Vallen, opstaan en winnen

Een jonge vrouw uit Kroatië heeft de skiwereld veroverd als om aan te tonen dat niet alleen traditionele skilanden skikampioenen voortbrengen. Vorig jaar werd ze in Salt Lake City door de neutrale toeschouwer in stilte gekroond tot de koningin van de Winterspelen, dankzij haar drie gouden medailles en één zilveren. Een olympische erelijst die temidden van verhalen over Amerikaanse tranen en Nederlandse schaatstriomfen te weinig aandacht kreeg.

Janica Kostelic heet deze jonge skister uit Zagreb die meer tot mijn verbeelding spreekt dan welke schaatser of schaatsster ook. Terwijl half Nederland zich vergaapte aan Hollandse dikkonten op de schaatspiste van Heerenveen vierde zij in het Italiaanse Bormio haar 21ste verjaardag met weer een superieure overwinning op de slalom. Met een kracht en een vaardigheid die mij als amateurskiër de adem benam, stortte zij zich langs de Kippstangen om mij achter te laten in verbazing over hoe een meisje uit nota bene Kroatië toch zo goed en snel op de ski's heeft kunnen worden.

Een uur later toonde haar broer Ivica zich op hetzelfde onderdeel, de slalom, in Kranjska Gora in Slovenië eveneens de snelste. Dankzij de tv-zender Eurosport kon ik er gelukkig getuige van zijn dat elders in de sportwereld meer te doen was dan schaatsen – het eeuwig durende schaatsen. Adembenemende sport kreeg ik voorgeschoteld door adembenemende sporters uit een land dat tot voor kort geen enkele goede skiër voortbracht.

Stenmark, Zurbriggen, Tomba en Girardelli heb ik van nabij mogen zien. Skiërs die ik zich aan de top van een piste heb zien voorbereiden en die ik heb zien visualiseren om zich vervolgens naar beneden te storten. Dat angstaanjagende geluid van roetsjende ski's en klappende stokken vergeet ik nooit. Wat een ondergewaardeerde sport is skiën toch, in vergelijking met dat domme schaatsen. Door merg en been gaan die geluiden als ik zelf op de ski's sta. Die stiltes van Stenmark en Zurbriggen tijdens interviews en dat verbale geweld van Tomba vergeet ik nooit. Skiën is meer dan een strijd tegen de klok.

Het is bijzonder dat een jonge vrouw als Janica Kostelic al sinds een jaar of drie de beste is van de skisters. Een vrouw die niet geboren is in een land waar besneeuwde bergtoppen in de onmiddellijke nabijheid liggen. Haar ouders skieden, dat was alles. Toen zij dochter en zoon al op peuterleeftijd op de ski's zetten, hoopten zij niet meer dan dat zij er plezier aan beleefden. Er waren geen rolmodellen waarmee Janica en Ivica zich identificeerden. Ze wilden slechts skiën, zo goed en zo snel mogelijk. Totdat Janica vanaf haar negende jaar alle wedstrijdjes won. Toen dacht vader Ante, zelf een goed skiër en sportleraar: 'mijn dochter is een kampioen'.

Janica won alles wat ze als meisje kon winnen. Trainen en trainen, met haar vader, moeder en broer. Ze had het lichaam, de lenigheid en vooral het gevoel. Maar ze ging te ver in haar enthousiasme. Een jaar voor de Spelen van 2002 scheurde ze de kruisbanden van beide knieën. Ze onderging een handvol operaties. In Salt Lake City glorieerde ze, als eerste vertegenwoordiger van Kroatië die een medaille op de Winterspelen won. Ze straalde, maar was nog steeds niet verlost van alle leed. Weer raakte ze geblesseerd, weer een operatie. Hield het dan nooit op?

Afgelopen zaterdag zag ik haar vallen, op weg naar de overwinning op de reuzenslalom in Bormio. Ze viel hard, ze viel weer. Een dag later stond ze toch aan de start van de slalom. Ze had hoofdpijn, maar ze was jarig. Ze slalomde omlaag, haar carvetechniek onder controle, vastberaden. En won. Beneden wachtte een taart. Ik dacht: wat een meid, dáár heb ik nu respect voor! Vallen en opstaan, als een skiër uit een door god vergeten land, dat is het leven!

    • Guus van Holland