Na het darten een sprintje naar de pub

Iedere eerste week van januari wordt in het Engelse Frimley Green de Embassy gehouden, het belangrijkste dartstoernooi ter wereld. Duizenden fans overspoelen het dorp, maar toch wordt de rust nauwelijks aangetast.

Een Vlaams auteur omschreef de omvang van zijn geboortedorp eens als drie vloeken en een rochel. Dat kenschetst ook Frimley Green, gesticht door het Britse leger als onderkomen voor zijn officieren. Het dorp in het graafschap Surrey is als ieder Engels plattelandsplaatsje: lekker rustig in de zomer en een beetje saai in de winter.

Tegenwoordig wordt Frimley Green vooral bevolkt door de upper class, vaak aan Londen gebonden door het werk. Per auto is het naar de hoofdstad slechts een half uur. Daardoor is er in de laatste decennia veel bijgebouwd. Het aantal inwoners schommelt rond de 17.500. Een stuk hoger dan je verwacht als je door het plaatsje loopt.

De wandelaar zal in Frimley Green geen lange tochten maken. De dorpskern is aardig en de buitenhuizen zijn talrijk, maar het geheel is zeer compact gebouwd. Vier kerken, drie pubs, twee restaurants en een handvol winkels zijn op bijna onopvallende wijze tussen de huizen geplaatst. Voor wie van rust houdt, kan het leven hier goed zijn.

Dat is tenminste de mening van Lee Blewett. De 33-jarige eigenaar van de `Rose and Thistle', een pub gelegen aan Sturt Road, verhuisde van Londen naar Frimley Green. Na uitbater te zijn geweest van twee hoofdstedelijke pubs, zocht hij een rustiger plekje. Maar wel vlak bij zijn Londense vrienden.

Onmiddellijk nadat hij de pub kocht, veranderde Blewett het interieur. ,,Europees'', zegt hij zelf, daarmee doelend op het vasteland van Europa. ,,Vooral met het oog op de Embassy. Ik wilde een sfeer waarin de fans van de Europese spelers zich thuis voelen. Omdat ze hun aanwezigheid bij het darts als een soort vakantie beschouwen, zijn zij immers degenen die hier komen eten.''

Daarmee geeft hij het economische belang aan dat de Embassy heeft voor het plaatsje. Zelf koopt Blewett zo'n dertig procent meer in voor de negen dagen van het toernooi. Bij het aan de overkant gelegen supermarktje `One Stop Community Store' weten ze helemaal niet meer hoeveel ze moeten inkopen. Vorig jaar werden dagelijks meer sigaretten, fotorolletjes en batterijen verkocht dan kon worden aangevoerd.

Pubeigenaar Blewett: ,,Het is de drukste week van het jaar. Zo'n 10.000 fans bezoeken ons stadje. Vooral buitenlanders – en dat worden er ieder jaar meer – geven veel geld uit. De Britten weten natuurlijk het best hoe laat de pubs sluiten. Zij sprinten na afloop altijd hierheen om nog een biertje te kunnen kopen. Het is een mooi gezicht als je ze hollend de hoek om ziet komen.''

De fans bezoeken Frimley Green niet alleen tijdens de Embassy. Blewett: ,,Dankzij het darts staan we echt op de kaart en hebben we als dorpje bekendheid gekregen. In de vakantieperiodes komen er veel toeristen hierheen. Vaak komen ze naar Londen en bekijken dan ook het mekka van de dartssport. Het is voor sommigen echt een bedevaart.''

Maar niet iedereen merkt veel van de dartsfans. De 40-jarige Neil Wells laat op zondagochtend zijn hondje uit en koopt onderweg de kranten. Met het stapeltje nieuws onder de arm, kaplaarzen aan de voeten en een pet op het hoofd, oogt hij als een typisch Britse plattelander. Alleen de smeulende pijp ontbreekt bij deze inwoner van Frimley Green. ,,De winkeliers en horeca doen goede zaken, maar voor ons is er weinig verschil'', zegt Wells. ,,Ik ben hier negen jaar geleden komen wonen wegens de rust en de korte reistijd naar Londen en de kust. De invasie van dartsfans gaat eigenlijk altijd een beetje langs ons heen.''

De zwarte hond trekt ongeduldig aan de riem. ,,Down Barney'', roept Wells het beest toe. Dan schiet hij in de lach en zegt: ,,Nee, mijn hond is niet genoemd naar jullie darter. Ik kreeg hem toen ik hier net woonde en heb hem vernoemd naar de Barn, de schuur die vijfhonderd jaar geleden het enige was wat hier stond.''

    • Hans Willink