de gevolgen van de brand aan.

Moordende woorden is het eerste toneelstuk van de in Nederland wonende Kroatische schrijfster Dubravka Ugresic (1949). In een dames-talkshow vertelt de verkrachte Bosnische Anna over de oorlog in haar land. Maar al snel blijkt dat ze weigert zich door de tv te laten misbruiken. Zij wil niet voldoen aan het stereotype van de door Servische soldaten verkrachte moslimvrouw, die voor de camera wordt gehaald omdat ellende goed verkoopt. De boodschap van Anna – en van Ugresic – is dat de media de brand op de Balkan hebben aangestoken. De media zetten de waarheid naar hun hand, ter wille van de geloofwaardigheid. En geloofwaardig is dat wat beantwoordt aan onze verwachtingen. Wij denken dat taal dient tot beter begrip van elkaar, zegt Anna, maar taal kan juist tot verwijdering leiden. Ze zegt dat Serviërs en Kroaten elkaar opbelden op het slagveld om elkanders haat te voeden.

Anna (Betty Schuurman) draagt boerenbonte Balkankleding, met een zwarte pruik. Later blijkt dat zij zich voor haar rol verkleed heeft, en zij zet na een démasqué haar pruik af. Ze is blond. Dat ligt er wat dik bovenop, en dat geldt voor meer. Om effectief te zijn moet politiek theater nuances offeren, maar in dit geval is iets te veel gesneuveld. De tv-presentatrice die Anna ondervraagt (Sophie Decleir) is van meet af aan een plastic rotwijf. De sympathie van de kijker blijft daardoor bij Anna liggen, waardoor de tweestrijd aan spanning verliest. Schuurman overtuigt door de onnadrukkelijke heldere manier waarop ze haar verhaal doet; nooit zielig, maar ook niet te onderkoeld of drammerig.

De tekst is een boeiend discussiestuk over de corrumperende invloed van de media. Leven van leed leidt tot beroepsdeformatie bij journalisten. Maar uiteindelijk is Ugresics stelling te algemeen en daarom onschadelijk. `De media' beschuldigen is even onzinnig als `de Serviërs' of `de moslims' beschuldigen. `De media' bestaan niet. Alleen al de vergelijking tussen bijvoorbeeld deze krant en een talkshow à la Oprah Winfrey gaat volkomen mank. Laat staan de vergelijking tussen Nederlandse media en Joegoslavische propagandabladen – en tv-zenders.

Festival: Brandhaarden van ZT Hollandia. Gezien: 3-5 jan Stadsschouwburg Amsterdam. Inl. 040-2333633 of www.zthollandia.nl.

    • Wilfred Takken